Spelregelvragen van de week in 2015

Spelregelvraag van de week (2 januari 2015):

Wanneer de scheidsrechter, nadat een doelpunt is gescoord door team A en voordat het spel is hervat, constateert dat een uitgewisselde speler van team A op het speelveld ingreep in het spel toen het doelpunt werd gescoord, moet de scheidsrechter?

A. Het doelpunt afkeuren en hervatten met een indirecte vrije schop, vanaf elk willekeurig punt binnen het doelgebied te nemen door ploeg B

B. Het doelpunt afkeuren en hervatten met een scheidsrechtersbal op de lijn van het doelgebied.

C. Het doelpunt goedkeuren en een gele kaart tonen aan deze uitgewisselde speler.

D. Het doelpunt goedkeuren en een rode kaart tonen aan deze uitgewisselde speler.

Het juiste antwoord is A: zie pagina 19 Spelregels Voetbal. 

Spelregelvraag van de week (9 januari 2015):

De trainer in het amateurvoetbal komt nabij de middenlijn het speelveld in en bemoeit zich met grove bewoordingen met de leiding van de scheidsrechter. De scheidsrechter onder-breekt hiervoor het spel. Hoe zal de scheidsrechter verder moeten handelen?

A. Hij laat de trainer door de aanvoerder achter de afrastering zenden en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was.

B. Hij laat de trainer door de aanvoerder achter de afrastering zenden en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop vanaf de plaats waar de bal was, toen hij het spel onderbrak

C. Hij toont de trainer de gele kaart en laat het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de trainer was, toen hij het spel onderbrak.

D. Hij zendt de trainer weg door het tonen van de rode kaart en laat het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen hij het spel  onderbrak.

Het juiste antwoord is D: zie pagina 36 van de aanvullende instructies van de werkgroep spelregels veldvoetbal. 

Spelregelvraag van de week (16 januari 2015):

Een doelverdediger, staande binnen zijn eigen strafschopgebied – maar buiten het doelgebied – slaat de bal met zijn hand over de doellijn, die door een medespeler van hem doelbewust met de voet is teruggespeeld. Welke beslissing moet de scheidsrechter nemen?

A. De scheidsrechter kent een hoekschop toe

B. Hij kent een doelpunt toe of een indirecte vrije schop

C. Hij kent een indirecte vrije schop toe aan de aanvallende ploeg op de plaats waar de doelverdiger de bal raakte

D. Hij kent een doelschop toe, maar de medespeler die de bal doelbewust terugspeelde op zijn doelman, krijgt een waarschuwing door het tonen van de gele kaart

Het antwoord is B: zie pagina 69 Spelregels veldvoetbal.  Wanneer de bal via de hand van de doelverdediger in het doel verdwijnt, dan zal hij een doelpunt toekennen (voordeel aanvallende partij). Gaat de bal echter naast of over het doel dan zal de scheidsrechter een indirecte vrije schop toekennen op de plaats waar de bal werd geraakt door de doelverdediger.

Spelregelvraag van de week (23 januari 2015):

De assistent-scheidsrechter vlagt voor een hoekschop, omdat de bal over de doellijn naast het doel is geweest. De scheidsrechter mist dit signaal en fluit gelijk hierna voor een handsbal door een verdediger binnen zijn strafschopgebied. Dan pas ziet de scheidsrechter de assistent-scheidsrechter staan , die hem vertelt dat de bal over de doellijn is geweest. Hoe wordt het spel nu hervat?

A. Scheidsrechtersbal

B. Hoekschop

C. Strafschop

D. Strafschop en een gele kaart voor de verdediger.

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn: zie pagina 26 Spelregels veldvoetbal.  De scheidsrechter kan nog op zijn beslissing terugkomen omdat het spel nog niet is hervat, terwijl er ook nog niet voor het einde van de wedstrijd is gefloten.

Spelregelvraag van de week (30 januari 2015):

Tijdens de wedstrijd ontstaat ineens verwarring omdat een toeschouwer op een fluitje blaast. Wat beslist de scheidsrechter, als een speler hierdoor nabij de zijlijn de bal in zijn handen heeft genomen, omdat hij van mening was dat de scheidsrechter had gefloten?

A. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding.

B. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding.

C. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

D. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de speler de bal met zijn handen aanraakte (nabij de zijlijn)

Het juiste antwoord is C: zie pagina 28 Spelregels veldvoetbal, bovenaan. 

Spelregelvraag van de week (6 februari 2015):

Na het afslaan van een hoekschop volgt er een dieptepass op een aanvaller van ploeg A, die vervolgens dreigt door te breken. Circa 3 meter over de middenlijn wordt hij even met de hand vastgepakt door een verdediger en valt daardoor. De bal gaat vervolgens over hem heen. De scheidsrechter kent een directe vrije schop toe en toont de overtreder een gele kaart. Is dit een juiste beslissing van de scheidsrechter?

A. Neen, want hier is echt sprake van een doorgebroken speler

B. Neen, want de scheidsrechter had hier een rode kaart moeten tonen voor het onderbreken van een veelbelovende aanval

C. Ja, want de aard van de overtreding was niet echt een rode kaart waard

D. Ja, want hier is geen sprake van een duidelijke scoringskans vanwege de afstand tot het doel.

Het juiste antwoord  is D: Bij het ontnemen van een duidelijke scoringskans moet er aan een aantal criteria worden voldaan. Omdat de afstand tot het doel nog plm. 50 m is, kan niet worden gesproken van een duidelijke scoringskans, omdat over deze afstand mogelijk ook nog verdedigers  deze aanvallers kunnen inhalen of voorbij komen om de scoringskans teniet te doen.

Spelregelvraag van de week (13 februari 2015):

Op de rand van het eigen strafschopgebied steunt een verdediger op de schouders van een teamgenoot en kan zodoende de bal koppen. Als de scheidsrechter hiervoor heeft afgefloten, schopt deze speler de bal uit het veld om te voorkomen dat de vrije schop snel genomen kan worden. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij zal de overtredende speler voor beide overtredingen de gele kaart tonen en vervolgens de rode kaart. Hij zal het spel laten hervatten met een directe vrije schop

B. Hij zal de overtredende speler voor beide overtredingen de gele kaart tonen en vervolgens de rode kaart. Hij zal het spel laten hervatten met een indirecte vrije schop

C. Hij zal de overtredende speler de gele kaart tonen en het spel laten hervatten met een directe vrije schop

D. Hij zal de overtredende speler de gele kaart tonen en het spel laten hervatten met een indirecte vrije schop

Het antwoord is B: Het steunen op de schouders van een medespeler is onsportief gedrag, waarvoor de gele kaart getoond dient te worden.  De bal weg schoppen, nadat de scheidsrechter het spel al heeft onderbroken , is ook een overtreding waarvoor de gele kaart getoond moet worden.  Na de 2e gele kaart dient de scheidsrechter de rode kaart te tonen aan de overtreder, die daarop dus het speelveld moet verlaten.

Spelregelvraag van de week (20 februari 2015):

Tijdens een wedstrijd kent de scheidsrechter een indirecte vrije schop toe aan de aanvallende partij. De aanvaller die de vrije schop neemt, schiet de bal rechtstreeks op het doel van de tegenpartij. Een op de doellijn staande verdediger (niet de doelverdediger) probeert de bal die in het doel dreigt te gaan uit het doel te koppen. Hij raakt de bal maar deze gaat toch in het doel. Echter, de scheidsrechter had vergeten om zijn arm omhoog te steken. Wat zal hij nu moeten beslissen?

A. Hij kent het doelpunt gewoon toe.

B. Hij laat de indirecte vrije schop overnemen en steekt nu wel zijn arm omhoog

C. De scheidsrechter heeft een fout gemaakt en herstelt dit door een scheidsrechtersbal toe te kennen.

Het antwoord moet zijn A: Hij past hier in feite de voordeelregel toe. Als de bal rechtstreeks in het doel zou zijn gegaan, dan had hij de vrije schop over moeten laten nemen, nadat hij uitleg had gegeven dat hij vergeten was aan te geven dat het een indirecte vrije schop was.

Spelregelvraag van de week (27 februari 2015):

De nemer van een strafschop glijdt tijdens zijn aanloop vlak voor de bal uit en valt. Vervolgens loopt hij door en schiet de bal in het doel. De doelman lag echter al in de verkeerde hoek. Wat zal de scheidsrechter nu beslissen?

A. De scheidsrechter laat de strafschop over nemen, omdat de overtreding werd begaan voordat de bal in het spel was. De strafschopnemer ontvangt een gele kaart.

B. De scheidsrechter keurt het doelpunt af en laat hervatten met een doelschop. De strafschopnemer ontvangt een gele kaart.

C. De scheidsrechter kent een doelpunt toe.

Het antwoord op de vraag had C moeten zijn: zijn aanloop was nog niet afgerond. Hier is dus geen sprake van het onderbreken van de aanloop.  

Spelregelvraag van de week (6 maart 2015):

Een speler die zonder toestemming van de scheidsrechter zijn team heeft gecompleteerd, wordt in het strafschopgebied van de tegenstander door een tegenstander opzettelijk tegen de benen geschopt. Op dat moment constateert de scheidsrechter dat de speler die zonder toestemming zijn team heeft gecompleteerd zich tegen de regels op het speelveld bevindt. Hoe reageert de scheidsrechter als hij hiervoor het spel heeft onderbroken?

A. Hij toont de schoppende speler een rode kaart en toont de speler die zonder toestemming zijn team heeft gecompleteerd een gele kaart. Hij hervat het spel met een indirecte vrije schop tegen de schoppende speler.

B. Hij toont de schoppende speler een rode kaart en de speler die zonder toestemming zijn team heeft gecompleteerd een gele kaart. Hij hervat het spel met een indirecte vrije schop tegen de wisselspeler.

C. Hij toont de schoppende speler een rode kaart en toont de speler die zonder toestemming zijn team heeft gecompleteerd een gele kaart. Hij hervat met een strafschop tegen de schoppende speler.

D. Hij toont de schoppende speler een rode kaart en toont de speler die zonder toestemming zijn team heeft gecompleteerd een gele kaart. Hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal

Het antwoord had C moeten zijn: Het opzettelijk schoppen van een tegenstander betekent altijd een rode kaart. De speler die zonder toestemming zijn team heeft gecompleteerd wordt de gele kaart getoond.Omdat dit een speler is  die zijn team completeert, wordt hij net zo bestraft als een al aanwezige speler. De overtreding gebeurde in het strafschopgebied en derhalve is de spelhervatting een strafschop (de 11e speler behoort tot de zogenaamde categorie spelers).

Spelregelvraag van de week (13 maart 2015):

Een eerder van het veld gezonden speler bevindt zich binnen het speelveld om een bidon op te rapen. De scheidsrechter merkt deze eerder van het veld gezonden speler pas op nadat er is gescoord, door de tegenpartij rechtstreeks uit een hoekschop d.m.v. een inswinger. Wat beslist de scheidsrechter nu?

A. Doelpunt en rode kaart voor de eerder van het veld gezonden speler

B. Doelpunt en wegzenden van de eerder van het veld gezonden speler

C. Doelpunt afkeuren en gele kaart voor de eerder van het veld gezonden speler, hoekschop over laten nemen

D. Doelpunt afkeuren en gele kaart voor de eerder van het veld gezonden speler, indirecte vrije schop voor de tegenpartij

Het antwoord had B moeten zijn: De scheidsrechter merkt de eerder weggestuurde speler pas op nadat er is geschoord. Conclusie is derhalve dat hij het spel niet heeft beïnvloedt door zijn aanwezigheid. De weggestuurde speler wordt gelijkgesteld aan een ander persoon, waardoor geen kaart getoond kan worden. Deze wordt nu dus voor de 2e keer weggestuurd.

Spelregelvraag van de week (20 maart 2015):

De assistent-scheidsrechter steekt zijn vlag omhoog om aan te geven dat de bal de doellijn geheel gepasseerd heeft. Voordat de scheidsrechter echter kan affluiten, ziet de scheidsrechter dat een verdediger binnen zijn strafschopgebied een tegenstander slaat. Wat moet de beslissing van de scheidsrechter zijn?

A. De scheidsrechter toont de verdediger een rode kaart en hervat het spel met een hoekschop of doelschop.

B. De Scheidsrechter toont de verdediger een rode kaart en hervat het spel met een strafschop.

C. De Scheidsrechter toont de verdediger een gele kaart en hervat het spel met een doelschop of hoekschop.

Het antwoord had A moeten zijn: De bal was al uit het spel voordat de gewelddadige handeling (het slaan van een tegenstander) plaatsvond, daarom zal het spel hervat moeten worden met een doelschop of hoekschop, afhankelijk van wie de bal het laatst speelde en de slaande speler zal van het veld gestuurd moeten worden door het tonen van de rode kaart.

Spelregelvraag van de week (27 maart 2015):

In een reglementair duel tussen een aanvaller en de doelverdediger belanden beiden in de netruimte van het doel achter de doellijn, terwijl de bal via de doelpaal terug het veld in stuit. Alleen deze beide spelers zijn in de buurt van de spelsituatie. De doelman die snel reageert, wordt in de netruimte door de aanvaller vastgepakt, waardoor de aanvaller toch eerder bij de bal kan komen. De scheidsrechter fluit af maar wat moet hij nu beslissen?

A. Hij toont de aanvaller de rode kaart en laat hervatten met een indirecte vrije schop

B. Hij toont de aanvaller de gele kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal

C. Hij toont de aanvaller de gele kaart en laat hervatten met een indirecte vrije schop

D. Hij toont de aanvaller de gele kaart en laat hervatten met een directe vrije schop

Het antwoord is B: De overtreding wordt gepleegd buiten het speelveld, terwijl de bal wel in het spel is. De spelhervatting kan daardoor alleen maar een scheidsrechtersbal zijn en het vastpakken wordt bestraft met een gele kaart wegens onsportief gedrag.

Spelregelvraag van de week (3 april 2015):

De doelman staat aan de rand van zijn strafschopgebied met de bal in zijn handen en kijkt naar wie hij de bal zal spelen. Terwijl hij dit doet stuit hij met de bal enkele malen op de grond. Net als de bal de grond raakt, weet een toegelopen aanvaller de bal met de voet te spelen en in het doel te schieten. Wat zou jij als scheidsrechter moeten beslissen?

A. Je kent een doelpunt toe; de doelman had de bal immers niet meer in zijn bezit.

B. Je fluit af en laat hervatten met een directe vrije schop op de plaats waar de aanvaller de bal speelde, want de doelman werd geacht de bal in zijn bezit te hebben.

C. Je fluit af en laat hervatten met een directe vrije schop op de plaats waar de aanvaller de bal speelde. Je toont de overtreder een gele kaart wegens het voorkomen dat de doelman de bal in het spel kan brengen.

D. Je fluit af en laat hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de aanvaller de bal speelde, want de doelman werd geacht de bal in zijn bezit te hebben.

Het antwoord op de vraag had D moeten zijn: De doelman wordt geacht de bal in zijn bezit te hebben zodra hij 1 vinger of hand aan de bal heeft, maar ook als hij met de bal op de grond stuit of omhoog werpt om hem uit te trappen. De bal mag nu niet meer door een aanvaller worden gespeeld. Noot: als de doelman met een voet op de bal staat, is hij gewoon voetballer en heeft hij de bal niet in zijn bezit.

Spelregelvraag van de week (10 april 2015):

Een veldspeler die binnen het eigen doelgebied staat, gooit een hand vol modder tegen de bal aan en voorkomt zodoende dat er een doelpunt wordt gemaakt. Wat zal de scheidsrechter hier beslissen?

A. Hij geeft een indirecte vrije schop aan de tegenpartij op de rand van het doelgebied en geeft de speler een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

B. Hij kent een strafschop toe en geeft de speler een waarschuwing door het tonen van de gele kaart

C. Hij geeft een indirecte vrije schop aan de tegenpartij op de rand van het doelgebied en stuurt de speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart.

D. Hij kent een strafschop toe en stuurt de speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart.

Het antwoord op de vraag had D moeten zijn: Het gooien met een voorwerp naar de bal ( raak) wordt gelijkgesteld met hands en de spelhervatting derhalve een strafschop. Ontnemen van een duidelijke scoringskans betekent rood voor de verdediger.

Spelregelvraag van de week (17 april 2015):

In de rust hebben de doelverdediger en een veldspeler van tenue gewisseld. Als het spel in de tweede helft een paar minuten aan de gang is, wordt dit opgemerkt door de scheidsrechter. Op welke manier zal deze nu juist handelen?

A. Hij geeft beide spelers een waarschuwing door het tonen van de gele kaart zodra dit mogelijk is, zonder het spel hiervoor te onder­breken

B. Hij onderbreekt het spel, geeft beide spelers een waarschuwing door het tonen van de gele kaart

C. Hij onderbreekt het spel, geeft beide spelers een waarschuwing door het tonen van de gele kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpar­tij

D. Hij wacht tot de bal uit het spel is. Speelt één van beiden eerder de bal, dan wordt het spel onderbro­ken, krijgen beide spelers een waarschuwing door het tonen van de gele kaart en wordt het spel hervat met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij.

Het antwoord had A moeten zijn: zie pagina 16 spelregels veldvoetbal en pagina 10 van de aanvullende instructies.

Spelregelvraag van de week (24 april 2015):

Tijdens spel geeft de aanvoerder aan dat hij geblesseerd is en wil wisselen. Hij krijgt toestemming om het veld definitief te verlaten. Als de aanvoerder vlak bij de zijlijn is, komt de bal in zijn richting en hij trapt de bal vervolgens over de zijlijn. Wat zal de scheidsrechter beslissen?

A. Hij laat hervatten met een inworp. Er had nog geen wissel plaats gevonden

B. Hij laat hervatten met een inworp, maar de aanvoerder ontvangt een waarschuwing door het tonen van de gele kaart

C. Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de aanvoerder de bal speelde

D. Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de aanvoerder de bal speelde, maar de aanvoerder ontvangt een waarschuwing door het tonen van de gele kaart

Het antwoord op de vraag had D moeten zijn: de handeling van de speler die het veld verlaat wordt gezien als onsportief gedrag. Aangezien de bal nog in het spel was, wordt dit bestraft met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding en voor deze onsportiviteit staat een gele kaart.

Spelregelvraag van de week (1 mei 2015):

Een speler die andere schoenen heeft aangetrokken, wacht aan de zijlijn op toestemming om het speelveld te betreden. Vanaf deze plek achter de zijlijn spuwt hij naar een tegenstander, die binnen het speelveld loopt. Wat moet de scheidsrechter beslissen als hij hiervoor het spel heeft onderbroken?

A. Hij toont de spuwende speler een rode kaart en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats waar de bal was toen hij het spel onderbrak

B. Hij toont de spuwende speler een rode kaart en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats in het veld waar de tegenstander stond

C. Hij toont de spuwende speler een rode kaart en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats in het veld waar de tegenstander stond

D. Hij toont de spuwende speler een rode kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen hij het spel onderbrak

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn: dat voor het spuwen de rode kaart getoond moet worden, zal iedereen duidelijk zijn. Betrokken speler behoort tot de actieve spelers (categorie 1) en voor het spuwen van de tegenstander dient een directe vrije schop te worden gegeven op de plaats waar het contact van het spuwen plaatsvond, dus waar de tegenstander stond toen die werd gespuwd.

Dan de 250e spelregelvraag van de week (8 mei 2015):
Een veldspeler is met een directe rode kaart door de scheidsrechter van het speelveld gezonden. Een half uur later loopt de speler, als de bal tijdens het spel op het middenveld is, het speelveld weer in en slaat nabij de zijlijn een tegenstander. De scheidsrechter fluit af. Hoe zal hij dienen te handelen?

1 – Disciplinaire straf:
a. geen kaart
b. gele kaart
c. rode kaart

2 – Spelhervatting:
a. geen
b. indirecte vrije schop
c. directe vrije schop
d. strafschop
e. scheidsrechtersbal

3 – Plaats van de hervatting:
a. op de plaats van de overtreding
b. op de plaats waar de bal was op het moment dat…
c. op de strafschopstip
d. op de zijlijn

Het antwoord op de vraag had A-E-B moeten zijn: omdat de speler al was weggezonden met een rode kaart, kan geen kaart meer worden getoond. Wel dient het voorval te worden gemeld aan de bond. De spelhervatting is een scheidsrechtersbal, omdat de overtreding binnen het speelveld wordt gemaakt door ‘een ander persoon’ en de plaats van de spelhervatting is daar waar de bal was op het moment dat de scheidsrechter het spel onderbrak.

Spelregelvraag van de week (15 mei 2015):

Bij een inworp voor partij A laat de inwerpende speler zich voorover vallen en duwt daarbij de bal hardhandig in het gezicht van een verdediger van partij B, die zich binnen het speelveld bevindt op minder dan twee meter van de zijlijn. Wat zal de beslissing van de scheidsrechter moeten zijn?

A. Hij stuurt de inwerpende speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart en geeft de inworp aan de tegenpartij

B. Hij stuurt de inwerpende speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart en geeft dezelfde partij nogmaals de inworp

C. Hij stuurt de inwerpende speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart en toont een gele kaart aan de niet op afstand staande speler van partij B, hij hervat met een inworp voor dezelfde partij

D. Hij stuurt de inwerpende speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart en toont een gele kaart aan de niet op afstand staande speler. Hij hervat met een directe vrije schop op de plaats waar de speler stond toen hij de bal in het gezicht geduwd kreeg.

Het antwoord op de vraag had C moeten zijn: dat de inwerpende speler van het speelveld wordt gestuurd door het tonen van de rode kaart zal een ieder duidelijk zijn. Tegenwoordig moet een speler bij een inworp op minimaal twee meter afstand staan van de plaats waar de bal binnen het speelveld komt. Daaraan voldeed de verdediger van partij B niet en daarvoor dient hem de gele kaart te worden getoond. Omdat de inworp in feite nog niet heeft plaatsgevonden (de bal was nog niet geworpen), krijgt partij A nogmaals de inworp. 

Spelregelvraag van de week (22 mei 2015):
Bij een hoge voorzet probeert een verdediger een doelpunt te voorkomen door de bal met zijn hand weg te slaan. Hierbij weet een aanvaller de bal toch in zijn bezit te krijgen. Nadat de scheidsrechter de voordeelregel heeft toegepast, schiet de aanvaller de bal tegen de paal en via het been van de doelverdediger gaat de bal naast het doel. Wat zal de scheidsrechter beslissen?

1 – Disciplinaire straf:
a. geen kaart
b. gele kaart
c. rode kaart

2 – Spelhervatting:
a. geen
b. indirecte vrije schop
c. hoekschop
d. strafschop
e. directe vrije schop

3 – Plaats van de hervatting:
a. op de plaats waar de bal met de hand werd geraakt
b. op de plaats waar de bal over de doellijn ging
c. op de strafschopstip
d. in het hoekschopgebied
e. in het strafschopgebied

Het antwoord op de vraag had B-C-D moeten zijn: de scheidsrechter past de voordeelregel toe, waardoor de aanvaller alsnog in balbezit komt. Door de bal met de hand weg te slaan, maakt de verdediger zich wel schuldig aan onsportief gedrag, waarvoor hij de gele kaart moet krijgen. Door het toepassen van de voordeelregel is er geen sprake meer van het ontnemen van een duidelijke scoringskans. De aanvaller verprutst deze kans namelijk zelf . De spelhervatting is een hoekschop, te nemen vanuit het hoekschopgebied. 

Spelregelvraag van de week (29 mei 2015):

Een aanvaller loopt met de bal het strafschopgebied in. Een verdediger probeert dit te verhinderen door de aanvaller al buiten het strafschopgebied aan zijn shirt vast te houden. Wanneer beide spelers binnen het strafschopgebied zijn gekomen, laat de verdediger plotseling los, waardoor de aanvaller ten val komt. Wat beslist de scheidsrechter, nadat hij hiervoor het spel onderbroken heeft?

A. Hij hervat het spel met een strafschop en toont de verdediger een gele kaart

B. Hij hervat met een strafschop en toont de verdediger een gele of een rode kaart

C. Hij hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats waar het vasthouden begon en toont de verdediger een gele kaart

Het antwoord is B: het vasthouden van de tegenstander begon buiten het strafschopgebied. De overtreding wordt middels een spelhervatting hervat op de plaats waar de tegenstander wordt losgelaten en dat is in dit geval binnen het strafschopgebied. De enige juiste spelhervatting is derhalve een strafschop. Mocht door de overtreding een doelrijpe scoringskans teniet worden gedaan, dan dient de overtreder ook nog de rode kaart te worden getoond. Mocht dit niet het geval zijn, dan dient de scheidsrechter de gele kaart te tonen aan de overtreder wegens onsportief gedrag. 

Spelregelvraag van de week (5 juni 2015):

Partij A speelt als gevolg van onder andere blessures met nog maar 7 spelers, inclusief een doelman. Na een kwartier in de tweede helft raakt er weer een speler van Partij A tijdens een duel aan de zijlijn geblesseerd en deze stapt vervolgens van het speelveld. Op dat moment is een kansrijke aanval voor Partij B aan de gang. Wat gaat de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij fluit af en wacht maximaal 30 minuten. Is de gewonde speler dan nog niet terug, dan staakt hij de wedstrijd.

B. Hij laat doorspelen totdat de bal uit het spel is. Vervolgens wacht hij maximaal 30 minuten. Is de gewonde speler dan nog niet terug, dan staakt hij de wedstrijd.

C. Hij laat doorspelen totdat de bal uit het spel is. Vervolgens wacht hij maximaal 5 minuten. Is de gewonde speler dan nog niet terug, dan staakt hij de wedstrijd.

D. Hij fluit af en wacht maximaal 5 minuten. Is de gewonde speler dan nog niet terug, dan staakt hij de wedstrijd.

Het antwoord op de vraag had C moeten zijn: zie pagina 20 Spelregels Veldvoetbal. De scheidsrechter wacht tot de eerstvolgende onderbreking. Dan gaat hij vragen wat er aan de hand is en wacht maximaal vijf minuten. Lukt het de geblesseerde speler niet terug te komen binnen die tijd, dan moet de scheidsrechter de wedstrijd definitief staken. 

Spelregelvraag van de week (12 juni 2015):

Een speler die behandeld is aan een blessure wacht aan de zijlijn op toestemming om het speelveld te betreden. Vanaf deze plek achter de zijlijn spuwt hij naar een tegenstander die binnen het speelveld loopt. Wat beslist de scheidsrechter als hij hiervoor het spel heeft onderbroken?

1 – Disciplinaire straf:
a. geen kaart
b. gele kaart
c. rode kaart

2 – Spelhervatting:
a. geen vrije schop
b. indirecte vrije schop
c. directe vrije schop
d. strafschop
e. scheidsrechtersbal

3 – Plaats van de hervatting:
a. op de plaats nabij de zijlijn
b. op de plaats waar de bal was op moment van onderbreken
c. waar de tegenstander stond

Het juiste antwoord is C-C-C: deze van een blessure terugkomende speler blijft behoren tot de actieve spelers en kan zich dus schuldig maken aan dezelfde overtredingen als zijn teamgenoten. Voor het spuwen van een tegenstander is de spelhervatting een directe vrije schop. Deze spelhervatting vindt plaats daar waar de tegenstander wordt getroffen door het speeksel.  De persoonlijke straf is bij spuwen altijd een rode kaart.

Spelregelvraag van de week (19 juni 2015):

Een wisselspeler komt in de 56e minuut zonder toestemming van de scheidsrechter het speelveld in, om een met een blessure uitgevallen medespeler te vervangen. Onmiddellijk hierna scoort hij. Nog voor de aftrap bemerkt de scheidsrechter de wisseling. Wat zal hij moeten beslissen?

A. Het doelpunt wordt goedgekeurd. De hervatting is een aftrap na een geldig doelpunt. De wisselspeler ontvangt een gele kaart, maar hij mag op het veld blijven

B. Het doelpunt wordt afgekeurd. De hervatting is een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken (in het doelgebied van de verdedigende partij). De wisselspeler ontvangt een gele kaart en hij moet het veld verlaten. Hij mag het veld weer betreden na een teken van de scheidsrechter

C. Het doelpunt wordt goedgekeurd. De hervatting is een aftrap na een geldig doelpunt. De wisselspeler mag op het veld blijven

D. Het doelpunt wordt afgekeurd. De hervatting is een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken (in het doelgebied van de verdedigende partij). De wisselspeler moet het veld verlaten om de wisselprocedure juist uit te voeren. Hij mag het veld weer betreden na een teken van de scheidsrechter

Het juiste antwoord is A: de enige overtreding die er gemaakt wordt is het zonder toestemming van de scheidsrechter betreden van het speelveld om het team weer compleet te maken. De scheidsrechter bemerkt dat pas vlak voor de hervatting met aftrap na geldig doelpunt. Wel dient de overtreder voor het zonder toestemming betreden van het speelveld de gele kaart te worden getoond, doch het doelpunt kan gewoon in stand blijven. 

Spelregelvraag van de week (26 juni 2015):

Een veldspeler is met een directe rode kaart door de scheidsrechter van het speelveld gezonden. Een half uur later loopt de speler, als de bal tijdens het spel op het middenveld is, het speelveld in en slaat nabij de zijlijn een tegenstander. De scheidsrechter fluit af, hoe zal hij dienen te handelen?

1 – Disciplinaire straf:
a. geen kaart
b. gele kaart
c. rode kaart

2 – Spelhervatting:
a. geen vrije schop
b. indirecte vrije schop
c. directe vrije schop
d. strafschop
e. scheidsrechtersbal

3 – Plaats van de hervatting:
a. op de plaats van de overtreding
b. op de plaats waar de bal was op moment dat…
c. de strafschopstip
d. op de zijlijn, zo dicht mogelijk bij de plaats waar de slaande speler stond

Het juiste antwoord is A-E-B: de veldspeler die met een rode kaart al is weggezonden, krijgt daardoor de status van een ander persoon. Of het nu gaat om een toeschouwer of een weggezonden voetballer, aan deze persoon kan de scheidsrechter geen rode kaart tonen. Omdat het niet gaat om een speler of wisselspeler, dient het spel na onderbreking te worden hervat met een scheidsrechtersbal en wel op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter het spel onderbrak.  

Spelregelvraag van de week (3 juli 2015):
Voordat hij de tweede strafschop zou nemen tijdens een strafschoppenserie, toont de scheidsrechter de nemer een rode kaart wegens een belediging van de assistent scheidsrechter. Wat zal de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij laat de strafschop door een andere speler nemen.

B. Hij laat de strafschop door een andere speler nemen, nadat hij de aanvoerder van het andere team opdracht heeft gegeven zijn team met één speler te verminderen.

C. Hij laat de strafschop door een andere speler nemen en laat beide teams eerst 5 strafschoppen nemen. Is er dan geen winnaar, dan moet de aanvoerder van het andere team zijn team verminderen met één speler.

D. Hij noteert deze strafschop als gemist, waardoor de andere partij meer kans krijgt.

Het juiste antwoord is A: de strafschoppenserie gaat gewoon verder. Er vindt geen aanpassing meer plaats van het aantal deelnemers aan de strafschoppenserie. Dat kan alleen gebeuren zolang de strafschoppenserie nog niet is begonnen. Is de serie eenmaal begonnen, dan wordt een en ander afgemaakt met voor de ene ploeg een speler minder als waarmee was begonnen.

Spelregelvraag van de week (10 juli 2015):
Een strafbaar buitenspel staande aanvaller wordt in het strafschopgebied met buitensporige inzet aangevallen door een verdediger en raakt hierbij gewond. De bal is op dat moment al in de richting van de aanvaller gespeeld. Wat zal de scheidsrechter beslissen?

1 – Disciplinaire straf:
a. geen kaart
b. vermaning
c. gele kaart
d. rode kaart

2 – Spelhervatting:
a. geen vrije schop
b. indirecte vrije schop
c. directe vrije schop
d. strafschop
e. scheidsrechtersbal

3 – Plaats van de hervatting:
a. op de plaats van de overtreding
b. op de plaats waar de aanvaller stond
c. op de strafschopstip
d. waar de bal was op moment van de overtreding
e. waar de bal was bij het buitenspel staan

Het antwoord op de vraag had D-B-B moeten zijn: op het moment van spelen van de bal stond de speler reeds strafbaar buitenspel. Buitenspelbeoordeling dient plaats te hebben op het moment dat de bal wordt gespeeld en derhalve dient het spel te worden hervat met een indirecte vrije schop, op de plaats waar de buitenspel staande speler stond op het moment van spelen van de bal. Dat hij daarna wordt aangevallen levert natuurlijk wel de persoonlijke straf (veldverwijdering door het tonen van de rode kaart) op.

Spelregelvraag van de week (17 juli 2015):
Bij een doelschop loopt een aanvaller te vroeg toe. Een verdediger ziet dit en ontneemt hem de weg naar de bal door een overtreding te maken. De scheidsrechter wacht tot de bal buiten het strafschopgebied is gekomen, fluit dan af, toont de verdediger een rode kaart en hervat het spel met een strafschop voor de aanvallende partij. Zijn deze beslissingen juist?

A. Neen, de verdediger had geen rode kaart mogen krijgen.

B. Neen, op het moment van de overtreding was de bal nog binnen het strafschopgebied, zodat de doelschop moet worden overgenomen. De rode kaart is afhankelijk van de ernst van de overtreding.

C. Ja, de scheidsrechter had gedeeltelijk gelijk; het tonen van de rode kaart is juist, doch de doelschop moet worden overgenomen.

D. De scheidsrechter had gedeeltelijk gelijk; het toekennen van de strafschop is juist, de speler had hij echter geen rode kaart mogen tonen.

Het juiste antwoord op de vraag had B moeten zijn: bij een doelschop is de bal pas in het spel als deze rechtstreeks buiten het strafschopgebied en binnen het speelveld is gekomen. Hier werd de overtreding gemaakt voordat de bal buiten het strafschopgebied was gekomen en dient de doelschop dus te worden overgenomen. Afhankelijk van de aard van de overtreding dient de scheidsrechter te oordelen of er een kaart nodig is en zo ja, of dit dan geel of rood moet zijn.

Spelregelvraag van de week (24 juli 2015):
Een aanvaller die zich achter de doellijn heeft teruggetrokken om zich aan buitenspel te onttrekken, schreeuwt in die positie een aanwijzing naar een medespeler, die ter hoogte van het strafschoppunt in het bezit van de bal is. De scheidsrechter fluit af en toont de schreeuwende speler een gele kaart. Hoe hervat hij het spel?

A. Een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal zich bevond toen afgefloten werd.

B. Een indirecte vrije schop vanaf de plaats waar de bal zich bevond toen afgefloten werd.

C. Een scheidsrechtersbal op de doellijn, zo dicht mogelijk bij de plaats waar de schreeuwende speler stond.

D. Een indirecte vrije schop op de doellijn, zo dicht mogelijk bij de plaats waar de schreeuwende speler

Het antwoord is A: op het moment van onderbreken bevond de bal zich in het spel (ter hoogte van de strafschopstip). De scheidsrechter onderbrak het spel, omdat een aanvaller die zich aan buitenspel had onttrokken door achter de doellijn te gaan staan, begon te schreeuwen naar een medespeler. De schreeuwende speler bevond zich buiten het speelveld, waardoor de spelhervatting een scheidsrechtersbal moet zijn en wel op de plaats waar de bal was toen werd afgefloten.

Spelregelvraag van de week (31 juli 2015):
Tijdens het spel begaat een aanvaller een overtreding binnen het speelveld tegen een verzorger die zonder toestemming binnen het speelveld komt. Hoe zal het spel hervat worden, nadat de scheidsrechter het spel heeft onderbroken?

A. Hij laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding.

B. Hij laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

C. Hij laat het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats van de overtreding.

D. Hij laat het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

Het antwoord had D moeten zijn: omdat het hier gaat om een overtreding tegenover een ander persoon dan tegenover een van de spelers, is na onderbreking van het spel de spelhervatting altijd een scheidsrechtersbal, en wel vanaf de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken van het spel door de scheidsrechter.

Spelregelvraag van de week (7 augustus 2015):
Een verdediger ontneemt enkele seconden voor het einde van de wedstrijd een duidelijke scoringskans aan een doorgebroken aanvaller, door hem vlak voor het strafschopgebied van achteren ten val te brengen. Wat zal de scheidsrechter moeten beslissen, nadat hij voor de overtreding heeft gefloten en de overtreder heeft weggezonden door het tonen van de rode kaart?

A. Hij zal de wedstrijd moeten verlengen voor het nemen van een strafschop.

B. Hij kent een indirecte vrije schop toe aan de aanvallende partij.

C. Hij zal de wedstrijd als geëindigd beschouwen.

D. Hij laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop.

Het juiste antwoord op de vraag had C moeten zijn: de wedstrijd is ten einde op het moment dat het horloge van de scheidsrechter aangeeft dat de tijdsduur van de wedstrijd is verstreken. Slechts in geval van een strafschop dient de speeltijd te worden verlengd tot het moment waarop de strafschop zijn uitwerking heeft gehad. Hier ging het om een overtreding (het ten val brengen van een tegenstander) buiten het strafschopgebied, waarvoor als spelhervatting een directe vrije schop geldt. Hiervoor wordt de duur van de wedstrijd dus niet verlengd.

Spelregelvraag van de week (14 augustus 2015):
Een verdediger laat een aanvaller net buiten het strafschopgebied op niet voorzichtige wijze struikelen. De aanvaller komt hierdoor uiteindelijk vlak voor de voeten van een andere verdediger binnen het strafschopgebied ten val. Wat moet de scheidsrechter hier beslissen als hij hiervoor heeft onderbroken?

1 – Disciplinaire straf:
a. geen kaart
b. vermaning
c. gele kaart
d. rode kaart

2 – Spelhervatting:
a. geen vrije schop
b. indirecte vrije schop
c. directe vrije schop
d. strafschop
e. scheidsrechtersbal

3 – Plaats van de hervatting:
a. op de lijn van het strafschopgebied
b. op de plaats waar de overtreding werd begaan
c. op de strafschopstip
d. op de plaats waar de struikelende speler ten val kwam

Het juiste antwoord is C-C-B: de plaats van de overtreding is in dit geval dus buiten het strafschopgebied en niet waar de speler uiteindelijk ten val kwam. De spelhervatting is derhalve een directe vrije schop en wel op de plaats van de overtreding. Omdat er bij de overtreding sprake is van ‘op niet voorzichtige wijze’, dient er een kaart gegeven te worden. Hier wordt niet gesproken over een actie met buitensporige inzet, zodat hiervoor een gele kaart getoond moet worden. 

Spelregelvraag van de week (21 augustus 2015):
In de rust heeft een wisseling van een veldspeler plaatsgevonden. Men vergeet dit aan de scheidsrechter te melden. Als het spel in de tweede helft een paar minuten bezig is, wordt dit opgemerkt door de scheidsrechter. Wat zal hij onmiddellijk moeten beslissen?

1 – Disciplinaire straf:
a. geen kaart
b. vermaning
c. gele kaart
d. rode kaart

2 – Spelhervatting:
a. geen vrije schop
b. indirecte vrije schop
c. directe vrije schop
d. strafschop
e. scheidsrechtersbal

3 – Plaats van de hervatting:
a. op de plaats waar de wisselspeler stond
b. op de plaats waar de bal was toen…
c. doorspelen tot de volgende onderbreking

Het juiste antwoord is C-B-B: op het moment dat de scheidrechter dit merkt zal hij het spel onderbreken om de niet gemelde wisselspeler een gele kaart te tonen. Het spel wordt hervat met een indirecte vrije schop voor de andere partij. Deze vrije schop wordt genomen op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter het spel onderbrak.   

Spelregelvraag van de week (28 augustus 2015):
Een verdediger spuwt tijdens het spel, vanuit zijn eigen strafschopgebied – maar buiten zijn doelgebied – naar een aanvaller, die naast het doel en achter de doellijn staat. Wat beslist de scheidsrechter, nadat hij hiervoor het spel heeft onderbroken?

A. Hij toont de spuwende speler een gele kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal.

B. Hij toont de spuwende speler een rode kaart en hervat het spel met een strafschop.

C. Hij toont de spuwende speler een rode kaart en hervat het spel met een doelschop

D. Hij toont de spuwende speler een rode kaart en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats waar de spuwende speler stond.

Het juiste antwoord is D: voor het spuwen dient altijd een rode kaart getoond te worden. Omdat de speler die de overtreding begaat binnen het speelveld staat en de speler die getroffen wordt erbuiten, is de spelhervatting een indirecte vrije schop op de plaats waar de verdediger (de spuwende speler) staat.   

Spelregelvraag van de week (4 september 2015):
Na een duel laat de scheidsrechter het spel doorgaan. Een speler, die is gewisseld en op de reservebank heeft plaatsgenomen, is het met deze beslissing niet eens en gooit vanaf de bank een bidon hard in het gezicht van een tegenspeler, die in het speelveld is. De scheidsrechter fluit af. Wat moet de scheidsrechter beslissen als de speler die gooide al een gele kaart had?

A. Hij toont de speler een gele kaart, onmiddellijk gevolgd door een rode kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken

B. Hij toont de speler een gele kaart, onmiddellijk gevolgd door een rode kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken

C. Hij toont de speler een rode kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken

D. Hij toont de speler een rode kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

Het juiste antwoord is D: de overtreding die wordt gemaakt dient te worden bestraft met een rechtstreekse rode kaart. De ploeg waartoe de gewisselde speler behoort dient te worden bestraft met een indirecte vrije schop, omdat de overtreding plaatsvond binnen het speelveld.    

Spelregelvraag van de week (11 september 2015):
Met een lange bal probeert een verdediger de bal naar een medespeler te spelen die in buitenspelpositie staat. Een tegenstander probeert dit te verhinderen door de bal weg te koppen, maar doet dit niet goed genoeg. De bal komt namelijk toch bij de medespeler terecht, die in buitenspelpositie stond toen de bal door zijn ploeggenoot werd getrapt. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Hij laat het spel doorgaan, omdat het koppen van de bal wordt beschouwd als “aangaan van een duel“

B. Hij fluit af voor strafbaar buitenspel, omdat dit wordt beschouwd als “voordeel trekken uit een buitenspelsituatie” en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop

C. Hij laat het spel doorgaan omdat het koppen van de bal wordt beschouwd als “opzettelijk spelen van de bal“

D. Hij fluit af voor strafbaar buitenspel, omdat dit wordt beschouwd als “ingrijpen in het spel”en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop.

Het juiste antwoord had C moeten zijn: de nieuwe uitleg van buitenspel. Dit wordt gezien als opzettelijk spelen van de bal en de buitenspel staande speler ontvangt de bal dus van een tegenstander, waardoor er geen sprake is van strafbaar buitenspel.    

Spelregelvraag van de week (18 september 2015):
Een speler mag een directe vrije schop nemen buiten zijn eigen strafschopgebied. Om de regel over het doelbewust toespelen van de bal met de voet naar de eigen doelverdediger te omzeilen, knielt hij en speelt hij de vrije schop met de knie naar zijn doelverdediger. De doelverdediger pakt de bal in zijn handen. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Hij laat doorspelen

B. Hij fluit af, toont de speler een gele kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de doelverdediger de bal in zijn handen nam

C. Hij fluit af, toon de speler een gele kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de speler de vrije schop met de knie nam

D. Hij fluit af, toont de speler een gele kaart en laat de directe vrije schop overnemen.

Het juiste antwoord is D: bij een vrije schop is de bal in het spel als deze getrapt wordt en beweegt. Een vrije schop nemen met de knie betekent dus dat de bal niet correct in het spel is gebracht en derhalve dient te worden overgenomen. De actie wordt evenwel gezien als onsportief gedrag, waarvoor een gele kaart getoond moet worden.    

Spelregelvraag van de week (25 september 2015):
Wanneer is een fluitsignaal nodig?

A. Bij het toekennen van een hoekschop

B. Bij het toekennen van een doelpunt

C. Om het spel te laten hervatten met een directe of indirecte vrije schop

D. Om het spel te laten hervatten nadat het spel onderbroken is geweest voor het tonen van een kaart

Het juiste antwoord is D: zie pagina 31 Spelregels Veldvoetbal (uitgave juli 2015). Voor het toekennen van een hoekschop, voor een doelpunt en om het spel te hervatten met een vrije schop is geen fluitsignaal nodig. Om het spel te hervatten nadat het spel is onderbroken vanwege het tonen van een kaart (wegens onbehoorlijk gedrag), is juist wel een fluitsignaal nodig.     

Spelregelvraag van de week (2 oktober 2015):
De doelverdediger van de verdedigende partij slaat binnen zijn eigen strafschopgebied met zijn scheenbeschermer tegen de bal, die daardoor naast in plaats van in het doel gaat. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. De scheidsrechter toont de speler de gele kaart en laat hervatten met een hoekschop.

B. De scheidsrechter toont de speler de gele kaart en laat hervatten met een indirecte vrije schop.

C.De scheidsrechter toont de speler de rode kaart en laat hervatten met een scheidsrechtersbal.

D.De scheidsrechter toont de speler de rode kaart en laat hervatten met een strafschop.

Het antwoord is B: de doelverdediger kan zich niet schuldig maken aan een opzettelijke handsbal binnen zijn eigen strafschopgebied, maar wel aan onsportief gedrag, waarvoor hem de gele kaart getoond moet worden. Nadat de scheidsrechter het spel heeft onderbroken dient de spelhervatting een indirecte vrije schop te zijn, omdat hier sprake is van onsportief gedrag.    

Spelregelvraag van de week (9 oktober 2015):
Een verdediger van ploeg A die binnen zijn eigen strafschopgebied staat, gooit een scheenbeschermer tegen de bal aan, die een speler van ploeg B in zijn bezit heeft, en die buiten het strafschopgebied en binnen het speelveld staat. Wat moet de scheidsrechter beslissen als hij hiervoor het spel heeft onderbroken?

A. Hij toont de speler van ploeg A een gele kaart en kent een directe vrije schop toe aan ploeg B, vanaf de plaats waar de scheenbeschermer de bal raakte

B. Hij toont de speler van ploeg A een rode kaart en kent een directe vrije schop toe aan ploeg B, vanaf de plaats waar de scheenbeschermer de bal raakte of geraakt zou hebben

C. Hij toont de speler van ploeg A een rode kaart en kent een indirecte vrije schop toe aan ploeg B, vanaf de plaats waar de scheenbeschermer de bal raakte of geraakt zou hebben

D. Hij toont de speler van ploeg A een rode kaart en kent een strafschop toe aan ploeg B

Het juiste antwoord is A: zie pagina 33 van de aanvullende instructies. De verdediger van ploeg A dient te worden bestraft met een gele kaart, omdat een dergelijke actie als onsportief gedrag wordt bestempeld. Het gooien van een voorwerp naar de bal wordt gezien als een overtreding (opzettelijk hands) als een veldspeler dat doet. De spelhervatting is in dit geval een directe vrije schop, omdat de overtreding buiten het strafschopgebied plaatsvindt.

Spelregelvraag van de week (16 oktober 2015):
Een veldspeler gooit correct in. Vervolgens pakt deze speler de bal opnieuw in zijn handen in zijn eigen strafschopgebied. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Een indirecte vrije schop wegens tweemaal spelen van de bal met de hand

B. Een strafschop wegens het tweemaal spelen van de bal met de hand

C. Een strafschop wegens hands

D. Overnemen van de inworp

Het juiste antwoord is C: Op basis van het vermelde in de nieuwste uitgave Spelregels Veldvoetbal blz. 87 onder overtredingen en straffen , dient het antwoord dus C te zijn. De bal voor de 2e keer opzettelijk aanraken of spelen met de hand of arm door de inwerper moet worden bestraft met een directe vrije schop c.q. strafschop.

Spelregelvraag van de week (23 oktober 2015):
Op weg naar het veld, voor aanvang van de wedstrijd, ziet de scheidsrechter dat een speler van ploeg A en een wisselspeler van ploeg B elkaar slaan. Wat zal hij nu beslissen?

A. Hij stuurt beide spelers weg door het tonen van de rode kaart, zij mogen niet worden vervangen.

B. Hij stuurt beide spelers weg door het tonen van de rode kaart, zij mogen nog wel worden vervangen.

C. Hij stuurt beide spelers weg door het tonen van de rode kaart. De speler van ploeg A mag wel worden vervangen, maar de wisselspeler van ploeg B mag niet worden vervangen.

D. Hij stuurt beide spelers weg door het tonen van de rode kaart. De speler van ploeg A mag niet worden vervangen, maar de wisselspeler van ploeg B mag wel worden vervangen.

Het antwoord had C moeten zijn: hij stuurt beide spelers weg door het tonen van de rode kaart. De speler van ploeg A mag wel worden vervangen omdat de wedstrijd nog niet was aangevangen. Een wisselspeler die zich schuldig maakt aan ernstig gemeen spel mag echter niet meer worden vervangen.

Spelregelvraag van de week (30 oktober 2015):
De scheidsrechter kent een indirecte vrije schop toe aan Vitesse, op 16 meter van het doel van Feyenoord. De aanvaller die de schop neemt, schiet hem rechtstreeks op het doel van Feyenoord. Een op de doellijn staande verdediger, maar niet de doelverdediger, stompt de bal met de vuisten over het doel, voordat de bal de doellijn is gepasseerd. Wat zal de scheidsrechter nu moeten beslissen?

A. Hij zal een strafschop toekennen aan Vitesse, en de Rotterdammer van het speelveld zenden door het tonen van een rode kaart

B. Hij zal een strafschop toekennen aan Vitesse, en een waarschuwing geven aan de Rotterdammer door het tonen van de gele kaart

C. Hij zal een hoekschop toekennen aan Vitesse en de Rotterdammer een waarschuwing geven door het tonen van de gele kaart

D. Hij zal een hoekschop toekennen aan Vitesse en de Rotterdammer van het speelveld zenden door het tonen van de rode kaart

Het juiste antwoord is B: de toegekende vrije schop is een indirecte vrije schop. Hieruit kan niet rechtstreeks gescoord worden. De verdediger voorkomt dus ook geen doelpunt en hoeft dus niet van het speelveld te worden gezonden. Wel is er sprake van onsportief gedrag, waarvoor hij een waarschuwing krijgt door het tonen vna de gele kaart. De spelhervatting (wegens hands) is een directe vrije schop en in dit geval dus een strafschop.

Spelregelvraag van de week (6 november 2015):
De doelverdediger heeft in het strafschopgebied de bal gevangen. Hij verlaat met de bal in zijn hand het veld en slaat een vervelende toeschouwer, die naast het doel achter de doellijn staat. De scheidsrechter fluit af. Wat zal hij verder beslissen, nadat de toeschouwer door de aanvoerder van de thuisclub is weggestuurd?

A. Hij zendt de doelman van het veld door het tonen van de rode kaart en laat hervatten met een indirecte vrije schop.

B. Hij geeft de doelman een waarschuwing door het tonen van de gele kaart en laat hervatten met een strafschop.

C. Hij zendt de doelman van het veld door het tonen van de rode kaart en laat hervatten met een scheidsrechtersbal.

D. Hij zendt de doelman van het veld door het tonen van de rode kaart en laat hervatten met een hoekschop.

Het juiste antwoord is D: Op het moment dat de doelman met de bal in de hand de doellijn overschrijdt, is er nog niets   onreglementairs gebeurd en is de spelhervatting daardoor een hoekschop. Dat hij daarna met rood van het veld wordt gestuurd, is voor een ieder begrijpelijk.

Spelregelvraag van de week (13 november 2015):
Tijdens de wedstrijd ontstaat ineens verwarring omdat een toeschouwer op een fluitje blaast. Moet de scheidsrechter hier iets mee? En wat beslist de scheidsrechter als een speler nabij de zijlijn de bal in zijn handen neemt, omdat hij dacht dat de scheidsrechter had gefloten?

A. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel door hem werd onderbroken.

B. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de speler de bal in zijn handen pakte.

C. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding, doch hij toont deze speler niet de gele kaart.

D. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding, maar hij toont deze speler wel de gele kaart.

Het juiste antwoord is A: zie regel 5. Wanneer een toeschouwer op een fluitje blaast en de scheidsrechter vindt dat het fluitsignaal ingreep in het spel, dan moet de scheidsrechter de wedstrijd onderbreken en het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

Spelregelvraag van de week (20 november 2015):
Een elftalleider in het amateurvoetbal is het niet eens met de beslissing van de scheidsrechter. Hij komt nabij de middenlijn vanuit de dug-out het speelveld in en beledigtop grove wijze de scheidsrechter. De scheidsrechter onderbreekt hiervoor het spel. Hoe moet de scheidsrechter nu verder handelen?

A. De scheidsrechter stuurt de elftalleider naar de spelersbank terug en hervat met een scheidsrechtersbal

B. De scheidsrechter stuurt de elftalleider van het veld en hervat met een scheidsrechtersbal

C. De scheidsrechter stuurt de elftalleider van het veld door het tonen van de rode kaart en hervat met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter het spel onderbrak

D. De scheidsrechter stuurt de elftalleider van het veld door het tonen van de rode kaart en hervat met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter het spel onderbrak

Het antwoord is C: zie bestuursbesluit gele en rode kaarten in het Bewaarnummer (6.7). Binnen het amateurvoetbal kunnen scheidsrechters gele en rode kaarten geven aan personen die op de bank mogen zitten. Dit geldt dus zowel voor wisselspelers als niet-spelers (trainers, verzorgers, leiders etc.).

Spelregelvraag van de week (27 november 2015):
Een inwerper werpt de bal voorzichtig tegen de rug van de dichtbij staande scheidsrechter, om op die manier de bal weer te kunnen spelen. Via de scheidsrechter gaat de bal echter over de zijlijn. Wat zal de scheidsrechter hier beslissen?

A. Hij geeft de tegenpartij een inworp

B. Hij toont de inwerper de gele kaart en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats waar de bal de scheidsrechter raakte

C. Hij toont de inwerper de gele kaart en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal de scheidsrechter raakte

D. Hij toont de inwerper de gele kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal de scheidsrechter raakte

Wat is volgens jou het juiste antwoord?

Het juiste antwoord is C: deze handeling dient te worden uitgelegd als onsportief gedrag. Als hij de bal voorzichtig tegen de rug van de dichtbij staande speler had geworpen, dan behoefde de scheidsrechter niet in te grijpen. In dit geval dient hij de inwerper de gele kaart te tonen, en het spel dient te worden hervat met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal de scheidsrechter raakte. 

Spelregelvraag van de week (4 december 2015):
Een veldspeler die een tegenstander duwt, moet alleen worden bestraft met een directe vrije schop c.q. strafschop, indien dit:

A. Onvoorzichtig, onbesuisd of gepaard gaande met buitensporige inzet gebeurt

B. Naar het oordeel van de scheidsrechter gebeurt

C. Geen correcte schouderduw is

D. Met twee handen gebeurt

Het juiste antwoord is A: zie pagina 69 Spelregels Voetbal. Het duwen moet op een niet correcte manier geschieden, want anders is er geen sprake van een overtreding. Het met schouder tegen schouder duwen, bal binnen speelbereik hebben en de intentie hebben de bal te willen spelen is geen overtreding. Als het duwen onvoorzichtig, onbesuisd of gepaard gaande met buitensporige inzet gebeurt, moet de scheidsrechter ingrijpen en een directe vrije schop c.q. strafschop toekennen.

Spelregelvraag van de week (11 december 2015):
Tijdens het spel slaat een verdediger (niet de doelverdediger) met zijn hand de bal uit het doel. Hij raakte hierbij de bal achter de doellijn, op het moment dat de bal nog niet in zijn geheel het doelvlak had gepasseerd. Wat zal de scheidsrechter moeten beslissen?

A. Hij onderbreekt het spel en stuurt de verdediger van het speelveld door het tonen van een rode kaart. Hierna hervat hij het spel met een strafschop voor de aanvallende partij

B. Hij onderbreekt het spel en stuurt de verdediger van het speelveld door het tonen van een rode kaart, hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal

C. Hij onderbreekt het spel en stuurt de verdediger van het speelveld door het tonen van een rode kaart, en hervat het spel met een indirecte vrije schop voor de aanvallende partij

D. Hij laat gewoon doorspelen, want de bal werd geraakt buiten het speelveld

Het juiste antwoord is A: Op het moment dat de verdediger de bal raakt is de bal nog in het spel (het doelvlak was nog niet geheel gepasseerd). Hij maakt dus hands en voorkomt daarbij ook nog een duidelijke scoringskans. De persoonlijke straf is derhalve het tonen van de rode kaart en daarnaast moet voor de handsbal een strafschop worden toegekend aan de aanvallende partij.

Spelregelvraag van de week (18 december 2015):
Een verdediger schiet een directe vrije schop van buiten het strafschopgebied veel te hard terug op zijn eigen doelverdediger, die de bal volledig mist. De bal komt tegen de doelpaal en wordt nu binnen het strafschopgebied door de nemer naast het doel geschoten, waarbij een toelopende aanvaller een duidelijke scoringskans wordt ontnomen. Wat zal de scheidsrechter nu moeten beslissen?

A. De scheidsrechter fluit af, hervat het spel met een indirecte vrije schop en toont de verdediger een gele kaart wegens  het twee keer spelen van de bal

B. De scheidsrechter fluit af. De verdediger wordt voor zijn actie van het veld gestuurd door het tonen van de rode kaart wegens het ontnemen van een duidelijke scoringskans. Het spel wordt hervat met een indirecte vrije schop op de plaats waar de verdediger de bal voor de tweede maal speelde

C. De scheidsrechter fluit af en hervat het spel met een indirecte vrije schop wegens het twee keer spelen van de bal

D. De scheidsrechter fluit af en hervat het spel met een hoekschop

Het  juiste antwoord had C moeten zijn: De verdediger raakt de bal  voor de 2e keer voordat iemand anders de bal heeft geraakt of gespeeld. Voor deze overtreding dient te worden afgefloten en het spel dient te worden hervat met een indirecte vrije schop op de plaats waar de verdediger voor de tweede keer de bal speelde.

Spelregelvraag van de week (25 december 2015):
Op het moment dat een aanvaller van partij A vlak bij de zijlijn een verdediger van B wil passeren met een redelijk vrij veld voor zich, wordt hij even vastgepakt aan zijn kleding door deze speler. Gelijktijdig maakt de aanvaller een slaande beweging, door zijn elleboog tegen het hoofd van de verdediger te drukken. De scheidsrechter, die dicht in de buurt was, ziet dit gebeuren en onderbreekt hiervoor het spel. Wat zal de beslissing van de scheidsrechter moeten zijn?

A. Hij toont de aanvaller de rode kaart, de verdediger de gele kaart en hervat met een directe vrije schop voor de    verdediger.

B. Hij toont de aanvaller de rode kaart, de verdediger een gele kaart en hervat met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken.

C. Hij toont beide spelers een gele kaart en hervat het spel met een directe vrije schop voor de verdediger, omdat de   aanvaller de zwaarste overtreding maakte.

D. Hij toont beide spelers een rode kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal.

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn: Voor de slaande beweging (elleboog tegen het  hoofd drukken) dient genoemde aanvaller de rode kaart te worden getoond, terwijl de verdediger voor het even vasthouden van de aanvaller, die een redelijk vrij veld voor zich had, de gele kaart getoond moet worden wegens het onderbreken van een veelbelovende aanval. Het spel dient te worden hervat met een scheidsrechtersbal omdat van iedere partij een speler gelijktijdig een overtreding maakte.