Spelregelvraag van de week

Elke week plaatsen we op deze site een actuele spelregelvraag. Je kunt deze voor jezelf maken en als je wilt het door jou gekozen antwoord + uitleg waarom je dat denkt als opmerking eronder zetten. Na een week volgt het goede antwoord én de nieuwe vraag. De actuele vraag van de week kun je vinden op de homepage van deze website. Hieronder tref je de voorgaande vragen van de week aan, compleet met het juiste antwoord en een toelichting.

Voor de vragen uit 2019 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2018 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2017 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2016 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2015 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2014 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2013 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2012 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2011 kun je hier klikken

Spelregelvraag van de week (3 januari 2020):

Nadat bij een wedstrijd in het amateurvoetbal een doelpunt is gescoord door ploeg A en voordat het spel is hervat, ziet de scheidsrechter dat de verzorger van ploeg A op het speelveld is. De assistent-scheidsrechter, die door de scheidsrechter wordt geraadpleegd, bevestigt dat de verzorger al op het speelveld was toen er werd gescoord. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij kent een doelpunt toe, indien de verzorger het spel niet beïnvloedde.

B. Hij kent een doelpunt toe en stuurt de verzorger naar de dug-out.

C. Hij keurt het doelpunt af en laat hervatten met een indirecte vrije schop voor partij B in het doelgebied van partij B

D. Hij keurt het doelpunt af en hervat met een scheidsrechtersbal op de lijn van het doelgebied van partij B 

Het juiste antwoord is C: Het zonder toestemming van de scheidsrechter betreden van het speelveld, is een overtreding welke moet worden bestraft met een indirecte vrije schop, tenzij de scheidsrechter voordeel kan toepassen, hetgeen hier niet van toepassing is. Omdat de verzorger geacht wordt te behoren tot ploeg A, volgt ook hier een indirecte vrije schop, welke in dit geval op een willekeurige plaats vanuit het doelgebied van ploeg B mag worden genomen.

Spelregelvraag van de Week (10 januari 2020)

In welke gevallen moet een trainer een gele kaart ontvangen?

A. Herhaaldelijk het verlaten van de instructie zone / aanhoudend onacceptabel gedrag.

B. Op beschaafde wijze tonen van ontevredenheid / op agressieve wijze de instructiezone van de tegenpartij betreden.

C. Het betreden van de referee review area / opzettelijk een voorwerp op het speelveld trappen

D. Fysiek of agressief gedrag toont / het speelveld betreden

Het juiste antwoord is A: Voor de gevallen genoemd bij de antwoorden B, C en D geldt tenminste 1 situatie waarvoor de rode kaart moet worden getoond.

Spelregelvraag van de Week (17 januari 2020)

In een wedstrijd wordt de bal op het middenveld tegen de scheidsrechter aangeschoten en komt zo bij de andere partij terecht. De scheidsrechter fluit af en geeft een scheidsrechtersbal. Op welke plaats moet de scheidsrechtersbal nu worden genomen?

A. Daar waar de bal de scheidsrechter raakte

B. Daar waar de speler stond die de bal het laatst raakte voor deze tegen de scheidsrechter kwam

C. Daar waar de speler stond, die de bal via de scheidsrechter kreeg

D. Op elk willekeurige plek op het middenveld

Het antwoord moet B zijn: regel 9, pagina 42, onder punt 1. Omdat de bal bij een tegenstander terecht kwam moet de scheidsrechter een scheidsrechtersbal toekennen. Deze scheidsrechtersbal wordt zo gegeven, dat deze weer terecht komt bij de ploeg die de bal het laatst raakte en ook op de plaats waar de speler de bal het laatst raakte, voordat deze tegen de scheidsrechter aan kwam. De tegenpartij moet op tenminste vier meter afstand blijven bij de uitvoering van de scheidsrechtersbal.

Spelregelvraag van de Week (24 januari 2020)

Welke twee antwoorden zijn correct bij een strafschoppenserie?

A. De scheidsrechter moet de strafschoppenserie staken als een team minder dan zeven spelers heeft.

B. Een geblesseerde speler mag worden vervangen.

C. Als alle spelers een strafschop genomen hebben en er is nog geen beslissing, dan moet de eerste speler een tweede strafschop nemen enzovoorts.

D. Het team dat de toss wint kiest of ze de eerste of de tweede strafschop willen nemen.

E. Een speler die in aanmerking komt om deel te nemen aan de strafschoppenserie, mag met zijn doelverdediger van plaats wisselen.

Het antwoord moest D en E. zijn. Zie de toelichtingen op pagina 44, bij regel 10 (handleiding spelregels). Antwoord A was niet correct, dan gaat men gewoon verder met de afwerking van de strafschoppenserie. Wat antwoord B betreft: een geblesseerde speler mag tijdens een strafschoppenserie niet meer vervangen worden, met uitzondering van de doelverdediger. En dan antwoord C: als alle spelers hebben deelgenomen aan de strafschoppenserie, is men vrij een andere volgorde toe te passen.

Spelregelvraag van de Week (31 januari 2020)

Een vraag met twee stellingen:

1. Als een team het niet eens is met de scheidsrechter en massaal van het veld loopt, is de wedstrijd onmiddellijk definitief gestaakt.

2. Verzorgers mogen alleen het speelveld in komen na toestemming van de scheidsrechter.

A. Alleen stelling 1 is juist

B. Alleen stelling 2 is juist

C. Beide stellingen zijn juist

D. Beide stellingen zijn niet juist

Het juiste antwoord is C. Bij het massaal van het veld lopen, omdat men het niet eens is met de beslissing van de scheidsrechter, behoeft de scheidsrechter geen afkoelingsperiode te geven. Zou men niet willen aftrappen, dan geldt er nog wel een procedure. Verzorgers mogen pas het speelveld betreden nadat de scheidsrechter hen een seintje daartoe heeft gegeven.

Spelregelvraag van de Week (7 februari 2020)

Als een speler op het doel van de tegenstander schiet raakt de bal een medespeler die in de baan van het schot stond. Deze speler heeft zijn handen in natuurlijke houding naast zijn lichaam en hij maakt geen bewuste actie naar de bal die zijn arm licht aanraakt . Wat moet de scheidsrechter beslissen als de bal vervolgens in het doel gaat?

A. Aftrap na geldig doelpunt.

B. Directe vrije schop voor de verdedigende partij.

C. Directe vrije schop verdedigende partij en een gele kaart voor de medespeler die de bal met de arm raakte.

D. Directe vrije schop verdedigende partij en een rode kaart voor de medespeler die de bal met de arm raakte.

Het juiste antwoord is B: Hier wordt hands gemaakt door een mede-aanvaller en dat wordt altijd als strafbaar hands aangemerkt. De spelhervatting is een directe vrije schop voor de tegenpartij. Omdat dit geen onsportief gedrag is, wordt er geen kaart getoond.

Spelregelvraag van de Week (14 februari 2020)

Een aanvaller van partij A maakt binnen het strafschopgebied van partij B hands. Een verdediger van partij B speelt de bal nu uit de toegekende vrije schop naar een medespeler. Doordat de verdediger de bal niet goed raakt, verdwijnt de bal binnen het strafschopgebied over de doellijn. Wat beslist de scheidsrechter?

A.        Hij laat de vrije schop overnemen.

B.        Hij kent een hoekschop toe.

C.        Hij kent een doelschop toe.

D.        Hij kent een doelpunt of hoekschop toe.

Het juiste antwoord is B: Omdat de bal nu al in het spel is, zodra de bal getrapt is en duidelijk beweegt, behoeft de vrije schop niet overgenomen te worden. Omdat er uit een directe vrije schop niet rechtstreeks gedoelpunt kan worden en de bal over de doellijn verdwijnt, is de spelhervatting altijd een hoekschop. Het maakt niet uit of de bal door het doelvlak gaat of over de doellijn naast het doel gaat.

Spelregelvraag van de Week (21 februari 2020)

Als de bal uit een doelschop op weg is naar de lijn van het strafschopgebied, komt een aanvaller het strafschopgebied binnen lopen. Hij wordt nu door een verdediger, die is meegelopen binnen dit gebied, vastgehouden waardoor de aanvaller ten val komt. Hoe reageert de scheidsrechter?

A. Hij toont de verdediger de gele of rode kaart en geeft de aanvallende partij een strafschop.

B. Hij toont de verdediger de gele kaart en laat de doelschop overnemen.

C. Hij laat de doelschop overnemen.

D. Hij toont de verdediger de gele kaart en laat hervatten met een indirecte vrije schop voor de verdedigende partij vanwege het door de aanvaller te vroeg betreden van het strafschopgebied.

Het juiste antwoord is A: De bal is in het spel vanaf het moment dat  de doelschop is genomen (dus getrapt is en duidelijk beweegt). De aanvaller wordt daarna vastgehouden waardoor hij ten val komt. Voor deze overtreding wordt aan de aanvallende partij een strafschop toegekend. Wordt door de overtreding een duidelijke scoringskans ontnomen dan zou een rode kaart getoond moeten worden en anders een gele kaart wegens onsportief gedrag.

Spelregelvraag van de Week (28 februari 2020)

Tijdens het spel ziet de scheidsrechter dat een wisselspeler vanuit de dug-out spuwt naar de vierde official. Wat moet de scheidsrechter beslissen nadat hij hiervoor het spel heeft onderbroken?

A. Hij stuurt de wisselspeler weg en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de zijlijn, zo dicht mogelijk bij de plaats van de overtreding.

B. Hij toont de wisselspeler de rode kaart en hervat het spel met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de bal was toen hij het spel onderbrak.

C. Hij toont de wisselspeler de rode kaart en hervat het spel met een directe vrije schop op de zijlijn, zo dicht mogelijk bij de plaats van de overtreding.

D. Hij toont de wisselspeler de rode kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal het laatst geraakt werd.

Het juiste antwoord is C: Voor het spuwen wordt de wisselspeler de rode kaart getoond. De spelhervatting is een directe vrije schop, welke dient te worden genomen op de zijlijn, zo dicht mogelijk bij de plaats van de overtreding (pagina 57, laatste stip, 2e streepje).

Spelregelvraag van de Week (6 maart 2020)

Er wordt een indirecte vrije trap genomen. Aan welke voorwaarden moet worden voldaan? Hieronder 5 antwoordmogelijkheden. Welke 2 zijn juist?

A. Alle speler behalve de nemer moeten op 9.15 mtr van de bal zijn.

B. Er mag pas gespeeld worden na een fluitsignaal.

C. De scheidsrechter moet een arm in de lucht steken.

D. De bal is in het spel zodra deze is getrapt en beweegt.

E. De bal mag niet achteruit worden gespeeld.

Het juiste antwoord is C en D: Bij een indirecte vrije schop als spelhervatting moet de scheidsrechter een arm de lucht in steken. Alleen bij doelrijpe situaties moet de arm in de lucht blijven totdat de bal door een andere speler is gespeeld of geraakt. In alle andere gevallen mag de arm na de spelhervatting snel weer naar beneden worden gebracht. En zoals bij vele spelhervattingen is de bal in het spel zodra deze is getrapt en beweegt. Dus C en D zijn de juiste antwoorden. Men hoeft niet altijd op 9.15 m te staan (bijvoorbeeld indirecte vrije schop op 6 meter van het doel), er hoeft niet altijd bij iedere spelhervatting een fluitsignaal te worden gegeven en de bal mag bij een indirecte vrije schop in alle richtingen worden gespeeld.

Spelregelvraag van de Week (13 maart 2020)

Bij een aanval door de tegenpartij stapt een verdediger opzettelijk over de zijlijn, omdat hij denkt dat je zo een aanvaller buitenspel kunt zetten. Nadat de doelman de bal heeft gevangen, stapt de verdediger het speelveld weer in. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij laat doorspelen

B. Hij onderbreekt en zal de doelverdediger een gele kaart tonen wegens het zonder toestemming verlaten en betreden van het speelveld. Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de verdediger het veld in kwam

C. Hij laat doorspelen en zal de verdediger bij de eerstvolgende onderbreking een gele kaart tonen wegens het zonder toestemming verlaten en betreden van het speelveld

D. Hij onderbreekt en zal de doelverdediger een gele kaart tonen wegens het zonder toestemming verlaten en betreden van het speelveld. Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken

Het antwoord moest C zijn: hiervoor hoeft het spel niet onderbroken te worden, maar de speler moet wel een gele kaart worden getoond wegens het zonde toestemming verlaten van het veld en ook voor het zonder toestemming betreden van het veld zou, dan een tweede, gele kaart moeten volgen. Men heeft echter besloten dat hierbij met één gele kaart kan worden volstaan.

Spelregelvraag van de Week (20 maart 2020)

Een aanvaller ontvangt de bal uit een scheidsrechtersbal en dribbelt naar voren, waarna hij op doel schiet. De doelverdediger probeert het schot te stoppen, maar de bal glijdt door zijn handen en verdwijnt toch in het doel. Hoe moet de scheidsrechter het spel nu hervatten?

A. Scheidsrechtersbal

B. Indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de aanvaller de bal voor de tweede maal raakte

C. Aftrap na geldig doelpunt

D. Hoekschop

Het antwoord op de vraag moest C zijn: om uit een scheidsrechtersbal rechtstreeks een doelpunt te maken, moet de bal altijd door twee spelers worden aangeraakt. En dat is hier dus het geval. De doelman raakt de bal met zijn handen aan, en daarna verdwijnt de bal in het doel. Daarmee is een geldig doelpunt gemaakt

Spelregelvraag van de Week (27 maart 2020)

Een aanvaller staat in een strafbare buitenspelpositie op het moment van spelen. Hij beweegt zich echter richting eigen speelhelft en ontvangt de bal als hij zich op circa 5 meter van de middenlijn, op eigen speelhelft, bevindt. Waar zal het spel met een indirecte vrije schop moeten worden hervat?

A. waar de speler was op het moment dat de bal gespeeld werd

B. op de middenlijn

C. waar de bal was toen de scheidsrechter affloot

D. waar de speler de bal ontving

Het juiste antwoord is D: Sinds kort dient de indirecte vrije schop te worden genomen op de plek waar de buitenspel staande speler de bal raakt en dat kan sinds kort ook op eigen helft zijn. Beoordeling al dan niet strafbaar buitenspel staan is niet veranderd, maar de plaats van de spelhervatting dus wel.

Spelregelvraag van de Week (3 april 2020)

Een aanvaller gaat alleen op het doel af, als hij een fluitsignaal hoort. Woedend neemt hij de bal buiten het strafschopgebied in zijn handen. Uit frustratie trapt hij de bal weg en beklaagt zich hevig bij de scheidsrechter. Wat zal de scheidsrechter doen als het fluitsignaal niet van hem was, maar afkomstig was van het publiek?

A. Hij geeft de aanvaller een waarschuwing en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de aanvaller de bal voor het laatst aangeraakt heeft.

B. Hij geeft de aanvaller een waarschuwing en kent de tegenpartij een indirecte vrije schop toe op de plaats waar de aanvaller de bal in zijn handen nam.

C. Hij geeft de aanvaller een waarschuwing en kent de tegenpartij een directe vrije schop toe op de plaats waar de aanvaller de bal in zijn handen nam.

D. Hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de aanvaller de bal voor het laatst aangeraakt heeft

Het antwoord is A: zie regel 5, pagina 25. Hier wordt het spel van buitenaf verstoord en daarom is de spelhervatting geen vrije schop, maar een scheidsrechtersbal. En wel op de plaats waar de aanvaller de bal voor het laatst raakte. Voor zijn onsportieve gedrag moet hem wel een gele kaart worden getoond.

Spelregelvraag van de Week (10 april 2020)

Tijdens het spel wordt de bal tegen de scheidsrechter gespeeld. In welke van de volgende gevallen zal het spel NIET worden hervat met een scheidsrechtersbal?

A. een team kan een veel belovende aanval starten

B. de bal gaat via de scheidsrechter direct in het doel

C. de bal gaat via de scheidsrechter over de zijlijn

D. het andere team komt in balbezit.