Spelregelvraag van de week

Elke week plaatsen we op deze site een actuele spelregelvraag. Je kunt deze voor jezelf maken en als je wilt het door jou gekozen antwoord + uitleg waarom je dat denkt als opmerking eronder zetten. Na een week volgt het goede antwoord én de nieuwe vraag. De actuele vraag van de week kun je vinden op de homepage van deze website. Hieronder tref je de voorgaande vragen van de week aan, compleet met het juiste antwoord en een toelichting.

Overigens kun je onder ‘artikelen’ een document met 100 spelregelvragen (en antwoorden) vinden.

Voor de vragen uit 2016 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2015 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2014 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2013 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2012 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2011 kun je hier klikken

Voor de vragen uit 2010 kun je hier klikken.

Spelregelvraag van de week (6 januari 2017):

Met de bal tussen de benen geklemd slaagt een aanvaller er al huppend in het doelvlak van de tegenpartij volledig te passeren. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Een indirecte vrije schop tegen de aanvaller. Men mag niet met twee benen aanvallen.

B. Een indirecte vrije schop tegen de aanvaller en een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

C. Een indirecte vrije schop tegen de aanvaller, omdat deze speelwijze gevaarlijk spel uitlokt.

D. Een aftrap na geldig doelpunt.

Het antwoord had D moeten zijn: Het gaat om het onbespeelbaar maken van de bal door deze tussen de lichaamsdelen of tussen één lichaamsdeel en de grond te klemmen. Dat is in deze spelregelvraag inderdaad aan de orde. Maar mag dit of mag dit niet? Het antwoord daarop is afhankelijk van de positie van de tegenstanders. Een bal klemmen mag wel, zolang je daarmee niet voorkomt dat een tegenstander de bal kan spelen. Doe je dit wanneer er dus niemand in de buurt is, dan is dit geen overtreding. Doe je dit echter met een tegenspeler in de buurt, dan maak je je schuldig aan onsportief gedrag, waarvoor je de gele kaart zult ontvangen. Ontneem je er een scoringskans mee, dan word je zelfs bestraft met een rode kaart. In het geval van de spelregelvraag echter was er geen tegenspeler in de buurt. De scheidsrechter moet dan gewoon een doelpunt toekennen.

Spelregelvraag van de week (13 januari 2017):

Tijdens de aanloop bij het nemen van een strafschop valt de strafschopnemer, staat vervolgens snel weer op en schiet de bal in het doel. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Doelpunt toekennen.

B. Doelpunt afkeuren, de nemer een gele kaart tonen en de strafschop over laten nemen.

C. Doelpunt afkeuren, de nemer een gele kaart tonen en de strafschop als gemist beschouwen.

D. Doelpunt afkeuren en de strafschop over laten nemen.

Het juiste antwoord had A moeten zijn: Zie regel 14, pagina 55, onder 2. Het maken van een schijnbeweging tijdens de aanloop van een strafschop is geoorloofd. Echter, het maken van een schijnbeweging nadat de aanloop is afgerond wordt beschouwd als een overtreding, zijnde onsportief gedrag, waarvoor de nemer een gele kaart dient te worden getoond.  

Spelregelvraag van de week (20 januari 2017):

De scheidsrechter kent een directe vrije schop toe aan de verdedigende partij binnen het eigen strafschopgebied. Een verdediger neemt de vrije schop en speelt een medespeler aan binnen het eigen strafschopgebied. Een aanvaller van de tegenpartij zet echter meteen druk en verovert de bal binnen het strafschopgebied. De verdediger brengt vervolgens de aanvaller op onbesuisde wijze binnen het strafschopgebied ten val, waarbij de aanvaller zich op dat moment in een duidelijke scoringspositie bevindt. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Hij laat de vrije schop overnemen, omdat de bal nog niet in het spel is geweest.

B. Hij laat de vrije schop overnemen omdat de bal nog niet in het spel is geweest en hij bestraft de verdediger met een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

C. Hij kent een strafschop toe aan de aanvallende partij en zendt de verdediger van het speelveld door het tonen van de rode kaart wegens het ontnemen van een duidelijke scoringskans aan een tegenstander.

D. Hij kent een strafschop toe aan de aanvallende partij en geeft de verdediger een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

Het antwoord had B moeten zijn: Zie regel 13, pagina 52. De bal is pas in het spel wanneer de bal (reglementair) buiten het strafschopgebied is gekomen, net als bij een doelschop. Elke overtreding die tot die tijd gemaakt wordt, wordt dus gemaakt terwijl de bal niet in het spel is. Om die reden kan een dergelijke overtreding dan ook niet bestraft worden met een spelstraf. De verdediger die in dit geval de onbesuisde tackle maakt, kan wel een persoonlijke straf (vermaning, waarschuwing of veldverwijdering) krijgen. De tackle is in het voorbeeld onbesuisd. Voor deze onbesuisde overtreding moet hij bestraft worden met een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

Spelregelvraag van de week (27 januari 2017):

Als de bal, het laatst aangeraakt door partij A, de zijlijn volledig is gepasseerd, vlagt de assistent-scheidsrechter voor een inworp. De scheidsrechter ziet dit vlagsignaal niet. Het spel verplaatst zich naar de andere speelhelft, waar nu de andere assistent-scheidsrechter zijn vlag in de lucht steekt omdat hij strafbaar buitenspel van partij A heeft gezien. De scheidsrechter ziet dit signaal wél en fluit af, maar wordt er dan op gewezen dat de eerste assistent-scheidsrechter eerder had gevlagd omdat de bal buiten het speelveld was.

De scheidsrechter besluit het spel te laten hervatten met een indirecte vrije schop wegens buitenspel en niet met een inworp, omdat hij een indirecte vrije schop een groter voordeel vindt voor partij B. Handelt de scheidsrechter hier correct?

A. Ja, want hij heeft gefloten voor strafbaar buitenspel en niet voor een inworp.

B. Ja, want de scheidsrechter kan in dit geval de voordeelregel toepassen.

C. Ja, want het spel is doorgegaan en er is een nieuwe situatie ontstaan toen er voor buitenspel is gefloten.

D. Nee,  want de bal is uit het spel geweest en dan kan er daarna geen voordeel ontstaan. De scheidsrechter moet het spel laten hervatten met een inworp.

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn: Zie regel 13, pagina 52. De bal is pas in het spel wanneer de bal (reglementair) buiten het strafschopgebied is gekomen, net als bij een doelschop. Elke overtreding die tot die tijd gemaakt wordt, wordt dus gemaakt terwijl de bal niet in het spel is. Om die reden kan een dergelijke overtreding dan ook niet bestraft worden met een spelstraf. De verdediger die in dit geval de onbesuisde tackle maakt, kan wel een persoonlijke straf (vermaning, waarschuwing of veldverwijdering) krijgen. De tackle is in het voorbeeld onbesuisd. Voor deze onbesuisde overtreding moet hij bestraft worden met een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

Het antwoord had D moeten zijn: Zie regel 5, pagina 22, onder 2. Omdat het spel nog niet hervat was met een vrije schop voor buitenspel, kan hij nog terugkomen op zijn beslissing en de enige juiste beslissing is dan ook om het spel te laten hervatten met een inworp.

Spelregelvraag van de week (3 februari 2017):

Op slag van rust wordt een doelpunt gescoord. De scheidsrechter kent het doelpunt toe, maar in plaats van nog te laten aftrappen fluit hij onmiddellijk af voor de rust. Terwijl iedereen nog op het speelveld is, krijgt de scheidsrechter van zijn assistent via de headset te horen dat het doelpunt door de aanvaller met de hand is gescoord. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen als hij het advies van zijn assistent-scheidsrechter overneemt?

 A. Hij kent een doelpunt toe, want hij had gefloten voor de rust.

B. Hij annuleert het doelpunt en laat de spelers gaan rusten.

C. Hij annuleert het doelpunt, toont de aanvaller een gele kaart en laat de spelers gaan rusten.

D. Hij annuleert het doelpunt, toont de aanvaller een gele kaart en laat een directe vrije schop nemen op de plaats waar ‘hands’ was gemaakt. Onmiddellijk hierna fluit hij af voor de rust.

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn: Zie pagina 22, onder 2 Spelregels Voetbal. Omdat men het speelveld nog niet heeft verlaten, kan de scheidsrechter nog op zijn beslissing terugkomen en het doelpunt annuleren. Vervolgens verlaat men wel het veld voor de rust en worden geen spelhervattingen meer verricht. 

Spelregelvraag van de week (10 februari 2017):

Wanneer is een fluitsignaal nodig?

A. Bij het toekennen van een doelpunt.

B. Om het spel te hervatten nadat het spel onderbroken is voor het tonen van een kaart.

C. Om het spel te laten hervatten met een vrije schop.

D. Bij het toekennen van een hoekschop.

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn:  Het fluitsignaal is niet verplicht bij het toekennen van een doelschop, hoekschop, inworp of doelpunt, en ook niet bij het hervatten van het spel bij een vrije schop, doelschop, hoekschop of inworp. Staat (helaas) niet meer in de huidige spelregels, maar is zeker nog wel van toepassing. 

Spelregelvraag van de week (17 februari 2017):

Een paar meter voor het doel kopt een verdediger de bal veel te laag weg op het moment dat een aanvaller de bal in het lege doel wil schieten. Wat moet de scheidsrechter beslissen als de bal daardoor over de doellijn naast het doel gaat?

A. Hij kent een hoekschop toe.

B. Hij toont de verdediger een gele kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de verdediger zich schuldig maakte aan gevaarlijk spel.

C. Hij toont de verdediger een rode kaart en laat het spel hervatten met een strafschop wegens het voorkomen van een duidelijke scoringskans.

D. Hij toont de verdediger een rode kaart wegens het voorkomen van een duidelijke scoringskans en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij.

Het antwoord is D:  blz. 48 onder punt 3 overtredingen die met een veldverwijdering bestraft moeten worden.Het te laag koppen met een tegenstander in de buurt dient te worden uitgelegd als gevaarlijk spel. De spelhervatting voor gevaarlijk spel is een indirecte vrije schop,tenzij  er fysiek contact plaatsvindt, wat hier niet het geval is. Door de overtreding wordt hier ook nog een duidelijke scoringskans teniet gedaan, waarvoor de overtreder de rode kaart getoond moet worden.

Spelregelvraag van de week (24 februari 2017):

Tijdens het spel ziet de scheidsrechter dat een wisselspeler vanuit de dug-out spuwt naar de vierde official. Wat moet de scheidsrechter beslissen nadat hij hiervoor het spel heeft onderbroken?

 A. Stuurt wisselspeler weg en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de zijlijn, zo dicht mogelijk bij de plaats van de overtreding.

B. Toont wisselspeler de gele kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen hij het spel onderbrak

C. Toont wisselspeler de rode kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen hij het spel onderbrak.

D. Toont de wisselspeler de rode kaart en hervat het spel met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de bal was toen hij het spel onderbrak.

Het antwoord had C moeten zijn:  blz. 48. Overtredingen die met een veldverwijdering worden bestraft. Een speler, wisselspeler of gewisselde speler wordt van het speelveld gezonden indien hij een tegenstander of een ander persoon bespuwt. Omdat de overtreding buiten het speelveld plaatsvond, is de spelhervatting een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

Spelregelvraag van de week (3 maart 2017):

Een speler loopt kwaad het veld af, zonder zich af te melden. De aanvoerder meldt de speler af bij de scheidsrechter en wil een vervanger inzetten. De scheidsrechter weigert dit, ondanks het feit dat de betrokken speler geen overtreding heeft begaan, waarvoor wegzending noodzakelijk was. Handelt de scheidsrechter juist?

A. De scheidsrechter handelde alleen juist, indien er reeds drie spelers waren vervangen.

B. De scheidsrechter handelde juist, omdat betrokken speler zich niet had afgemeld.

C. De scheidsrechter handelde juist, omdat bij kwaad weglopen geen vervanging is toegestaan.

D. De scheidsrechter handelde volledig juist.

Het antwoord op de vraag had A moeten zijn:  Zonder toestemming verlaten van het speelveld kan wel een persoonlijke straf (gele kaart) opleveren, maar zolang nog niet het maximale aantal wisselspelers (drie) is gebruikt, mag hiervoor nog wel een wisselspeler in het veld komen.

Spelregelvraag van de week (10 maart 2017):

Als tijdens het spel de bal tegen de assistent-scheidsrechter wordt geschoten en via hem uit het speelveld gaat, kan het spel op verschillende manieren hervat worden. Welke van onderstaande mogelijkheden is niet juist?

A. Doelschop

B. Scheidsrechtersbal

C. Inworp

D. Hoekschop

Het juiste antwoord is B: Als de bal via de assistent-scheidsrechter over de doellijn gaat en de bal is het laatst geraakt door een aanvaller,dan krijg je een doelschop of doelpunt. Was de bal het laatst aangeraakt door een verdediger en de bal gaat via de scheidsrechter over de doellijn, dan is de spelhervatting een hoekschop of een doelpunt. Gaat de bal na aanraking door de assistent over de zijlijn, dan is de hervatting een inworp. Een scheidsrechtersbal is in zo’n situatie dus niet mogelijk.

Spelregelvraag van de week (17 maart 2017):

Tijdens een oponthoud meldt een te laat komende speler zich volgens de regels bij de scheidsrechter. Beiden staan dan binnen het speelveld. De scheidsrechter controleert het schoeisel van de betreffende speler en geeft hem op grond daarvan geen toestemming mee te doen. Daarop beledigt de speler de scheidsrechter. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Hij zendt de speler van het speelveld, maar laat een invaller toe, omdat het spel “dood” was, toen de scheidsrechter beledigd werd.

B. Hij zendt de speler van het speelveld, maar laat een invaller toe, omdat de speler nog niet meegespeeld had, toen hij de scheidsrechter beledigde.

C. Hij zendt de speler van het speelveld, maar laat geen invaller toe, omdat de te laat komende speler geacht wordt deel uit te maken van zijn ploeg.

D. Hij zendt de speler van het speelveld, maar laat geen invaller toe, omdat dat nooit kan als iemand de scheidsrechter beledigt.

Het antwoord op de vraag had C moeten zijn:  Voor het beledigen dient genoemde te laat gekomen speler van het speelveld gezonden te worden. Een te laat komende speler wordt geacht deel uit te maken van zijn team en voor die weggezonden speler mag daarom geen invaller worden toegestaan.

Spelregelvraag van de week (24 maart 2017):

Tijdens de wedstrijd ontstaat ineens verwarring omdat een toeschouwer op een fluitje blaast. Wat beslist de scheidsrechter als een speler nabij de zijlijn de bal in zijn handen heeft genomen, omdat hij van mening was dat de scheidsrechter had gefloten?

A. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding.

B. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding.

C. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

D. De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding. De speler die de bal in zijn handen pakte ontvangt de gele kaart.

Het juiste antwoord is C:  Zie pagina 23 Spelregels Voetbal, invloeden van buitenaf. Als een toeschouwer op een fluitje blaast en de scheidsrechter vindt dat het fluitsignaal ingreep in het spel, dan moet de scheidsrechter de wedstrijd onderbreken en het spel hervatten met een scheidsrechtersbal.  

Spelregelvraag van de week (31 maart 2017):

Tijdens het spel heeft een speler toestemming gevraagd en gekregen van de scheidsrechter om het speelveld definitief te verlaten omdat hij geblesseerd is. Lopend naar de zijlijn komt de bal in zijn buurt. Hij trapt de bal naar een medespeler die de bal gelijk net over het doel schiet. Wat zal de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij toont de geblesseerde speler een gele kaart en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats waar deze de bal speelde.

B. Hij toont de geblesseerde speler een gele kaart en hervat het spel met een doelschop.

C. Hij hervat het spel met een doelschop.

D. Hij toont de geblesseerde speler een gele kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal.

Het antwoord had A moeten zijn:  Als een speler toestemming heeft gekregen van de scheidsrechter om het speelveld te verlaten, moet hij zich onthouden van spelactiviteiten. Doet hij dit niet, dan maakt hij zich schuldig aan spelbederf/onsportief gedrag, waarvoor de scheidsrechter het spel dient te onderbreken. De overtreder dient hiervoor de gele kaart getoond te worden, terwijl de spelhervatting in een dergelijk geval een indirecte vrije schop is, en wel op de plaats waar de speler zich schuldig maakte aan spelbederf (dus waar hij de bal speelde).  

Spelregelvraag van de week (7 april 2017):

Partij A mag voor het doel van partij B een indirecte vrije schop nemen. De nemer van partij A schiet de bal hard op doel van partij B. Een verdediger van partij B, die in het doel op de doellijn staat, probeert de bal uit het doel te koppen. Hij raakt de bal wel, maar deze verdwijnt toch in het doel. De spelers van partij B protesteren nu direct bij de scheidsrechter, omdat deze zijn arm voor de indirecte vrije trap niet omhoog had gestoken. De scheidsrechter geeft toe dat hij dat vergeten was. Wat nu?

A. De scheidsrechter keurt het doelpunt af en laat de indirecte vrije trap overnemen

B. De scheidsrechter keurt het doelpunt goed en laat hervatten met aftrap na geldig doelpunt

C. De scheidsrechter keurt het doelpunt af en hervat met een scheidsrechtersbal

D. De scheidsrechter keurt het doelpunt goed en laat hervatten met een aftrap na geldig doelpunt. Hij meldt het voorval bij de bond.

Het antwoord had B moeten zijn:  Als uit een indirecte vrije schop rechtstreeks gescoord wordt , maar de scheidsrechter heeft nagelaten dit aan te geven door de arm in de lucht te steken en te houden, mag hij het doelpunt niet goedkeuren en moet de indirecte vrije schop worden overgenomen, nadat de scheidsrechter uitleg heeft gegeven, dat hij niet correct had gehandeld. Wordt echter uit de indirecte vrije schop niet rechtstreeks gescoord (speler kopte de bal , die daarna toch in het doel verdween),  dan hoeft de indirecte vrije schop niet te worden overgenomen en telt het aldus gescoorde doelpunt, ondanks dat de scheidsrechter de indirecte vrije schop niet correct had aangegeven.

Spelregelvraag van de week (14 april 2017):

Bij een aanval voor het doel van Partij A kopt een verdediger van Partij A binnen het eigen strafschopgebied veel te laag de bal weg voor de voeten van een aanvaller, die de bal in het lege doel wilde schieten. De verdediger wordt hierbij door de aanvaller aan het hoofd geraakt. Wat gaat de scheidsrechter in deze situatie beslissen?

A. Hij laat doorspelen

B. Hij fluit af en hervat met een scheidsrechtersbal, omdat beide spelers gelijktijdig een overtreding maakten, namelijk te laag koppen door de verdediger van Partij A en tegen het hoofd trappen door de aanvaller van Partij B

C. Hij fluit af en stuurt de verdediger met een rode kaart van het speelveld. Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop voor Partij B

D. Hij fluit af en stuurt de verdediger met een rode kaart van het speelveld. Hij laat hervatten met een strafschop voor Partij B, er was immers fysiek contact tussen de beide spelers.

Het antwoord had C moeten zijn:  Zie pagina 22 Spelregels Veldvoetbal. Scheidsrechter bestraft de ernstigste overtreding in termen van sanctie, hervatting, fysieke ernst en tactische gevolgen, wanneer meer dan één overtreding tegelijkertijd wordt begaan. Het te laag koppen is eigenlijk de eerste overtreding, waardoor de doelrijpe scoringskans verloren gaat en waarvoor genoemde speler dus de rode kaart getoond wordt. De spelhervatting voor te laag koppen is een indirecte vrije schop.

Spelregelvraag van de week (21 april 2017):

Er wordt een scheidsrechtersbal genomen net binnen het eigen strafschopgebied. Deze wordt correct uitgevoerd (de bal heeft de grond geraakt). Een verdediger speelt de bal rechtstreeks in de richting van zijn eigen doelman, die in zijn doel op de doellijn staat. Deze weet de bal nog maar net met zijn hand over zijn doel te werken.  Wat zal de beslissing van de scheidsrechter zijn?

A. Hoekschop, omdat de doelman de bal als laatste aanraakte.

B. De scheidsrechtersbal wordt overgenomen, omdat de bal pas in het spel is als deze buiten het strafschopgebied is gekomen.

C. Het spel wordt hervat met een indirecte vrije schop voor de aanvallende partij, te nemen op de lijn van het doelgebied die evenwijdig loopt aan de doellijn, wegens opzettelijk terugspelen van de bal naar de eigen doelman.

D. Het spel wordt hervat met een indirecte vrije schop voor de aanvallende partij, te nemen op de lijn van het doelgebied die evenwijdig loopt aan de doellijn, wegens opzettelijk terugspelen van de bal naar de eigen doelman. De doelman wordt met een rode kaart van het veld gezonden wegens het voorkomen van een doelpunt

Het juiste antwoord is C: De scheidsrechtersbal is correct genomen op het moment dat deze de grond raakt. De bal wordt daarop doelbewust richting de eigen doelverdediger gespeeld, die de bal vervolgens met de hand aanraakt en over zijn doel slaat. Het aanraken van de bal, die doelbewust wordt toegespeeld naar de doelman, die de bal vervolgens met zijn hand(en) aanraakt, wordt bestraft met een indirecte vrije schop op de lijn van het doelgebied, die evenwijdig loopt aan de doellijn, het dichtst bij de plaats waar de doelman de bal aanraakte. De doelman kan binnen zijn strafschopgebied door de bal te raken met zijn hand(en) nooit wegens het voorkomen van een doelpunt met rood worden bestraft.

Spelregelvraag van de week (28 april 2017):

Tijdens het spel wisselt een speler vrijwillig (dus zonder opdracht van de scheidsrechter) zijn schoenen binnen het speelveld, omdat hij steeds uitglijdt op het gladde veld. Net als hij zijn nieuwe schoenen aan heeft, ontvangt hij de bal van een medespeler en staat daarmee aan de basis van een succesvolle aanval. Wat zal de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij laat doorspelen, hierover staat niets in de spelregels

B. Hij laat doorspelen, maar zal bij de eerstvolgende onderbreking de schoenen controleren

C. Hij fluit af, controleert de schoenen en laat hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij

D. Hij fluit af, stuurt de speler naar de zijlijn en laat hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij. Bij de eerstvolgende onderbreking controleert hij dan de schoenen

Het antwoord had B moeten zijn:  Zie pagina 19 Spelregels Veldvoetbal. Al hoewel dit niet exact wordt vermeld, kun je dit afleiden uit het geschrevene onder punt 1, veiligheid spelers. Controle vindt plaats na de eerstvolgende onderbreking. Vergelijking met een situatie waarbij de uitrusting niet in orde is, en waarna een doelpunt wordt gescoord. Ook dan telt het doelpunt en na de onderbreking moet een en ander in orde worden gebracht. 

Spelregelvraag van de week (5 mei 2017):

Een veldspeler is met een directe rode kaart door de scheidsrechter van het speelveld gezonden. Een half uur later loopt de speler, als de bal tijdens het spel op het middenveld is, het speelveld in en slaat nabij de zijlijn een tegenstander. De scheidsrechter fluit af, hoe zal hij dienen te handelen?

1. Persoonlijke straf
a. geen kaart
b. gele kaart
c. rode kaart

2. Spelhervatting
a. geen vrije schop
b. indirecte vrije schop
c. directe vrije schop
d. strafschop
e. scheidsrechtersbal

3. Plaats van de hervatting
a. op de plaats van de overtreding
b. op de plaats waar de bal was op het moment dat…
c. de strafschopstip
d. op de zijlijn

Het juiste antwoord is A-C-A:  Omdat de veldspeler al van het speelveld was gezonden door het tonen van de rode kaart, kan hem niet nog weer een rode kaart worden getoond. Scheidsrechter onderbreekt het spel, laat de overtreder dus van het speelveld verwijderen en dient het spel te hervatten met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding, dus nabij de zijlijn.

Spelregelvraag van de week (12 mei 2017):

Bij een hoge voorzet in het doelgebied geeft een verdediger aan een tegenstander een duw met de schouder. De bal was op dat moment nog niet binnen speelbereik. Deze verdediger kopt de bal nu over het eigen doel. Hierdoor ging een mooie scoringskans voor de aanvaller verloren. Wat beslist de scheidsrechter?

1. Persoonlijke straf
a. geen kaart
b. gele kaart
c. rode kaart

2. Spelstraf of hervatting
a. hoekschop
b. indirecte vrije schop
c. directe vrije schop
d. strafschop

3. Plaats van de hervatting
a. op de strafschopstip
b. op de plaats waar de bal was toen…
c. op de lange lijn van het doelgebied, het dichtst bij de plaats van de overtreding
d. de plaats van de overtreding

Het juiste antwoord op de vraag is C-D-A: De overtreding wordt gemaakt door een verdediger in zijn eigen strafschopgebied. Voor die overtreding dient de scheidsrechter een strafschop toe te kennen. Omdat daarbij ook nog een doelrijpe scoringskans verloren gaat, dient de persoonlijke straf het tonen van een rode kaart te zijn. Omdat de bal niet binnen speelbereik was, is hier geen sprake van triple punishment, en geldt hier dus niet het tonen van een gele kaart naast de strafschop.

Spelregelvraag van de week (19 mei 2017):

Voordat op het middenveld een directe vrije schop wordt genomen ziet de assistent-scheidsrechter dat een verdediger in zijn eigen strafschopgebied een tegenstander spuwt en steekt de vlag in de lucht. De vrije schop wordt genomen en pas dan reageert de scheidsrechter omdat hij via de headset door de assistent-scheidsrechter wordt geïnformeerd. Hij fluit af en geeft de speler rood. Hoe wordt nu het spel hervat?

A. Directe vrije schop over laten nemen

B. Een nieuwe directe vrije schop

C. Scheidsrechtersbal

D. Indirecte vrije schop

Het antwoord had C moeten zijn: Het spel was inmiddels hervat en pas daarna onderbrak de scheidsrechter het spel. Hij kan nu nog wel een persoonlijke straf geven (dus rood voor de spuwende speler), maar kan niet alsnog een directe vrije schop geven voor deze overtreding, omdat het spel inmiddels was hervat. Na de onderbreking door de scheidsrechter om de kaart te tonen, rest hem slechts hervatting door middel van een scheidsrechtersbal.

Spelregelvraag van de week (26 mei 2017):

De doelverdediger staat nabij de strafschopstip en wil een hoge bal vangen. Hij hoort echter schuin achter zich “los” roepen door een tegenstander, die juist achter de doellijn staat. De doel­verdediger steekt nu geen hand naar de bal uit en deze gaat in het doel. Hoe moet de scheidsrechter het spel nu laten hervatten?

A. Scheidsrechtersbal

B. Aftrap na geldig doelpunt

C. Directe vrije schop

D. Indirecte vrije schop

Het juiste antwoord had A moeten zijn: omdat het hier gaat om een overtreding die buiten het speelveld wordt gemaakt, is de spelhervatting een scheidsrechtersbal.

Spelregelvraag van de week (2 juni 2017):

De bal wordt door de aanvallende ploeg in de richting van het doel geschoten. Een verdediger, die zich geheel achter de doellijn in de netruimte bevindt, slaat de bal uit het doel. De bal heeft hierbij de doellijn niet geheel gepasseerd. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Gele kaart voor de verdediger en een scheidsrechtersbal.

B. Rode kaart voor de verdediger en een scheidsrechtersbal.

C. Rode kaart voor de verdediger en een strafschop voor de aanvallende partij

D. Rode kaart voor de verdediger en een indirecte vrije schop voor de aanvallende partij op de lijn van het     doelgebied.

Het antwoord had C moeten zijn: De verdediger maakt zich schuldig aan het ontnemen van een duidelijke scoringskans, en voor de gemaakte handsbal dient de rode kaart te worden getoond. Omdat de bal de doellijn niet geheel was gepasseerd, dient het spel te worden hervat met een strafschop voor de aanvallende partij.

Spelregelvraag van de week (9 juni 2017):

De doelman heeft de bal zonder probleem gevangen. Een aanvaller staat rustig voor de doelman, zonder deze te hinderen. Als de doelman om deze aanvaller heen wil lopen, glijdt hem de bal uit zijn handen. Hij probeert nog tevergeefs te verhinderen dat de aanvaller in balbezit komt. Hij raakt de bal nog wel met zijn handen aan, maar de aanvaller weet de bal toch in het doel te schieten. Wat zal de scheidsrechter nu moeten beslissen?

A. Hij keurt het doelpunt af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de doelman op de plaats waar de aanvaller de doelman aanviel

B. Hij kent een doelpunt toe en laat hervatten met een aftrap na een geldig doelpunt

C. Hij keurt het doelpunt af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de aanvallende partij op de plaats waar de doelman de bal voor de tweede keer met de handen aanraakte

D. Hij keurt het doelpunt af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de doelman op de plaats waar de aanvaller de doelman aanviel. De aanvaller ontvangt een waarschuwing door het tonen van de gele kaart

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn: De aanvaller maakt geen overtreding. De doelman raakt de bal weliswaar tweemaal voordat iemand anders de bal raakt, maar hier mag de voordeelregel worden toegepast. De spelhervatting is dus aftrap na geldig doelpunt. 

Spelregelvraag van de week (16 juni 2017):

Op het moment dat een speler binnen het speelveld voorbij komt lopen, gooit een gewisselde speler vanaf de bank een voorwerp naar deze speler. Wat moet de scheidsrechter beslissen nadat hij het spel heeft onderbroken?

1. Disciplinaire straf
a. geen kaart
b. gele kaart
c. rode kaart

2. Spelstraf/hervatting
a. scheidsrechtersbal
b. indirecte vrije trap
c. directe vrije trap

3. Plaats van de hervatting
a. op de zijlijn waar het voorwerp het veld in kwam
b. daar waar de overtreding plaats vond
c. op de plaats waar de bal was op moment van onderbreken

Het antwoord had C-B-C moeten zijn: Het gooien van een voorwerp moet worden bestraft met een rode kaart. Omdat dit geschiedde door een gewisselde speler is de spelhervatting een indirecte vrije schop,  welke dient te worden genomen op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.  

Spelregelvraag van de week (23 juni 2017):

In een wedstrijd in het betaald voetbal lopen drie wisselspelers warm langs de zijlijn achter de assistent-scheidsrechter. In het voorbijgaan ziet de assistent-scheidsrechter dat één van die wisselspelers van buiten het speelveld naar een tegenstander spuwt die binnen het speelveld loopt. De assistent-scheidsrechter steekt de vlag in de lucht en via de headset vertelt de assistent-scheidsrechter aan de scheidsrechter wat er is gebeurd. De bal is in de middencirkel en de scheidsrechter fluit af. Wat moet hij nu beslissen?

A. Hij stuurt de wisselspeler van het speelveld zonder daarbij de rode kaart te tonen en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

B. Hij stuurt de wisselspeler van het speelveld zonder daarbij de rode kaart te tonen en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

C. Hij stuurt de wisselspeler van het speelveld door het tonen van de rode kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

D. Hij stuurt de wisselspeler van het speelveld door het tonen van de rode kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

Het antwoord had C moeten zijn: voor het spuwen dient in alle gevallen een rode kaart te worden getoond. Omdat een wisselspeler de overtreding maakt, wordt het spel hervat met een indirecte vrije schop en wel op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.   

Spelregelvraag van de week (30 juni 2017):

Op het moment dat de bal in het spel is, oefent een verdediger zware kritiek uit (niet beledigend) op een assistent-scheidsrechter. De verdediger staat in zijn strafschopgebied. Wat moet de scheidsrechter beslissen als hij hiervoor het spel heeft onderbroken?

1. Disciplinaire straf
a. geen kaart
b. gele kaart
c. rode kaart

2. Spelstraf/hervatting
a. indirecte vrije schop
b. directe vrije trap
c. scheidsrechtersbal
d. strafschop

3. Plaats van de hervatting
a. op de plaats waar de verdediger stond
b. op de strafschopstip
c. op de plaats waar de bal was op moment van onderbreken

Het antwoord had B-A-A moeten zijn: voor kritiek op de assistent-scheidsrechter volgt een gele kaart. Voor het commentaar leveren is de spelhervatting een indirecte vrije trap en wel op de plaats waar de speler (verdediger) stond toen hij kritiek leverde. De bal was in het spel en de speler pleegde de overtreding binnen het speelveld.  

Spelregelvraag van de week (7 juli 2017):

Een speler van Team A mag een strafschop nemen. De nemer maakt een schijnbeweging bij het trappen van de bal, nadat de aanloop is afgerond. Tegelijkertijd begaat de doelverdediger een overtreding. Hij komt voordat de bal gespeeld is van de doellijn af. Wat zal de scheidsrechter moeten beslissen als de bal het doel ingaat?

A. Hij kent het doelpunt toe, omdat beide spelers op hetzelfde moment een overtreding begaan.

B. Hij kent het doelpunt niet toe en hervat het spel met een scheidsrechtersbal, omdat er door beide teams op hetzelfde moment een overtreding wordt begaan.

C. Hij kent het doelpunt niet toe en kent een indirecte vrije schop toe tegen de nemer en toont hem tevens een gele kaart voor onsportief gedrag.

D. Hij kent het doelpunt niet toe en laat de strafschop overnemen, omdat hier sprake is van overtredingen van dezelfde zwaarte en toont beide spelers een gele kaart voor onsportief gedrag.

Het antwoord is C: zie pagina 21, bovenaan, van de spelregelwijzigingen 2017. Dat de overtredingen op hetzelfde moment worden begaan zal niet zo vaak voorkomen. Als er een doelpunt wordt gemaakt, dan heeft de doelverdediger geen overtreding begaan, waarvoor deze een gele kaart getoond moet worden. Omdat de overtreding van de nemer wel met een waarschuwing moet worden bestraft, is deze overtreding ernstiger (zie regel 5) en daarom wordt de overtreding van de strafschopnemer bestraft met een indirecte vrije schop. 

Spelregelvraag van de week (14 juli 2017):

Een wisselspeler komt zonder toestemming van de scheidsrechter vanaf de bank het speelveld inlopen en begaat onmiddellijk een onbesuisde overtreding op een tegenstander, waarop als spelstraf een directe vrije schop staat. Hoe moet een scheidsrechter hier volgens de regels handelen?

A. De speler begaat 2 overtredingen tegelijkertijd. Zonder toestemming betreden van het speelveld en de onbesuisde overtreding. De scheidsrechter toont hem 2x een gele kaart en daarna rood en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen hij affloot.

B. De scheidsrechter bestraft alleen de 1e overtreding, het zonder toestemming betreden van het speelveld, toont hem de gele kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen hij affloot.

C. De scheidsrechter bestraft de meest ernstige overtreding en toont de wisselspeler een gele kaart en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen hij affloot.

D. Scheidsrechter bestraft de ernstigste overtreding (onbesuisde overtreding) en toont de wisselspeler een gele kaart, en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats waar de overtreding werd begaan.

Het antwoord op de vraag had D moeten zijn: Hier worden in feite twee overtredingen gelijktijdig gemaakt, namelijk een onbesuisde overtreding op een tegenstander en het zonder toestemming het veld in komen. De ernstigste overtreding is het onbesuisd inkomen op een tegenstander, waarvoor de wisselspeler een gele kaart getoond wordt. De spelhervatting is een directe vrije schop en wel op de plaats waar de overtreding werd gemaakt.

Spelregelvraag van de week (21 juli 2017):

In de regels staat dat een wedstrijd niet mag worden begonnen of voortgezet indien een partij bestaat uit minder dan zeven spelers. Als tijdens een wedstrijd een speler van een team, dat nog maar 7 spelers op het speelveld heeft staan, met opzet het speelveld verlaat, wat moet de scheidsrechter dan doen?

A. Hij onderbreekt het spel onmiddellijk en stopt de wedstrijd.

B. Als hij verwacht dat de speler slechts tijdelijk het spel verlaat, laat hij het spel doorgaan en vervolgt hij de wedstrijd totdat het duidelijk is dat de speler niet meer terugkomt.

C. Als de speler het speelveld verlaat dan onderbreekt hij het spel onmiddellijk en wacht hij maximaal 30 minuten tot de speler weer terugkomt.

D. Hij mag de voordeelregel toepassen, maar moet de wedstrijd niet meer hervatten als de bal uit het spel is gegaan.

Het antwoord had D moeten zijn: De scheidsrechter hoeft in deze situatie het spel niet direct te onderbreken, omdat de zevende speler het speelveld met opzet verlaat. Zodra de bal echter uit het spel is en er dan dus nog maar zes spelers zijn, moet hij de wedstrijd niet meer hervatten.

Spelregelvraag van de week (28 juli 2017):

In elke helft wordt tijd bijgeteld die verloren is gegaan. Welke hoort hier niet bij?

A. het wisselen van spelers en vertraging om het spel te hervatten (bijvoorbeeld vieren van een doelpunt)

B. het beoordelen van blessures bij spelers en/of het verwijderen van het speelveld van geblesseerde spelers

C. voor het overnemen van een strafschop die niet volgens de regels is genomen

D. drinkpauzes of pauzes om medische redenen, mits toegestaan door de competitiereglementen

Het antwoord had C moeten zijn: In de  spelregels staat duidelijk vermeld wanneer verloren gegane tijd bijgeteld mag worden. Daarbij is niet genoemd de tijd die verloren gaat voor het overnemen van een strafschop, die niet volgens de regels genomen is.

Spelregelvraag van de week (4 augustus 2017):

De doelverdediger mag een doelschop nemen. Omdat hij dit snel wil doen, werpt hij de bal vanuit zijn handen op de grond, en als deze nog rolt, maar nog wel binnen het doelgebied is, trapt hij de bal correct het spel in. Is dit geoorloofd?

A. Ja, dat is geoorloofd, want de bal was volgens de regel nog in het doelgebied toen deze getrapt werd.

B. Neen, dat is niet geoorloofd, want bij het nemen van een doelschop moet de bal stilliggen.

C. Neen, dat is niet geoorloofd, want de bal lag niet stil op de horizontale lijn van het doelgebied.

D. Dit is wel geoorloofd, want de doelschop mag op elke willekeurige plaats vanuit het doelgebied genomen worden.

Het antwoord had B moeten zijn: Bij de wijzigingen in het seizoen 2016-2017 is in regel 16 opgenomen dat de bal bij een doelschop stil moet liggen en van een willekeurig punt mag worden genomen. De bal is in het spel als hij rechtstreeks buiten het strafschopgebied is gekomen en de tegenstanders moeten buiten het strafschopgebied blijven totdat de bal in het spel is.

Spelregelvraag van de week (11 augustus 2017):

Een speler van Team A maakt ter hoogte van de middencirkel een onbesuisde overtreding op zijn directe tegenstander. De scheidsrechter fluit, kent een directe vrije schop toe en wil de overtreder een gele kaart tonen. Voordat hij dit kan doen, neemt een speler van Team A snel de vrije schop. Hoe zal de scheidsrechter nu moeten handelen?

A. Hij laat het spel doorgaan en wacht tot de volgende onderbreking om de overtreder alsnog te straffen.

B. Hij laat het spel doorgaan en laat de disciplinaire straf overgaan.

C. Hij stopt het snel nemen, want als de scheidsrechter heeft besloten om een speler te waarschuwen of van het speelveld te verwijderen, dan mag de wedstrijd niet worden hervat totdat de sanctie is opgelegd.

D. Hij laat het spel doorgaan en kan dan geen disciplinaire straf meer toepassen, omdat het spel reeds hervat is.

Het antwoord op de vraag had C moeten zijn:  De scheidsrechter heeft het spel onderbroken en zolang de scheidsrechter geen toestemming heeft gegeven het spel te hervatten, dan zal hij het snel nemen nooit toestaan zolang hij de sanctie niet heeft getoond en zijn administratie nog niet in orde heeft.

Spelregelvraag van de week (18 augustus 2017):

Een teamofficial, de coach, komt het veld in en tracht een tegenstander te schoppen. Hij mist echter en raakt de tegenstander dus niet. Wat zal de scheidsrechter nu moeten beslissen?

A. Hij stuurt de coach naar de tribune en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding

B. Hij toont de coach de rode kaart en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding

C. Hij zendt de coach naar de tribune en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats waar de bal was op moment van affluiten

D. Hij zendt de coach naar de tribune en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding.

Het antwoord had D moeten zijn:  Voor het trappen van een speler, al dan niet raak, is de spelhervatting een directe vrije schop. Omdat het hier gaat om de coach van een ploeg, wordt de coach wel achter de afrastering gestuurd, maar daarvoor wordt hem niet de rode kaart getoond.

Spelregelvraag van de week (25 augustus 2017):

Bij een schot op doel dreigt de bal hoog in het verlaten doel van partij A te gaan, omdat de doelverdediger enkele meters voor zijn doel op de grond ligt. Een wisselspeler van partij A, die in de buurt van het doel aan het warmlopen is, ziet het gevaar, loopt het doelgebied in en kopt de bal over het doel. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Hoekschop toekennen en de wisselspeler een gele kaart tonen.

B. Een hoekschop toekennen en de wisselspeler een rode kaart tonen.

C. De wisselspeler een rode kaart tonen en het spel laten hervatten met een strafschop.

D. De wisselspeler een gele kaart tonen en het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de lijn van het doelgebied evenwijdig aan de doellijn, het dichtst gelegen bij de plaats van de overtreding.

Het antwoord op de vraag had C moeten zijn:  De wisselspeler die een speler van de tegenpartij een duidelijke scoringskans ontneemt behoort tot ploeg A, welke ploeg hiervoor wordt gestraft. Het ontnemen van een scoringskans betekent een rode kaart voor de wisselspeler en de spelhervatting is een strafschop voor de tegenpartij. Zie pagina 17 van de spelregelwijzigingen per 1 juni 2017 (onderaan).

Spelregelvraag van de week (1 september 2017):

Tijdens een beslissingswedstrijd kent de scheidsrechter een vrije schop toe aan de aanvallende partij, op zestien meter van het doel van de tegenpartij. De aanvaller die de schop neemt schiet de bal rechtstreeks naar het doel van de tegenpartij. Een op de doellijn staande verdediger, niet zijnde de doelverdediger, stompt de bal met de vuist over het doel, voordat de bal de doellijn had gepasseerd. Wat zal de scheidsrechter nu moeten beslissen?

A. Hij zal een hoekschop toekennen aan de aanvallende partij en de verdediger een waarschuwing geven door het tonen van de gele kaart.

B. Hij zal een hoekschop toekennen aan de aanvallende partij en de verdediger van het speelveld zenden door het tonen van de rode kaart.

C. Hij zal een strafschop toekennen aan de aanvallende partij en de verdediger een waarschuwing geven door het tonen van de gele kaart.

D. Hij zal een strafschop toekennen aan de aanvallende partij en de verdediger van het speelveld zenden door het tonen van de rode kaart.

Het antwoord op de vraag had C moeten zijn:  De vrije schop op 16 m van het doel voor de aanvallende partij is altijd een indirecte vrije schop. Omdat je uit een indirecte vrije schop niet rechtstreeks kunt doelpunten, is er dus ook geen sprake van het ontnemen van een duidelijke scoringskans. Dus gewoon een opzettelijke handsbal, waarvoor een strafschop toegekend moet worden, terwijl de speler slechts de gele kaart getoond zal moeten worden.

Spelregelvraag van de week (8 september 2017):

In de middencirkel gaan 2 spelers een duel aan om de bal. De bal stuit op en dan speelt de aanvaller de bal opzettelijk met de hand. Op hetzelfde moment zet zijn tegenstander een te late sliding tackle in en brengt daarmee de aanvaller op onvoorzichtige wijze ten val. De scheidsrechter fluit af. Wat zal de beslissing van de scheidsrechter moeten zijn?

A. Beide overtredingen zijn even zwaar en worden tegelijkertijd gemaakt, dus hervat hij het spel met een scheidsrechtersbal

B. Beide overtredingen worden op hetzelfde moment gemaakt en moeten beide bestraft worden met een directe vrije schop en deze wordt dan toegekend aan de verdedigende partij.

C. Beide overtredingen worden gelijktijdig gemaakt en zijn even ernstig en dus laat de scheidsrechter doorspelen.

D. Beide overtredingen worden gelijktijdig gemaakt. Scheidsrechter hervat het spel met een directe vrije schop voor de aanvaller omdat de overtreding van de tegenstander een fysiek ernstiger overtreding is dan de handsbal.

Het antwoord op de vraag had D moeten zijn:  Hier vinden twee overtredingen op hetzelfde moment plaats. Was tot voor kort de beslissing dan een scheidsrechtersbal, nu wordt de meest ernstige overtreding bestraft. Dat is de te laat ingezette sliding tackle, waardoor een aanvaller op onvoorzichtige wijze ten val kwam. Kortom, bestraffing van een fysieke overtreding is ernstiger dan het veroorzaken van een handsbal, waar niets fysieks aan is en daardoor als lichter wordt aangemerkt. Directe vrije schop dus voor de aanvaller en wel op de plaats waar de overtreding werd gemaakt.   

Spelregelvraag van de week (15 september 2017):

Terwijl de bal binnen het speelveld is en een speler buiten het speelveld staat om op een teken van de scheidsrechter te wachten na een blessurebehandeling, komt een tegenstander buiten het speelveld terecht en loopt langs de wachtende speler om alsnog de bal te bemachtigen die binnen het speelveld is. Op dat moment wordt hij op onvoorzichtige wijze ten val gebracht doordat de wachtende speler hem buiten het speelveld laat struikelen. Wat zal de spelhervatting zijn?

A. Hij hervat het spel met een indirecte vrije schop op de zijlijn zo dicht mogelijk bij de plaats van overtreding.

B. Hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen hij affloot.

C. Hij hervat het spel met een directe vrije schop op de zijlijn, het dichtst bij de plaats waar de overtreding gebeurde.

D. Hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de zijlijn, het dichtst bij de plaats waar de overtreding gebeurde.

Het antwoord op de vraag had C moeten zijn:  zie pagina 18 van de spelregelwijzigingen. Als de bal in het spel is en een speler begaat een overtreding buiten het speelveld tegen een tegenstander, als onderdeel van het spel,  en daardoor ingrijpt in het spel van die tegenstander, dan wordt het spel hervat met een directe vrije schop op de zijlijn, het dichtst bij de plaats waar de overtreding gebeurde.

Spelregelvraag van de week (22 september 2017):

Een speler van Team A mag een strafschop nemen. De nemer maakt een schijnbeweging bij het trappen van de bal, nadat de aanloop is afgerond. Tegelijkertijd begaat de doelverdediger een overtreding . Hij komt voordat de bal gespeeld is van de doellijn af. Wat zal de scheidsrechter moeten beslissen als de bal gestopt wordt door de doelman?

A. Hij laat de strafschop overnemen, omdat beide spelers op hetzelfde moment een overtreding begaan.

B. Hij laat de strafschop overnemen en hervat het spel met een scheidsrechtersbal omdat er door beide teams op hetzelfde moment een overtreding wordt begaan.

C. Hij kent een indirecte vrije schop toe tegen de doelman en toont hem tevens een gele kaart voor onsportief gedrag.

D. Hij laat de strafschop overnemen en geeft beide spelers een gele kaart voor onsportief gedrag.

Het antwoord op de vraag had D moeten zijn:  zie pagina 20 van de spelregelwijzigingen. Als zowel de doelverdediger als de nemer tegelijkertijd een overtreding begaan en de strafschop wordt gemist of gestopt, dan wordt de strafschop overgenomen en ontvangen beide spelers een gele kaart voor onsportief gedrag.  Als het doelpunt wel zou zijn gemaakt, dan wordt deze afgekeurd en ontvangt alleen de nemer een gele kaart en wordt het spel hervat met een indirecte vrije schop voor de verdedigende partij.

Spelregelvraag van de week (29 september 2017):

Team A mag een hoekschop nemen. De nemer tikt de bal heel licht aan, waardoor deze bijna niet zichtbaar wel een beetje beweegt. Vervolgens komt een medespeler aan lopen en deze gaat met de bal aan de voet richting doel, schiet op doel en scoort. Hoe moet de scheidsrechter handelen?

A. Hij kent het doelpunt toe, want ondanks dat de bal niet duidelijk beweegt, is hij wel in het spel gebracht.

B. Hij kent het doelpunt toe, want de bal wordt geraakt en ondanks dat deze maar heel licht en bijna niet zichtbaar beweegt, is de bal wel degelijk in het spel gebracht.

C. Hij kent het doelpunt niet toe, omdat de bal niet duidelijk in het spel is gebracht. Hij zal de hoekschop over laten nemen.

D. Hij kent het doelpunt niet toe, omdat de bal niet duidelijk heeft bewogen toen deze in het spel werd gebracht. Hij zal een indirecte vrije schop toekennen op de plaats waar de medespeler de bal aannam en voor de 2e keer speelde.

Het antwoord op de vraag had D moeten zijn:  zie regel 17, pagina 64 van de spelregels. Bij een hoekschop is de bal in het spel als deze is getrapt en duidelijk beweegt. De bal hoeft het hoekschopgebied niet te verlaten. De medespeler speelt de bal 2 keer en daar waar hij de bal voor de 2e keer speelt, moet de scheidsrechter  het spel onderbreken en hervatten met een indirecte vrije schop voor de verdedigende partij.

Spelregelvraag van de week (6 oktober 2017):

De scheidsrechter onderbreekt het spel omdat hij zag dat een verdediger het speelveld verliet en één van de wisselspelers van de tegenpartij (die aan het warmlopen was) in het gezicht spuwde. Hoe zal de scheidsrechter nu moeten handelen?

A. Hij toont de verdediger een rode kaart en laat het spel hervatten met een directe vrije schop voor de tegenpartij op de zijlijn het dichtst bij de plaats waar de overtreding plaatsvond.

B. Hij toont de verdediger een rode kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

C. Hij toont de verdediger een gele kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal nabij de zijlijn.

D. Hij toont de verdediger een gele kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de zijlijn het dichtst bij de plaats waar de overtreding plaatsvond.

Het antwoord had A moeten zijn:  zie regel 12, pagina 51 van de spelregels onderaan. Als de bal in het spel is en een speler begaat een overtreding tegen een wedstrijdofficial of een tegenstander, wisselspeler, gewisselde speler of verwijderde speler of teamofficial buiten het speelveld, dan wordt het spel hervat met een vrije schop op de doellijn of zijlijn het dichtst bij de plaats waar de overtreding plaatsvond.

Spelregelvraag van de week (13 oktober 2017):

Een wisselspeler loopt zich warm achter zijn eigen doellijn. Op het moment dat de bal in het doel dreigt te gaan, loopt hij het veld in en glijdt de bal voor de doellijn weg. Op deze wijze voorkomt hij dat er gescoord wordt door de tegenpartij. Wat beslist de scheidsrechter?

A. Hij fluit af, toont de wisselspeler de rode kaart voor het voorkomen van een doelpunt en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de lijn van het doelgebied het dichtst bij de plaats van de overtreding.

B. Hij fluit af, toont de wisselspeler eerst de gele kaart voor het zonder toestemming betreden van het speelveld en vervolgens de rode kaart voor het voorkomen van een doelpunt en hervat het spel met een strafschop.

C. Hij fluit af, toont de wisselspeler de rode kaart voor het voorkomen van een doelpunt en hervat het spel met een strafschop.

D. Hij fluit af, toont de wisselspeler de rode kaart voor het voorkomen van een doelpunt en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de lijn van het doelgebied het dichtst bij de plaats van de overtreding.

Het antwoord had C moeten zijn:  zie regel 12, pagina 51 van de spelregels bovenaan. Een speler, verwijderde speler, wisselspeler of gewisselde speler die het speelveld betreedt zonder de vereiste toestemming van de scheidsrechter en ingrijpt in het spel of in het spel van de tegenstander en daarmee de tegenstander een doelpunt ontneemt of een duidelijke scoringskans, maakt zich schuldig aan een overtreding die met een veldverwijdering moet worden bestraft. De spelhervatting is dan een strafschop( zie 1e zin  blz.51).

Spelregelvraag van de week (20 oktober 2017):

Een aanvaller krijgt de bal toegespeeld en verliest per ongeluk in een duel met een tegenstander zijn schoen. Hij behoudt de bal en speelt ook verder. Vervolgens scoort hij na een lange rush door de bal , met nog maar 1 schoen aan, de doelverdediger te passeren. De scheidsrechter kent het doelpunt toe. Is dat correct?

A. Neen, want volgens de regels moet je onmiddellijk daarna scoren of de bal spelen en nu zat er nog behoorlijk wat tijd tussen.

B. Ja, want een speler die zijn schoen(en) per ongeluk verliest moet dit zo spoedig mogelijk herstellen en niet later dan de eerstvolgende keer dat de bal uit het spel is.

C. Neen, wat de scheidsrechter had het spel moeten onderbreken en de speler moeten manen om zijn uitrusting in orde te gaan maken.

D. Dat mag alleen als hij per ongeluk zijn scheenbeschermer verliest.

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn:  zie regel 12, pagina 20 van de spelregels midden in. Een speler die zijn schoen(en) of scheenbeschermer per ongeluk verliest, moet dit zo spoedig mogelijk herstellen en niet later dan de eerstvolgende keer dat de bal uit het spel gaat; als voordat dit gebeurt de speler de bal speelt en/of een doelpunt scoort, dan wordt het doelpunt toegekend.

Spelregelvraag van de week (27 oktober 2017):

Wanneer mag de scheidsrechter gele en rode kaarten aan spelers gaan tonen?

A. Vanaf het moment dat hij toestemming heeft gegeven om de beginschop te nemen.

B. Vanaf het moment dat hij het speelveld betreedt bij het begin van de wedstrijd.

C. Vanaf het moment dat hij het speelveld betreedt om het te controleren voorafgaand aan de wedstrijd.

D. Vanaf het moment dat hij de kleedkamer verlaat om de spelers op te roepen.

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn:  zie regel 12, Spelregels Veldvoetbal blz. 23 onderaan, Disciplinaire maatregelen. Scheidsrechter heeft de bevoegdheid om gele en rode kaarten te tonen. Dit vanaf het moment dat hij het speelveld betreedt bij het begin van de wedstrijd tot na de wedstrijd inclusief de rust, verlenging en strafschoppenserie.

Spelregelvraag van de week (3 november 2017):

Een speler van ploeg A maakt op het middenveld een onbesuisde overtreding op zijn tegenstander. Nadat de scheidsrechter hiervoor het spel heeft onderbroken, duwt een speler van ploeg B de overtreder hard tegen de borst, die daardoor achterover valt. Wat moet de scheidsrechter nu doen?

A. Hij toont beide spelers (de aanstichters) een gele kaart

B. Hij bestraft speler van ploeg A met geel en speler ploeg B met rood

C. Hij bestraft speler van ploeg A met geel, speler van ploeg B met rood en hervat het spel met een directe vrije schop voor ploeg B, omdat de overtreding van A de zwaarste overtreding was.

D. Hij bestraft speler van ploeg A met geel, speler van ploeg B met rood en hervat het spel met een directe vrije schop voor ploeg B.

Het antwoord had D moeten zijn:  voor de onbesuisde overtreding krijgt de speler van partij A de gele kaart en een directe vrije schop tegen. Daarna maakt de speler van ploeg B zich schuldig aan een gewelddadige handeling, terwijl het spel al was onderbroken. Dit levert hem de rode kaart op. 

Spelregelvraag van de week (10 november 2017):

Nadat de scheidsrechter het teken voor het nemen van een strafschop heeft gegeven, maakt de nemer bij de afronding van zijn aanloop nog een schijnbeweging en hij trapt vervolgens de bal in het doel. Wat moet de scheidsrechter beslissen in deze situatie?

A. Aftrap na geldig doelpunt.

B. Doelpunt afkeuren. Laten hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij vanaf de plaats van de overtreding.

C. Doelpunt afkeuren en hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij vanaf de plaats van de overtreding en een gele kaart tonen aan de nemer van de strafschop.

D. Doelpunt afkeuren en hervatten met een scheidsrechtersbal vanaf de plaats van de overtreding.

Het antwoord op de vraag had C moeten zijn:  Een schijnbeweging maken tijdens de aanloop van de afronding is geoorloofd, doch nadat de aanloop is afgerond niet meer. De strafschop levert dus geen doelpunt op. De verdedigende partij krijgt een indirecte vrije schop en de strafschopnemer een gele kaart wegens onsportief gedrag.

Spelregelvraag van de week (17 november 2017):

Op slag van rust wordt er een doelpunt gescoord. De scheidsrechter kent het doelpunt toe, maar in plaats van nog te laten aftrappen fluit hij direct af voor de rust. Terwijl iedereen nog op het speelveld is, krijgt de scheidsrechter van zijn assistent te horen dat het doelpunt door de aanvaller met de hand is gescoord. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen als hij het advies van zijn assistent-scheidsrechter overneemt?

A. Hij annuleert het doelpunt en laat de spelers gaan rusten

B. Hij annuleert het doelpunt, toont de aanvaller een gele kaart en laat de spelers gaan rusten.

C. Hij annuleert het doelpunt, toont de aanvaller een gele kaart en laat een directe vrije schop nemen op de plaats waar hands was gemaakt. Onmiddellijk hierna fluit hij af voor de rust.

D. Hij kent een doelpunt toe, laat de spelers gaan rusten en meld het voorval aan de bond.

Het antwoord op de vraag had B moeten zijn:  omdat het spel nog niet was hervat en de spelers zich nog op het speelveld bevonden, kan de scheidsrechter alsnog op zijn beslissing terugkomen. Nadat hij de overtuiging heeft gekregen dat het advies van de assistent-scheidsrechter correct is, annuleert hij het doelpunt, toont de hands makende speler een gele kaart en gaat vervolgens rusten omdat de tijd van de eerste helft was verstreken op het moment van affluiten.

Spelregelvraag van de week (24 november 2017):

In welke van de volgende situaties dient het spel te worden hervat met een directe vrije schop (of strafschop) als de overtreding wordt begaan door een veldspeler?

A. Een tegenstander in diens loop belemmeren.

B. Een tegenstander laten struikelen terwijl hij aanloop neemt om een indirecte vrije trap te nemen.

C. Een tegenstander slaan vlak voordat hij een inworp neemt.

D. Het speelveld verlaten tijdens het spel om een wisselspeler een klap te geven.

Het antwoord had D moeten zijn:  een tegenstander in diens loop belemmeren is obstructie en geeft een indirecte vrije schop. Bij antwoord B en C is de bal niet in het spel en kan er nooit een nieuwe spelstraf worden opgelegd. Dus is antwoord D het enige juiste antwoord. 

Spelregelvraag van de week (1 december 2017):

Tijdens het spel ziet de scheidsrechter dat een wisselspeler vanuit de dug-out spuwt naar de assistent-scheidsrechter, die voorbij komt lopen. Wat moet de scheidsrechter beslissen als hij hiervoor het spel onderbreekt, terwijl de bal net buiten de middencirkel is?

A. De wisselspeler wordt weggestuurd en het spel wordt hervat met een directe vrije schop nabij de middencirkel.

B. De wisselspeler wordt weggestuurd en het spel wordt hervat met een directe vrije schop op de zijlijn het dichtst bij de plaats waar de assistent werd bespuwd.

C. De wisselspeler wordt met rood weggestuurd en het spel wordt hervat met een directe vrije schop op de zijlijn het dichtst bij de plaats waar de assistent werd bespuwd.

D. De wisselspeler wordt met rood weggestuurd en het spel wordt hervat met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter het spel onderbrak.