Spelregelvraag van de week

Elke week plaatsen we op deze site een actuele spelregelvraag. Je kunt deze voor jezelf maken en als je wilt het door jou gekozen antwoord + uitleg waarom je dat denkt als opmerking eronder zetten. Na een week volgt het goede antwoord én de nieuwe vraag. De actuele vraag van de week kun je vinden op de homepage van deze website. Hieronder tref je de voorgaande vragen van de week aan, compleet met het juiste antwoord en een toelichting.

Voor de vragen uit 2018 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2017 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2016 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2015 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2014 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2013 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2012 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2011 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2010 kun je hier klikken.

Spelregelvraag van de week (4 januari 2019):

De doelverdediger mag een doelschop nemen. Omdat hij dit snel wil doen, werpt hij de bal vanuit zijn handen op de grond en als deze nog rolt, maar nog wel binnen het doelgebied is, trapt hij de bal correct het spel in. Is dit geoorloofd?

A. Ja dat is geoorloofd, want de bal was volgens de regel nog in het doelgebied toen deze getrapt werd.

B. Neen, dat is niet geoorloofd, want bij het nemen van een doelschop moet de bal stilliggen.

C. Neen dat is niet geoorloofd, want de bal lag niet stil op de horizontale lijn van het doelgebied.

D. Dit is wel geoorloofd, want de doelschop mag op elke willekeurige plaats vanuit het doelgebied worden genomen.

Het antwoord had B moeten zijn: sinds 2016 is bepaald dat de bal bij het nemen van een doelschop stil moet liggen binnen het doelgebied. De plaats mag willekeurig worden gekozen binnen dat doelgebied.

Spelregelvraag van de week (11 januari 2019):

Stelling 1: Als een speler een scheidsrechtersbal wint en deze gelijk tegen de paal schiet mag hij de bal niet meer spelen.  

Stelling 2: Als er bij een scheidsrechtersbal een overtreding wordt gemaakt voordat de bal de grond heeft geraakt is de hervatting altijd een scheidsrechtersbal.

A. Alleen stelling 1 is goed.

B. Alleen stelling 2 is goed.

C. Beide stellingen zijn goed.

D. Beide stellingen zijn niet goed.

Het antwoord had B moeten zijn: Uit een scheidsrechtersbal kun je niet rechtstreeks scoren, maar je mag de bal wel twee keer achtereen spelen of raken. Wordt de bal rechtstreeks in het doel van de tegenpartij geschoten, dan is de spelhervatting een doelschop. Speel je de bal rechtstreeks in je eigen doel, dan is de spelhervatting een hoekschop. Bij een scheidsrechtersbal is de bal pas in het spel als deze de grond raakt. Gebeurt er iets voordat de bal de grond raakt, dan dient de scheidsrechterbal altijd te worden overgenomen. Wel kan de overtreder een persoonlijke straf krijgen.

Spelregelvraag van de week (18 januari 2019):

Een indirecte vrije schop ter hoogte van de strafschopstip, te nemen door de aanvallende partij, wordt zo uitgevoerd, dat een aanvaller de bal aanraakt, maar waardoor deze bijna niet zichtbaar beweegt. Een tweede aanvaller schiet nu de bal op het doel. Wat beslist de scheidsrechter als de bal rechtstreeks in het doel wordt geschoten?

A. Hij keurt het doelpunt goed.

B. Hij laat de vrije schop overnemen.

C. Hij keurt het doelpunt af en hervat met een doelschop.

D. Hij keurt het doelpunt af en hervat met een indirecte vrije schop tegen de aanvallende partij wegens onsportief gedrag.

Het antwoord had C moeten zijn: Sinds enige tijd is in de regels bepaald, dat bij het even aanraken van de bal deze pas geacht wordt in het spel te zijn nadat de scheidsrechter heeft kunnen constateren, dat de bal duidelijk beweegt. Omdat hier geen sprake was van duidelijk bewegen, wordt uit de indirecte vrije schop rechtstreeks gescoord en dat kan nooit een doelpunt opleveren. Spelhervatting hier derhalve een doelschop.

Spelregelvraag van de week (25 januari 2019):

Bij een doelschop, die te zacht wordt genomen, loopt een aanvaller van de tegenpartij te vroeg toe. Een verdediger ziet dit en ontneemt hem de weg naar de bal door een onbesuisde overtreding te maken binnen het strafschopgebied. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Hij fluit en laat alleen de doelschop overnemen.

B. Hij fluit, toont de verdediger een gele kaart en laat de doelschop overnemen.

C. Hij fluit, toont de verdediger een rode kaart en laat de doelschop overnemen.

D. Hij fluit, toont de verdediger een gele kaart en kent een strafschop toe.

Het antwoord had B moeten zijn: Toen de overtreding werd gemaakt was de bal nog niet in het spel, omdat deze nog niet rechtstreeks buiten het strafschopgebied was én dient de doelschop derhalve te worden overgenomen. De verdediger maakt wel een onbesuisde overtreding, waarvoor hij een gele kaart getoond krijgt.

Spelregelvraag van de week (1 februari 2019):

Omdat het shirt van een speler gescheurd is, gaat hij buiten het speelveld een ander shirt aantrekken. Hij betreedt vervolgens het speelveld om zich bij zijn team te voegen, zonder voorafgaande toestemming van de scheidsrechter. Hoe reageert de scheidsrechter nu?

A. Een indirecte vrije schop en een waarschuwing door het tonen van de gele kaart tegen de teruggekeerde speler.
B. De scheidsrechter laat gewoon doorspelen.
C. Een indirecte vrije schop tegen de teruggekeerde speler.
D. De scheidsrechter stuurt de bewuste speler terug naar de zijlijn, controleert vervolgens zijn uitrusting en geeft hem vervolgens toestemming het veld te betreden.

Het antwoord is B: Omdat hij het speelveld uit eigen beweging had verlaten om zijn uitrusting in orde te brengen, mag hij ook zo weer terugkeren zonder daarvoor toestemming te krijgen. Had de scheidsrechter hem weggestuurd om zijn uitrusting in orde te maken, dan had hij wel toestemming moeten krijgen om weer terug te keren.

Spelregelvraag van de week (8 februari 2019):

Een verdediger trapt in een duel op de rand van het doelgebied veel te hoog de bal voor het gezicht van een aanvaller weg, op het moment dat die aanvaller de bal in het verlaten doel wil koppen. De aanvaller wordt hierbij niet geraakt, omdat de aanvaller de verdediger op datzelfde moment met beide handen wegduwde. De bal wordt echter door de verdediger alsnog over het eigen doel getrapt. Wat zal de beslissing van de scheidsrechter moeten zijn?

A. Beide spelers begaan tegelijkertijd een overtreding, de scheidsrechter fluit af en hervat met een scheidsrechtersbal.

B. De scheidsrechter fluit af en laat hervatten met een directe vrije schop voor de verdediger. De overtreding van de aanvaller is de ernstigste overtreding.

C. De scheidsrechter fluit af, stuurt de verdediger van het speelveld door het tonen van de rode kaart wegens het ontnemen van een duidelijke scoringskans en laat hervatten met een indirecte vrije schop tegen de verdediger. De overtreding van de verdediger is qua sanctie de ernstigste overtreding

D. Beide overtredingen zijn even ernstig, de scheidsrechter laat doorspelen. In deze situatie kent hij daarom een hoekschop toe.

Het antwoord had C moeten zijn: Hier worden twee overtredingen gelijktijdig gemaakt. De aanvaller duwt de verdediger weg en de verdediger maakt zich schuldig aan het ontnemen van een duidelijke scoringskans. En dat wordt als sanctie als de zwaarste overtreding gezien. Omdat de aanvaller niet wordt geraakt, is hier sprake van gevaarlijk spel zonder fysiek contact en is de spelhervatting een indirecte vrije schop.

Spelregelvraag van de week (15 februari 2019):

De bal is op het middenveld in het spel. De scheidsrechter ziet nu dat een speler een andere speler binnen het speelveld een klap geeft en onderbreekt het spel. De slaande speler wordt weggezonden door het tonen van de rode kaart. Op welke wijze kan nu het spel worden hervat?

A. Met een strafschop of directe vrije schop

B. Met een directe vrije schop of een indirecte vrije schop

C. Met een strafschop of een indirecte vrije schop

D. Met een indirecte vrije schop of een scheidsrechtersbal

Het antwoord op de vraag had A moeten zijn: Het slaan van een tegenstander geeft altijd een rode kaart als persoonlijke straf. Omdat hier staat dat de overtreding binnen het speelveld wordt gemaakt, maar niet of het ging om een aanvaller of een verdediger en ook niet of het binnen of buiten het strafschopgebied is gebeurd, kan de spelhervatting zowel een directe vrije schop als een strafschop zijn.

Spelregelvraag van de week (22 februari 2019):

Bij een bekerwedstrijd moet de beslissing vallen door het nemen van strafschoppen. Uit de derde strafschop wordt gescoord en de scheidsrechter kent het doelpunt toe. De doelverdediger is het niet eens met deze beslissing, omdat hij van mening is dat de bal de doellijn niet volledig heeft gepasseerd en hij beledigt op grove wijze de scheidsrechter. De scheidsrechter toont hem de rode kaart. Mag de doelverdediger nu worden vervangen door de reservedoelman die nog op de bank zit?

A. Ja, een doelverdediger mag altijd tijdens een strafschoppenserie worden vervangen door een reservedoelman die op de bank zit.

B. Ja, dit mag mits deze reservedoelman vermeld staat op het wedstrijdformulier.

C. Ja, dit mag mits er tijdens de wedstrijd nog niet drie keer gewisseld werd.

D. Nee, hij mag alleen worden vervangen door een andere deelnemer aan de strafschoppenserie.

Het antwoord had D moeten zijn: Omdat het hier om het wegzenden van een doelman gaat, mag voor hem geen vervanger worden ingezet en moet één van de andere deelnemers van de strafschoppenserie zijn plaats innemen. Was hij geblesseerd geraakt en had men nog niet driemaal gewisseld, dan had hij wel vervangen mogen worden door een reserve-doelman.

Spelregelvraag van de week (1 maart 2019):

Op het moment dat een speler binnen het speelveld voorbij komt lopen, gooit een gewisselde speler van de tegenpartij vanaf de bank een bidon naar deze speler. Hoe hervat de scheidsrechter het spel, nadat hij dit heeft onderbroken en de gewisselde speler een rode kaart heeft getoond?

A. Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

B. Met een indirecte vrije schop op de plaats waar de speler werd geraakt.

C. Met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

D. Met een directe vrije schop op de plaats waar de speler werd geraakt of geraakt zou worden.

Het antwoord had D moeten zijn: Regel 12, blz. 58 laatste alinea. Als een wisselspeler, gewisselde of verwijderde speler, of een speler die het speelveld tijdelijk heeft verlaten of een teamofficial een voorwerp op het speelveld trapt of gooit, en het beïnvloedt de loop van het spel, een tegenstander of een wedstrijdofficial, dan wordt het spel hervat met een directe vrije schop (of strafschop) op de plaats waar het voorwerp het spel beïnvloedde of de tegenstander, wedstrijdofficial of de bal raakte of geraakt zou hebben.

Wil je eerdere vragen + antwoorden teruglezen? Klik hier.

Spelregelvraag van de week (8 maart 2019):

Bij een aanval door de tegenpartij stapt een verdediger opzettelijk over de zijlijn, omdat hij denkt, dat je zodoende een aanvaller buitenspel kunt zetten. Nadat de doelman de bal heeft gevangen stapt de verdediger weer het speelveld in. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij laat doorspelen.

B. Hij onderbreekt en zal de verdediger een gele kaart tonen wegens het zonder toestemming verlaten en betreden van het speelveld. Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de verdediger het veld in kwam.

C. Hij laat doorspelen en zal de verdediger bij de eerstvolgende onderbreking een gele kaart tonen wegens het zonder toestemming verlaten en betreden van het speelveld.

D. Hij onderbreekt en zal de verdediger een gele kaart tonen wegens het zonder toestemming verlaten en betreden van het speelveld. Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken.

Het antwoord had C moeten zijn: Regel 11, blz. 50 onder 4. Een aanvaller mag uit het veld stappen en daar blijven om niet actief betrokken te zijn bij het spel. Als de speler het veld weer betreedt vanaf de doellijn en actief betrokken raakt bij het spel voor de eerste spelonderbreking of voordat de verdedigende partij de bal richting de middenlijn heeft gespeeld en deze buiten het strafschop gebied is, zal de speler worden geacht zich op de doellijn te bevinden met het oog op de beoordeling van buitenspel. Een speler die bewust het speelveld verlaat en terugkeert zonder toestemming van de scheidsrechter en niet voor buitenspel wordt bestraft en voordeel haalt uit zijn handelen, moet een waarschuwing ontvangen.

Spelregelvraag van de week (15 maart 2019):

Welke straffen staat er op het spuwen van een medespeler?

A. Directe vrije schop + een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

B. Directe vrije schop + het wegzenden door het tonen van de rode kaart.

C. Indirecte vrije schop + een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

D. Indirecte vrije schop + het wegzenden door het tonen van de rode kaart.

Het antwoord op had C moeten zijn: Regel 12, pagina 56. Iemand bijten of bespuwen is altijd een rode kaart en als spelhervatting een directe vrije schop. Mocht een verdediger dit binnen zijn eigen strafschopgebied doen, dan volgt natuurlijk een strafschop.

Spelregelvraag van de week (22 maart 2019):

Bij een inworp blijft de inwerper zodanig lang met de bal in zijn handen staan, dat de scheidsrechter besluit om te fluiten en hem de gele kaart te tonen wegens tijdrekken. Hoe moet het spel hierna worden hervat?

A. Met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de zijlijn

B. Met een directe vrije schop voor de tegenpartij op de zijlijn

C. Met een inworp voor dezelfde partij

D. Met een inworp voor de tegenpartij

Het antwoord had C moeten zijn: Regel 12, pagina 54. Onsportief gedrag (tijdrekken). Omdat het tijdrekken als onsportief gedrag wordt gezien, kan de scheidsrechter de inwerper een gele kaart tonen. De spelhervatting blijft echter wel dezelfde omdat hier geen sprake is van een foutieve inworp.

Spelregelvraag van de week (29 maart 2019):

Een wedstrijd wordt gespeeld door twee partijen, elk uit niet meer dan elf spelers bestaande, van wie één de doelverdediger moet zijn. Een wedstrijd mag niet worden begonnen of voortgezet indien een partij bestaat uit minder dan zeven spelers. Na rust fluit de scheidsrechter om de tweede helft te laten beginnen. De nemer van de aftrap schiet de bal rechtstreeks op het doel van de tegenpartij. Op het moment dat de bal ter hoogte van het strafschopgebied is, ziet de scheidsrechter dat de bal in een leeg doel dreigt te gaan, omdat er geen doelverdediger van die partij op het speelveld staat. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Hij wacht af en als de bal in het doel gaat, kent hij een doelpunt toe.

B. Hij wacht af en als de bal in het doel gaat, laat hij de aftrap overnemen.

C. Hij fluit af, geeft opdracht om een doelverdediger aan te wijzen die als zodanig herkenbaar is en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen hij het spel onderbrak.

D. Hij fluit af, geeft opdracht om een doelverdediger aan te wijzen die als zodanig herkenbaar is en laat de aftrap overnemen.

Het antwoord had C moeten zijn: Regel 3, pagina 16. Een wedstrijd wordt gespeeld door twee partijen, elk uit niet meer dan elf spelers bestaande, van wie één de doelverdediger moet zijn. Een wedstrijd mag niet worden begonnen of voortgezet indien een partij bestaat uit minder dan zeven spelers. Op het moment dat de scheidsrechter ontdekte dat er geen doelverdediger was bij partij, moest hij het spel onderbreken. Nadat er alsnog een doelverdediger is gekomen dient het spel te worden hervat met een scheidsrechtersbal.

Spelregelvraag van de week (5 april 2019):

Een speler neemt een strafschop door de bal evenwijdig aan de doellijn te spelen. Een medespeler die niet te vroeg toeliep schiet de bal nu in het doel. In het verdere proces zijn geen overtredingen gemaakt. Wat is nu de beslissing van de scheidsrechter?

A. Aftrap na geldig doelpunt

B. Strafschop overnemen

C. Indirecte vrije schop

D. Indirecte vrije schop + gele kaart nemer strafschop.

Het antwoord had C moeten zijn: Regel 14, pagina 64 spelregels veldvoetbal. Bij een strafschop dient de bal in voorwaartse richting te worden gespeeld en de bal is in het spel als de bal is getrapt en duidelijk beweegt. Wanneer de bal niet in voorwaartse richting wordt getrapt, onderbreekt de scheidsrechter het spel en wordt hervat met een indirecte vrije trap voor de tegenpartij.  

Spelregelvraag van de week (12 april 2019):

Bij welke van de onderstaande overtredingen moet het spel hervat worden met een indirecte vrije schop?

A. Een speler maakt een discriminerende opmerking naar een tegenstander

B. Een doelverdediger pakt de bal op die uit een directe vrije schop doelbewust met de knie is toegespeeld door een medespeler

C. Een speler maakt een sliding en brengt daarbij een tegenstander ten val

D. Een speler valt een tegenstander met gestrekte benen aan

Het antwoord is A: Regel 12, pagina 53 spelregels veldvoetbal. Indien men zich schuldig maakt aan het geven van commentaar, het gebruiken van grove, beledigende of ongepaste taal, is de spelhervatting een indirecte vrije schop. Bij antwoord B wordt de vrije schop overgenomen omdat de bal niet is getrapt. Dus nog steeds de directe als spelhervatting. Bij antwoord C en D is de spelhervatting voor de overtreding een directe vrije schop.

Spelregelvraag van de week (19 april 2019):

Tijdens de wedstrijd loopt een wisselspeler het speelveld in om te wisselen met een speler, terwijl het spel gewoon doorgaat. De scheidsrechter onderbreekt het spel, omdat hij ziet dat de wisselspeler ingrijpt in het spel. Hij toont de wisselspeler een gele kaart, stuurt hem terug naar de zijlijn en laat hem pas weer toe nadat de uitgewisselde speler het speelveld heeft verlaten. Hoe zal nu het spel hervat moeten worden?

A. Een directe vrije schop voor de andere partij, op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken

B. Een directe vrije schop voor de andere partij, op de plaats waar de bal was toen de wisselspeler ingreep in het spel

C. Een indirecte vrije schop tegen de wisselspeler, op de plaats waar de wisselspeler stond toen hij werd teruggestuurd

D. Een scheidsrechtersbal, op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken

Het antwoord had B moeten zijn: Regel 4, pagina 18 spelregels veldvoetbal. Als de scheidsrechter het spel onderbreekt omdat een wisselspeler het veld heeft betreden zonder toestemming van de scheidsrechter en hij ingrijpt in het spel, dan is de spelhervatting een directe vrije schop op de plaats waar het ingrijpen plaatsvond. Greep hij niet in in het spel en de scheidsrechter had het spel onderbroken, dan is de spelhervatting een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter het spel onderbrak.

Spelregelvraag van de week (26 april 2019):
Een medespeler van de strafschopnemer loopt te vroeg toe. Een andere medespeler, die niet te vroeg is toegelopen, ontvangt nu de bal die door de nemer tegen de doelpaal is geschoten en scoort. De scheidsrechter moet nu:

A. Een doelpunt toekennen, maar de overtreder een waarschuwing geven door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag.

B. Een indirecte vrije schop toekennen aan de verdedigende partij op de plaats van de overtreding.

C. De strafschop laten overnemen en de te vroeg toegelopen speler waarschuwen door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag.

D. Een doelschop toekennen en een waarschuwing aan de overtreder door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag.

Het antwoord is B: Regel 14, pagina 63, onder 2, spelregels veldvoetbal. Als, voordat de bal in het spel is, een medespeler van de nemer een overtreding maakt en de bal gaat op dat moment (nog) niet in het doel, dan dient het spel te worden hervat met een indirecte vrije schop voor de verdedigende partij op de plaats van de overtreding.

Spelregelvraag van de week (3 mei 2019):
Een speler van partij A komt met een mooie passeeractie oog in oog met de doelman van partij B te staan. Deze weet hij met een mooi stiftje te passeren, alleen heeft de bal niet veel snelheid. Een verdediger van partij B komt met een ultieme poging nog bij de bal, door een sliding. Via zijn sliding komt de bal tegen de paal terecht. Vervolgens dreigt de bal weer bij de aanvaller van partij A te komen, maar de verdediger tikt de bal, terwijl hij nog op de grond ligt, met de hand in een andere richting. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Strafschop en rode kaart voor de verdediger

B. Strafschop en gele kaart voor de verdediger

C. Strafschop

D. Indirecte vrije schop

Het antwoord had A moeten zijn: Hier is dus duidelijk sprake van het ontnemen van een duidelijke scoringskans, doordat de bal met de hand wordt weggeslagen. De spelstraf hiervoor is een strafschop en de persoonlijke straf een rode kaart. 

Spelregelvraag van de week (10 mei 2019):

Bij een wedstrijd wordt het spel onderbroken omdat de doelman geblesseerd op de grond blijft liggen. De scheidsrechter laat verzorging toe. Nadat de geblesseerde doelman weer is opgelapt en de verzorger het veld weer heeft verlaten, hervat de scheidsrechter het spel met een scheidsrechtersbal. Hij vraagt aan de speler van partij B om de bal sportief te willen toespelen aan de geblesseerde doelman. Handelt de scheidsrechter hier correct?

A. Ja, uit oogpunt van sportiviteit een zeer correcte beslissing

B. Ja, hij mag dat wel vragen en men moet dat advies dan ook opvolgen

C. Ja, hij mag dat wel vragen, maar men hoeft het niet uit te voeren

D. Nee, dat mag de scheidsrechter niet vragen

Het antwoord had D moeten zijn: In de praktijk zal dit veelal zo worden toegepast, maar de scheidsrechter mag dit volgens de spelregels niet vragen. Door de wijziging van de spelregels per 1 juni a.s. zal de scheidsrechtersbal dan automatisch aan de doelverdediger worden gegeven.

Spelregelvraag van de week (17 mei 2019):

Een assistent-scheidsrechter vlagt omdat er sprake is van strafbaar buitenspel. De scheidsrechter mist dit vlagsignaal, maar hij fluit af omdat hij kort hierna een verdediger op de rand van zijn strafschopgebied een tegenstander ziet slaan. Hij loopt in de richting van het strafschopgebied, toont de verdediger de rode kaart en ziet dan dat de assistent-scheidsrechter met de vlag in de lucht staat omdat hij buitenspel heeft geconstateerd. Hoe moet de scheidsrechter nu het spel laten hervatten, als hij akkoord gaat met de uitleg van de assistent-scheidsrechter?

A. Met een directe vrije schop op de rand van het strafschopgebied.

B. Met een strafschop.

C. Met een scheidsrechtersbal op de rand van het strafschopgebied.

D. Met een indirecte vrije schop wegens strafbaar buitenspel.

Het antwoord had D moeten zijn: De eerste overtreding was dat een aanvaller strafbaar buitenspel stond. Voor het slaan van een tegenstander had hij het spel onderbroken. En omdat hij het spel daarvoor nog niet weer had hervat, moet hij hervatten met een indirecte vrije schop (wegens strafbaar buitenspel).

Spelregelvraag van de week (24 mei 2019):

Bij welke van onderstaande overtredingen moet het spel hervat worden met een directe vrije schop of strafschop?

A. Een speler trapt een medespeler binnen het speelveld

B. Een speler verlaat tijdens het spel het speelveld en trapt daar een toeschouwer

C. Een speler probeert een fotograaf achter het doel te slaan

D. Een toeschouwer spuwt van buiten het speelveld een speler in het speelveld in het gezicht

Het antwoord had A moeten zijn: Het speelveld verlaten en daar een toeschouwer trappen of een fotograaf proberen te slaan, geeft als spelhervatting een scheidsrechtersbal. Ook als een toeschouwer een speler van buiten het speelveld bespuwt, wordt de scheidsrechtersbal de hervatting, en wel op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter het spel onderbrak. Sinds vorig jaar wordt voor het trappen van een medespeler, net als voor het trappen van een tegenstander, een directe vrije schop of strafschop toegekend. Dit geldt voor alle fysieke overtredingen binnen het speelveld.

Spelregelvraag van de week (31 mei 2019):

Een doelverdediger, staande binnen zijn eigen strafschopgebied, maar buiten het doelgebied, slaat de bal over de doellijn. Deze bal is hem door een medespeler doelbewust met de voet toegespeeld. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Hij kent een indirecte vrije schop toe aan de aanvallende partij, op de plaats waar de doelverdediger de bal raakte

B. Hij kent een doelpunt toe of hervat het spel met een indirecte vrije schop

C. Hij kent een hoekschop toe

D. Hij kent een doelschop toe

Het antwoord had B moeten zijn: Gaat de bal over de doellijn naast het doel, dan dient de scheidsrechter een indirecte vrije schop toe te kennen. Maar gaat de bal over de doellijn tussen de doelpalen, dan mag hij voordeel toepassen en wordt het doelpunt goedgekeurd, en het spel hervat met aftrap na geldig doelpunt. 

Spelregelvraag van de week (7 juni 2019):

Speler A bouwt via een lange dribbel vanuit het eigen strafschopgebied een aanval op. Vlak voor de middenlijn schiet hij de bal met een hard schot richting zijn ploeggenoot, die op dat moment wel tien meter achter de voorlaatste verdediger van de tegenpartij staat. Deze ziet de verre bal op zich afkomen en met een hoge sprong weet hij de bal achterover te koppen richting zijn eigen doelverdediger, doch de aanvaller pikt de bal op en weet te scoren. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Hij keurt het doelpunt af wegens buitenspel en kent een indirecte vrije trap toe

B. Hij keurt het doelpunt goed, omdat hier geen sprake is van strafbaar buitenspel

C. Hij keurt het doelpunt af wegens buitenspel, kent een indirecte vrije schop toe en toont de midvoor een gele kaart wegens onsportief gedrag

D. Hij fluit al af op het moment dat de bal in de richting van de buitenspel staande midvoor wordt gespeeld en hervat met een indirecte vrije schop.

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn: De verdediger maakt een bewuste actie om de bal te spelen en het doet er dan niet toe of de bal dan goed of niet goed geraakt wordt en in dit geval dus bij de buitenspel staande speler terecht komt. De bal komt hier duidelijk van de tegenstander en er is dus geen sprake van strafbaar buitenspel.

Spelregelvraag van de week (14 juni 2019):

In een wedstrijd spelen beide elftallen duidelijk beneden hun kunnen. Met andere woorden: geen van beide teams wil de wedstrijd winnen. Bij een gelijk spel zijn beide elftallen namelijk zeker van klassebehoud. Wat beslist de scheidsrechter? 

A. Hij waarschuwt de aanvoerder van het elftal door het tonen van een gele kaart en staakt bij volharding de wedstrijd

B. De wedstrijd wordt tijdelijk onderbroken en het gehele elftal wordt een gele kaart getoond

C. De scheidsrechter staakt de wedstrijd zodra hij dat constateert

D. De scheidsrechter heeft niet het recht zich ermee te bemoeien

Het antwoord had D moeten zijn:  In de regels is daar omtrent niets bepaald. Zo zie je aan het einde van de competitie wel vaker wedstrijden die in een zogenoemde salonremise eindigen, waardoor beide teams halen wat ze willen.

Spelregelvraag van de week (21 juni 2019):

Er wordt een hoekschop toegekend, omdat de bal geheel en al over de doellijn is gegaan, het laatst is geraakt door een speler van de verdedigende partij en er geen doelpunt is gemaakt. Uit de toegekende hoekschop wordt de bal rechtstreeks in het eigen doel gewerkt. Welke beslissing van de scheidsrechter is de juiste? 

A. Scheidsrechter laat de hoekschop overnemen

B. Scheidsrechter kent een hoekschop toe aan de tegenpartij

C. Scheidsrechter keurt het doelpunt goed

D. Scheidsrechter geeft de hoekschopnemer een waarschuwing door het tonen van de gele kaart en laat de hoekschop overnemen.

Het antwoord had B moeten zijn:  Uit een hoekschop kan rechtstreeks worden gescoord in het doel van de tegenpartij. Als de bal rechtstreeks in het doel van de nemer gaat, dan wordt een hoekschop toegekend aan de tegenpartij.

Spelregelvraag van de week (28 juni 2019):

Een aanvaller en verdediger begaan in een fel duel gelijktijdig een overtreding. Dit vindt plaats halverwegde de helft van de aanvallende partij. De aanvaller valt de verdediger aan op onbesuisde wijze, terwijl de verdediger met buitensporige inzet de aanvaller aanvalt (gestrekt been, noppen vooruit). Wat moet de scheidsrechter hier beslissen?

A. Beide spelers de gele kaart tonen en het spel hervatten met een scheidsrechtersbal.

B. Aanvaller de gele kaart tonen, verdediger de rode kaart tonen en hervatten met een scheidsrechtersbal.

C. Aanvaller de gele kaart tonen, verdediger de kaart tonen en het spel hervatten met een directe vrije schop voor de aanvaller.

D. Aanvaller gele kaart tonen, verdediger de rode kaart tonen en het spel hervatten met een directe vrije schop voor de verdediger.

Het antwoord had C moeten zijn:  Op grond van de spelregels dient bij gelijktijdige overtredingen de zwaarste overtreding te worden bestraft, en dat is in dit geval dus het op buitensporige wijze aanvallen van de tegenstander. Daarvoor is de spelhervatting een directe vrije schop. Voor het onbesuisd inkomen dient de aanvaller met geel te worden bestraft, terwijl de verdediger voor zijn overtreding (met buitensporige inzet aanvallen van zijn tegenstander) de rode kaart getoond moet worden.

Spelregelvraag van de week (5 juli 2019):

Het spel is door de scheidsrechter onderbroken en moet worden hervat met een scheidsrechtersbal. De scheidsrechter laat de bal op de rand van het doelgebied vallen, maar door een oneffenheid op het veld stuitert de bal, zonder verder door iemand te zijn geraakt, over de doellijn in het doel. Hoe dient het spel nu hervat te worden?

A. Hoekschop

B. Aftrap na geldig doelpunt

C. Doelschop

D. Scheidsrechtersbal

Het antwoord had D moeten zijn:  Als een scheidsrechtersbal door niemand wordt geraakt en buiten het speelveld geraakt. dient de scheidsrechtersbal opnieuw te worden genomen.

Spelregelvraag van de week (12 juli 2019):

De nemer van een strafschop onderbreekt vlak voor de bal zijn aanloop, loopt daarna door en schiet de bal op doel. Op het moment dat de nemer schiet, roept de doelverdediger iets naar hem. De bal wordt naast geschoten. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Indirecte vrije schop voor de doelverdediger en gele kaart voor de nemer

B. Indirecte vrije schop voor de doelverdediger en gele kaart voor zowel de doelverdediger als de nemer

C. Strafschop overnemen en gele kaart voor de doelverdediger

D. Strafschop overnemen en gele kaart voor zowel de doelverdediger als de nemer

Het antwoord had C moeten zijn:  De nemer is nog bezig met zijn aanloop. Dan mag hij nog even onderbreken en maakt dus geen overtreding op het moment dat hij de bal op het doel schiet. De doelverdediger probeert de strafschopnemer uit zijn concentratie te halen door iets tegen hem te roepen, wat een overtreding is (onsportief gedrag).  De doelverdediger wordt bestraft met een gele kaart en de strafschopnemer krijgt een nieuwe kans. De strafschop dient overgenomen te worden, omdat de bal naast het doel werd geschoten.

Spelregelvraag van de week (19 juli 2019):

Tijdens een oponthoud in een wedstrijd in de Standaard 2e klasse D in district Noord, bemerkt de scheidsrechter dat er een speler op het speelveld staat die 15 jaar oud is. Hoe dient de scheidsrechter nu te handelen?

A. De scheidsrechter stuurt de speler van het veld. Deze mag niet vervangen worden. Het spel dient te worden hervat zoals hervat had moeten worden.

B. De scheidsrechter stuurt de speler van het veld. Deze mag wel vervangen worden, zolang  nog niet het maximale aantal wissels gebruikt is. Het spel dient te worden hervat zoals hervat had moeten worden.

C. De scheidsrechter stuurt de speler van het veld. Deze mag wel vervangen worden. Het spel dient te worden hervat met een indirecte vrije schop tegen dit team.

D. De scheidsrechter laat deze speler verder aan de wedstrijd deelnemen en neemt ook verder geen maatregelen tegen deze speler. Het spel dient te worden hervat zoals hervat had moeten worden.

Het juiste antwoord is D:  Een speler mag in competities en/of toernooien voor senioren voor één of meer teams, in één of meer wedstrijden, uitkomen indien hij tenminste 15 jaar oud is. Uit het reglement wedstrijden amateurvoetbal.

Spelregelvraag van de week (26 juli 2019):

In de rust hebben de doelverdediger en een veldspeler van tenue gewisseld. Als het spel in de tweede helft een paar minuten aan de gang is, wordt dit door de scheidsrechter opgemerkt. Op welke manier zal deze nu juist handelen?

A. Hij wacht tot de bal uit het spel is en geeft dan beide spelers een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

B. Hij neemt geen verdere actie, aangezien de wissel in de rust heeft plaatsgevonden.

C. Hij onderbreekt het spel, geeft beide spelers een waarschuwing door het tonen van de gele kaart en hervat het spel met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij.

D. Hij wacht tot de bal uit het spel is en geeft beide spelers een waarschuwing door het tonen van de gele kaart. Speelt één van beide spelers de bal echter eerder, dan zal hij het spel onderbreken, beide spelers een waarschuwing geven door het tonen van de gele kaart en het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij.

Het antwoord had B moeten zijn:  Als een speler van plaats heeft gewisseld met de doelverdediger zonder toestemming van de scheidsrechter,  dan waarschuwt de scheidsrechter de betrokken spelers bij de eerstvolgende onderbreking van het spel, behalve als de wissel plaatsvond tijdens de rust (geldt ook voor de verlenging) of gedurende de periode tussen het einde van de wedstrijd en start van de verlenging en/of de strafschoppenserie. In deze situatie vond de wisseling plaats tijdens de rust.

Spelregelvraag van de week (2 augustus 2019):

Welke van vier onderstaande beweringen m.b.t. Regel 11 (Buitenspel) is correct?

A. Een speler bevindt zich in buitenspelpositie indien hij met enig deel van zijn hoofd, lichaam, voeten of armen op de helft van de tegenpartij is (m.u.v. de middenlijn).

B. De indirecte vrije schop voor strafbaar buitenspel wordt genomen op de plaats waar de aanvaller buitenspel stond op het moment van spelen.

C. Een tegenstander kan alleen in diens spel beïnvloed worden door een duidelijke actie van een opponent, als daarbij de bal door hem gespeeld wordt.

D. In het geval van een strafbare buitenspelpositie kent de scheidsrechter een indirecte vrije schop toe op de plaats van de overtreding, ook als dit op de eigen speelhelft van de speler is.

Het antwoord had D moeten zijn:  Bij beoordeling van strafbaar buitenspel telt de arm niet mee. De plaats van de spelhervatting is vrij recent gewijzigd, dus niet meer waar je stond op moment van spelen van de bal, maar op de plaats waar je de bal uiteindelijk speelt. Antwoord D geeft als enige de juiste beweringen. 

Spelregelvraag van de week (9 augustus 2019):

Een speler neemt een vrije schop vanuit zijn eigen strafschopgebied. De bal is in het spel, nadat:

A. de bal is getrapt en beweegt

B. de bal rechtstreeks buiten het strafschopgebied is gekomen

C. de bal door een medespeler of tegenstander is gespeeld

D. de bal rechtstreeks buiten het strafschopgebied is gekomen en door een andere speler is gespeeld.

Het juiste antwoord is A: De bal is nu in het spel nadat deze is getrapt en duidelijk beweegt. De bal hoeft nu dus niet meer rechtstreeks buiten het strafschopgebied te worden gespeeld, alvorens deze in het spel is. Medespelers mogen de bal al binnen het strafschopgebied spelen. De tegenstanders moeten echter buiten het strafschopgebied blijven, totdat de bal in het spel is en mogen de bal dan ook binnen het strafschopgebied spelen.

Spelregelvraag van de week (16 augustus 2019):

De doelverdediger neemt een doelschop. Van buiten het strafschopgebied komt de bal rechtstreeks bij hem terug, omdat de scheidsrechter de bal raakte. De doelverdediger speelt de bal nu met de hand. Wat moet de scheidsrechter doen?

A. Doelschop overnemen

B. Indirecte vrije schop voor de tegenpartij

C. Strafschop voor de tegenpartij

D. Scheidsrechtersbal op de plaats waar de scheidsrechter de bal raakte

Het juiste antwoord is B:  Het is een indirecte vrije schop wegens tweemaal spelen van de bal. 

Spelregelvraag van de week (23 augustus 2019):

Een speler trapt de bal uit een vrije schop, genomen in het eigen strafschopgebied, terug naar zijn doelverdediger. Deze doelverdediger let niet op en de bal verdwijnt in het eigen doel, zonder dat de bal verder door iemand is aangeraakt. Wat beslist de scheidsrechter? 

A. Aftrap na geldig doelpunt

B. Vrije schop overnemen

C. Doelschop

D. Hoekschop.

Het antwoord had D moeten zijn:  Het was tot dusverre zo dat zolang de bal niet rechtstreeks buiten het strafschopgebied was en de bal verdween in het doel, dan moest de vrije schop worden overgenomen. Nu is de bal in het spel zodra deze is getrapt en duidelijk beweegt. Scoren uit een vrije schop in eigen doel levert echter geen doelpunt op, de spelhervatting is een hoekschop.

Spelregelvraag van de week (30 augustus 2019):

De doelverdediger neemt een doelschop en trapt deze richting een medespeler, die buiten het strafschopgebied staat. Een aanvaller, die op het moment van spelen van de bal buiten het strafschopgebied staat, ziet dit en onderschept de bal, voordat de bal het strafschopgebied heeft verlaten, met zijn voet en scoort. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Aftrap na geldig doelpunt

B. Doelschop overnemen

C. Indirecte vrije schop voor de verdedigende partij

D. Directe vrije schop voor de verdedigende partij

Het antwoord had A moeten zijn:  De bal is in het spel op het moment dat de doelverdediger de bal trapt. De aanvaller staat op dat moment buiten het strafschopgebied, maar mag nu de bal dus al wel aannemen voordat de bal het strafschopgebied heeft verlaten. Er wordt dus nu een geldig doelpunt gemaakt. 

Spelregelvraag van de week (6 september 2019):

De bal blijft in het speelveld via de assistent-scheidsrechter, die op de zijlijn loopt. Als deze assistent-scheidsrechter er niet had gestaan, dan was de bal over de zijlijn gegaan en daarmee buiten het speelveld gekomen. Een speler van de andere partij pakt de bal nu in zijn handen en wil inwerpen. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Inworp normaal laten uitvoeren

B. Scheidsrechtersbal op de plaats waar de assistent-scheidsrechter de bal raakte

C. Directe vrije schop wegens hands op de plaats waar de speler de bal in zijn handen pakte

D. Directe vrije schop wegens hands en een waarschuwing wegens onsportief gedrag

Het antwoord had B moeten zijn:  Zie regel 9, pagina 42. Als de bal een wedstrijdofficial raakt en op het speelveld blijft, en het team geen veelbelovende aanval kan starten, de bal niet direct in het doel gaat of als het andere team niet in balbezit komt, dan is de spelhervatting altijd een scheidsrechtersbal op de plaats waar de official wordt geraakt. 

Spelregelvraag van de week (13 september 2019):

Als een speler op het doel van de tegenstander schiet, raakt de bal een medespeler die in de baan van het schot stond. Deze speler heeft zijn handen in een natuurlijke houding naast zijn lichaam en maakt geen bewuste actie naar de bal. Wat moet de scheidsrechter beslissen als de bal vervolgens in het doel gaat?

A. Aftrap na geldig doelpunt. Deze manier van hands is niet met opzet en dus niet strafbaar.

B. Directe vrije schop voor de verdedigende partij. Ondanks dat dit niet bewust is, wordt er wel direct gescoord en dat maakt het strafbaar.

C. Directe vrije schop voor de verdedigende partij en een gele kaart voor de speler die hands maakt. Ondanks dat dit niet bewust is, wordt er wel direct gescoord en dat maakt het strafbaar.

D. Directe vrije schop voor de verdedigende partij en een rode kaart voor de speler die hands maakt. Ondanks dat dit niet bewust is, wordt er wel direct gescoord en dat maakt het strafbaar.

Het antwoord had B moeten zijn: Zie regel 12, pagina 51/52. Als de aanvallende partij de bal met de hand of arm raakt, wordt dit altijd als strafbaar hands gezien en kan dus geen geldig doelpunt worden gemaakt. Ook al was de aanraking onopzettelijk.

Spelregelvraag van de week (20 september 2019):

Terwijl de bal hoog in het speelveld is op de middenlijn, nadat de doelverdediger deze uit zijn handen in het veld heeft gebracht, ziet de scheidsrechter dat een speler geblesseerd is aan zijn hoofd. Hoe moet de scheidsrechter nu het spel hervatten, nadat de speler verzorgd is?

A. Met een scheidsrechtersbal op de plek waar de bal was toen hij affloot. Een medespeler van de doelverdediger mag hierbij als enige aanwezig zijn.

B. Met een scheidsrechtersbal op de plek waar de bal was toen hij affloot. De doelverdediger mag hierbij als enige aanwezig zijn.

C. Met een scheidsrechtersbal op de plek waar de bal was toen hij affloot. Van beide ploegen mag hierbij iemand aanwezig zijn.

D. Met een scheidsrechtersbal op de plek waar de doelverdediger de bal als laatste trapte. De doelverdediger mag hierbij als enige aanwezig zijn.

Het juiste antwoord is D. Zodra de scheidsrechter merkt dat een speler aan zijn hoofd geblesseerd is dient hij het spel te onderbreken. De spelhervatting is dan een scheidsrechtersbal voor het team dat de bal het laatste raakte. In dit geval dus voor de doelverdediger, die de bal als laatste raakte binnen zijn strafschopgebied. Dat is ook de plaats waar de scheidsrechtersbal dient te worden genomen. De scheidsrechtersbal wordt dus aan de doelverdediger gegeven. 

Spelregelvraag van de Week (27 september 2019)

Een aanvaller gaat met de bal aan de voet het strafschopgebied in en wordt daar ten val gebracht. De scheidsrechter kent een strafschop toe. De aanvaller heeft verzorging gehad en vraagt nu of hij de strafschop mag nemen. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Hij staat dit zonder meer toe. Als er een strafschop genomen mag worden, hoeft de aanvaller niet naar de zijkant als hij de strafschop zelf neemt.

B. Hij staat dit alleen toe als de verdediger een gele kaart heeft gekregen.

C. Hij staat dit alleen toe als ook een andere medespeler geblesseerd is en verzorging heeft gekregen.

D. Hij staat dit niet toe, omdat de geblesseerde speler altijd eerst naar de kant moet en er pas weer in mag nadat de strafschop is genomen.

Het antwoord had A moeten zijn: Zie regel 5, pagina 25, middenin. Normaal gesproken dient een geblesseerde speler het speelveld te verlaten, tenzij de overtreder voor zijn overtreding een kaart moest worden getoond. Als de geblesseerde speler de toegekende strafschop wil nemen, hoeft hij het speelveld niet eerst te verlaten, maar mag hij gelijk als strafschopnemer gaan fungeren. De scheidsrechter zal dit moeten toestaan.

Spelregelvraag van de Week (4 oktober 2019)

Als een speler op het doel schiet van de tegenstander raakt de bal een medespeler die in de baan van het schot stond. Deze speler heeft zijn handen in natuurlijke houding naast zijn lichaam en maakt geen bewuste actie naar de bal die zijn arm licht aanraakt . Wat moet de scheidsrechter beslissen als de bal vervolgens in het doel gaat?

A. Aftrap na geldig doelpunt. Deze manier van hands is niet met opzet en dus niet strafbaar.

B. Directe vrije schop voor de verdedigende partij. Ondanks dat dit niet bewust is wordt er wel direct gescoord en dat maakt het strafbaar.

C. Directe vrije schop voor de verdedigende partij en een gele kaart voor de speler die hands maakt. Ondanks dat dit niet bewust is wordt er wel direct gescoord en dat maakt het strafbaar.

D. Directe vrije schop voor de verdedigende partij en een rode kaart voor de speler die hands maakt. Ondanks dat dit niet bewust is wordt er wel direct gescoord en dat maakt het strafbaar

Het antwoord had B moeten zijn: Zie regel 12, pagina 51/52. Als de bal de arm of de hand raakt en er ontstaat een doelpunt, dan wordt dit aangemerkt als opzettelijk en is de aanraking met hand of arm strafbaar. Het doelpunt wordt niet goedgekeurd en de verdedigende partij krijgt een directe vrije schop.

Spelregelvraag van de Week (11 oktober 2019)

Een speler rent met de bal aan de voet richting een tegenstander. Hij passeert de tegenstander en komt daarbij buiten het speelveld terwijl de bal in het spel blijft. De tegenstander brengt hem buiten het speelveld ten val op een onvoorzichtige wijze, zonder de mogelijkheid te hebben om de bal te spelen. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Het spel wordt niet onderbroken. Het voorval vond plaats buiten het speelveld.

B. De scheidsrechter geeft de tegenstander een waarschuwing wegens onsportief gedrag. Het spel wordt hervat met een indirecte vrije schop vanaf de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

C. De scheidsrechter geeft de tegenstander een waarschuwing wegens onsportief gedrag. Het spel wordt hervat met een directe vrije schop vanaf de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

D. De scheidsrechter geeft de tegenstander een waarschuwing wegens onsportief gedrag. Het spel wordt hervat met een directe vrije schop vanaf de zijlijn.

Het antwoord had D moeten zijn: Zie regel 12, pagina 57 midden in. De bal is in het spel, maar de overtreder grijpt wel in in het spel van zijn tegenstander, en daarom wordt het spel onderbroken. Omdat hij geen mogelijkheid had de bal te spelen, wordt dit aangemerkt als onsportief gedrag, waarvoor de gele kaart wordt getoond. Omdat de bal in het spel was en de overtreding buiten het speelveld was, wordt de spelhervatting een directe vrije schop op de zijlijn.

Spelregelvraag van de Week (18 oktober 2019)

De doelverdediger en een tegenstander komen met elkaar in botsing en raken beiden geblesseerd. De scheidsrechter staat voor beiden verzorging toe. Wat moet er vervolgens gebeuren?

A. Beide spelers mogen op het speelveld blijven

B. De aanvaller moet het speelveld verlaten en de doelverdediger mag op het speelveld blijven

C. Alleen degene met een bloedende wond moet het veld na behandeling verlaten; de ander mag op het speelveld blijven

D. Beide spelers moeten na de behandeling het speelveld verlaten.

Het antwoord had A moeten zijn: Zie regel 5, pagina 25. Normaal gesproken moet een geblesseerde speler, nadat er verzorging is geweest, het veld verlaten. Tenzij de veroorzaker van de overtreding en blessure een kaart getoond wordt. Eén van de uitzonderingen hierop is dat als een doelverdediger en een veldspeler met elkaar in botsing zijn gekomen en onmiddellijke verzorging nodig hebben. Dan hoeven ze het veld niet te verlaten.

Spelregelvraag van de Week (25 oktober 2019)

Terwijl de bal in het spel is gooit de doelverdediger vanuit zijn eigen strafschopgebied de bal met kracht naar een tegenstander. Deze bevindt zich buiten het speelveld op ongeveer vijf meter van het doel. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. De doelverdediger wordt van het speelveld verwijderd vanwege een gewelddadige handeling. Het spel wordt hervat met een scheidsrechtersbal.

B. De doelverdediger wordt van het speelveld verwijderd vanwege een gewelddadige handeling. Het spel wordt hervat met een strafschop. 

C. De doelverdediger ontvangt een waarschuwing wegens onsportief gedrag. Het spel wordt hervat met een indirecte vrije schop. 

D. De doelverdediger wordt van het speelveld verwijderd vanwege een gewelddadige handeling. Het spel wordt hervat met een indirecte vrije schop.

Het antwoord had B moeten zijn: Zie regel 12, pagina 57. Als de bal in het spel is en een speler begaat een gewelddadige overtreding tegen een tegenstander buiten het speelveld, dan wordt het spel hervat met een strafschop, als het een overtreding is waarvoor een directe vrije schop moet worden toegekend binnen het strafschopgebied van de overtreder.

Spelregelvraag van de Week (1 november 2019)

Een verdediger neemt een vrije schop en speelt de bal in de richting van zijn eigen doel. Als hij ziet dat een aanvaller op de bal af gaat, speelt hij de bal opnieuw en ontneemt daarmee de aanvaller een duidelijke scoringskans. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Indirecte vrije schop, geen disciplinaire straf

B. Indirecte vrije schop en gele kaart

C. Indirecte vrije schop en rode kaart

D. Directe vrije schop of strafschop en rode kaart

Het antwoord op de vorige vraag had A moeten zijn: Hij ontneemt de aanvaller geen duidelijke scoringskans, omdat hij geen overtreding maakt tegenover de tegenstander. Wel speelt hij voor de tweede keer de bal, zonder dat een andere speler de bal heeft gespeeld of geraakt. En dat dient bestraft te worden met een indirecte vrije schop. In de regels is bepaald dat daarvoor geen kaart mag worden getoond. 

Spelregelvraag van de Week (8 november 2019)

Als partij A in balbezit is, onderbreekt de scheidsrechter het spel omdat er een toeschouwer op het speelveld is. Hoe en waar moet het spel dan worden hervat?

A. Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de toeschouwer het speelveld betrad

B. Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de toeschouwer stond toen het spel werd onderbroken

C. Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal voor het laatst geraakt werd

D. Met een indirecte vrije schop voor partij A, op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

Het antwoord had C moeten zijn: Omdat het hier gaat om een toeschouwer en niet om een trainer, wisselspeler of uitgewisselde speler, moet na de onderbreking het spel worden hervat met een scheidsrechtersbal, en wel op de plaats waar de bal het laatst is geraakt. Was dit binnen het strafschopgebied, dan is de scheidsrechtersbal voor de doelverdediger.

Spelregelvraag van de Week (15 november 2019)

Als bij een doelschop de bal nog niet buiten het strafschopgebied is, loopt een aanvaller die op het moment van nemen buiten het strafschopgebied stond, de bal (binnen dit doelgebied) tegemoet. Een verdediger loopt met hem mee en geeft hem een schouderduw, terwijl de bal nog niet binnen speelbereik is. Hoe hervat hij het spel?

A. Hij laat de doelschop overnemen

B. Hij geeft een indirecte vrije schop tegen de aanvaller, omdat hij te vroeg het strafschopgebied betrad

C. Hij geeft een strafschop tegen de verdediger, omdat hij een tegenstander reglementair aanviel zonder dat de bal binnen speelbereik was

D. Hij geeft een scheidsrechtersbal, omdat beide overtredingen even zwaar zijn.

Het antwoord had C moeten zijn: De bal was in het spel op moment dat deze was getrapt en duidelijk bewoog. De aanvaller stond op dat moment nog buiten het strafschopgebied en maakt dus geen overtreding. de verdediger loopt met hem mee, geeft hem een schouderduw, maar omdat de bal niet binnen speelbereik is, is deze schouderduw niet geoorloofd en dient te worden uitgelegd als duwen, wat moet worden bestraft met een strafschop.

Spelregelvraag van de Week (22 november 2019)

Bij een schermutseling voor het doel krijgt de scheidsrechter in het strafschopgebied de bal in zijn gezicht. Als hij weer in staat is het spel te volgen, ligt de bal in het doel en staat hij tussen juichende en protesterende spelers. Hoe moet hij nu handelen?

A. Overleg plegen met de assistent-scheidsrechter en afhankelijk van diens advies een beslissing nemen

B. Een scheidsrechtersbal geven voor de doelverdediger

C. Een scheidsrechtersbal geven voor de partij die de bal het laatst geraakt heeft

D. Op de plaats waar hij de bal in het gezicht kreeg een indirecte vrije schop toekennen aan de verdedigende partij.

Het antwoord is B: De bal wordt tegen de scheidsrechter aangeschoten en gaat daarna in het doel. De spelhervatting moet in zo’n geval een scheidsrechtersbal zijn en omdat het binnen het strafschopgebied gebeurt, is de scheidsrechtersbal voor de doelverdediger.

Spelregelvraag van de Week (29 november 2019)

Een doelverdediger heeft de bal in bezit en wil deze naar een medespeler gooien. Echter, in plaats van die medespeler te bereiken gooit hij de bal tegen de scheidsrechter aan. Nog net voordat een tegenstander bij de bal kan komen, raapt de doelverdediger de bal weer binnen zijn strafschopgebied op. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Affluiten en het spel laten hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij, op de plaats waar de doelverdediger de bal opraapte

B. Affluiten en het spel laten hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij, op de plaats waar de scheidsrechter werd geraakt

C. Affluiten en het spel hervatten met een scheidsrechtersbal, op de plaats waar de scheidsrechter werd geraakt

D. Doorspelen