Johan Roeders spelregelkampioenschap 2018-2019

Op deze pagina kun je alle vragen + antwoorden (inclusief toelichting) vinden van alle tot nu toe gespeelde rondes van het Johan Roeders spelregelkampioenschap 2018-2019.

Ronde 1 (juli 2018)

Vraag 1) Na een duel raken twee tegenstanders geblesseerd en hebben beide verzorging nodig. Een van deze spelers wordt direct door zijn trainer gewisseld voor een klaarstaande wisselspeler. Wat moet de scheidsrechter doen als hij vond dat bij het duel geen overtreding werd gemaakt?

A. Hij laat beide spelers het speelveld verlaten en laat daarna het spel hervatten. Vervolgens geeft hij de speler van partij B toestemming om weer mee te doen en bij de eerstvolgende onderbreking laat hij de wisselspeler van partij A toe.

B. Hij laat partij A wisselen en laat de speler van partij B het veld verlaten. Nadat het spel hervat is geeft hij de speler van partij B toestemming om het veld weer te betreden.

C. Hij laat beide spelers het speelveld verlaten en laat daarna het spel hervatten. Bij de eerstvolgende onderbreking laat hij de wisselspeler van partij A toe en de speler van partij B.

D. Hij staat de wissel van partij A toe en laat de speler van partij B op het speelveld blijven.

Het juiste antwoord was: B

Toelichting: Regel 5, blz. 26. Als de blessure(s) geen gevolg is van een overtreding wordt het spel hervat met een scheidsrechtersbal. Spelers die op het speelveld worden behandeld moeten het speelveld verlaten, voordat het spel wordt hervat. Omdat speler van partij A niet meer terugkomt, kan daarvoor direct een wisselspeler worden ingezet. Opgelapte speler van partij A moet wachten totdat het spel is hervat en mag dan vanaf de zijlijn na toestemming van de Sr. weer het veld betreden.

Vraag 2) Wat moet de scheidsrechter doen als hij heeft gefloten omdat een gewisselde speler vanaf de bank een voorwerp heeft gegooid naar een speler die binnen het speelveld liep?

A. Hij toont de gewisselde speler de rode kaart en laat het spel hervatten met een directe vrije schop voor de tegenpartij vanaf de plaats waar de speler geraakt werd of geraakt zou zijn.

B. Hij stuurt de gewisselde speler van het speelveld en de directe omgeving en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij vanaf de plaats waar de speler werd geraakt of geraakt zou zijn.

C. Hij toont de gewisselde speler de rode kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal vanaf de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

D. Hij stuurt de gewisselde speler van het speelveld en de directe omgeving en laat het spel hervatten met een directe vrije schop voor de tegenpartij vanaf de plaats waar de speler geraakt werd of geraakt zou zijn.

Het juiste antwoord was: A

Toelichting: Regel 12. Het gooien van een voorwerp wordt uitgelegd als ernstig gemeen spel dan wel een gewelddadige handeling en voor die overtreding geldt als straf veldverwijdering. (blz. 56). Als een gewisselde speler een voorwerp op het speelveld gooit naar een tegenstander, dan wordt het spel hervat met een directe vrije schop (of strafschop) op de plaats waar het voorwerp het spel beïnvloedde of de tegenstander raakte of geraakt zou hebben (blz. 58).

Vraag 3) Een verdediger, die verzorgd is bij de zijlijn, komt zonder toestemming van de scheidsrechter het speelveld in. Een aanvaller loopt op dat moment in het strafschopgebied van de tegenpartij met de bal aan de voet in de richting van het verlaten doel. De bal wordt hem echter correct afgenomen door de zojuist in het speelveld gekomen verdediger. Hoe dient de scheidsrechter te handelen?

A. Hij onderbreekt het spel, kent een indirecte vrije schop toe en toont de verdediger de rode kaart wegens het ontnemen van een duidelijke scoringskans.

B. Hij onderbreekt het spel, toont de verdediger de rode kaart en hervat met een strafschop.

C. Hij fluit af, geeft een indirecte vrije schop aan de aanvallende partij en toont de verdediger de gele kaart wegens het zonder toestemming betreden van het speelveld.

D. Hij laat doorspelen en toont de verdediger de gele kaart tijdens de eerstvolgende onderbreking, wegens het zonder toestemming betreden van het speelveld.

Het juiste antwoord was: B

Toelichting: Regel 12 blz. 56. Wanneer een speler het speelveld opnieuw betreedt zonder toestemming van de scheidsrechter, dan moet de scheidsrechter het spel onderbreken als deze speler ingrijpt in het spel. Als niet gerechtigde speler op dat moment ontneemt hij de tegenpartij een duidelijke scoringskans, voor welke overtreding de rode kaart moet worden getoond en de spelhervatting voor deze overtreding is een strafschop voor de tegenpartij. Had de speler niet ingegrepen, dat had de Sr. kunnen volstaan met het tonen van een gele kaart aan de speler, die zonder toestemming in het speelveld was gekomen.

Vraag 4) Op het moment dat de bal in het doelgebied is, raken twee tegenstanders met elkaar in gevecht op de rand van het doelgebied. De scheidsrechter onderbreekt het spel en toont beide spelers de rode kaart. Hoe en waar moet hij het spel nu hervatten?

A. Het spel moet worden hervat met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

B. Het spel moet worden hervat met strafschop

C. Het spel moet worden hervat met een scheidsrechtersbal op een willekeurige plaats in het doelgebied.

D. Het spel moet worden hervat met een scheidsrechtersbal op de plaats waar het gevecht plaatsvond.

Het juiste antwoord was: B

Toelichting: Regel 5, blz. 25. Wanneer meer dan één overtreding tegelijkertijd wordt begaan, wordt de ernstigste overtreding in termen van sanctie, hervatting, fysieke ernst en tactische gevolgen bestraft. Overtreding van verdediger betekent een strafschop voor de aanvallende ploeg. Overtreding van de aanvaller betekent een directe vrije schop voor de verdedigende ploeg. Spelhervatting derhalve de strafschop en voor het met elkaar in gevecht raken krijgen beide spelers de rode kaart getoond.

Vraag 5) Bij een aanval door de tegenpartij stapt een verdediger opzettelijk over de zijlijn, omdat hij denkt dat je zodoende een aanvaller buitenspel kunt zetten. Nadat de doelman de bal heeft gevangen stapt de verdediger weer het speelveld in. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen?

A. Hij laat doorspelen en zal de verdediger bij de eerstvolgende onderbreking een gele kaart tonen wegens het zonder toestemming verlaten en betreden van het speelveld.

B. Hij onderbreekt en zal de verdediger een gele kaart tonen wegens het zonder toestemming verlaten en betreden van het speelveld. Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken.

C. Hij laat doorspelen.

D. Hij onderbreekt het spel en zal de verdediger een gele kaart tonen wegens het zonder toestemming verlaten en betreden van het speelveld. Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de verdediger het veld in kwam.

Het juiste antwoord was: A

Toelichting: Regel 11, blz. 50. Een verdediger die het speelveld verlaat zonder toestemming van de scheidsrechter, wordt geacht zich op de eigen doellijn of zijlijn te bevinden, met het oog op het beoordelen van buitenspel, tot de volgende onderbreking van het spel of totdat de verdedigende partij de richting te middenlijn heeft gespeeld en deze buiten het eigen strafschopgebied is. Omdat de speler het speelveld met opzet verliet, moet hij bij de eerstvolgende onderbreking een waarschuwing ontvangen door het tonen van een gele kaart.

Ronde 2

Vraag 1) Een speler bevindt zich op de zijlijn en beledigt van daaruit op grove wijze een toeschouwer
die zich achter de omheining bevindt. De scheidsrechter hoort dit, onderbreekt het spel en
zendt de speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart. Wat is de juiste spelhervatting?

A. Een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding, omdat het hier gaat om een overtreding, niet elders genoemd in Regel 12, waarvoor het spel wordt onderbroken om de speler van het speelveld te zenden.

B. Een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken, omdat het een overtreding is van binnen het speelveld naar iemand buiten het speelveld.

C. Een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken, omdat het een overtreding is binnen het speelveld tegen een ander persoon.

D. Een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was op het moment van onderbreken,  omdat de scheidsrechter het noodzakelijk acht om het spel tijdelijk te onderbreken voor  een reden die niet elders in de spelregels wordt genoemd.

Het juiste antwoord is C.

Toelichting: Regel 12, blz. 57 onder 4. Als de bal in het spel is en een speler begaat een overtreding binnen het speelveld tegenover een ander persoon( en daartoe behoort een toeschouwer) dan is de spelhervatting en scheidsrechtersbal en wel op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

Vraag 2) Een aanvaller staat duidelijk in buitenspelpositie, terwijl een medespeler op doel wil schieten. Het schot mislukt en dreigt meters naast het doel over de doellijn te gaan. Omdat zijn partij achter staat wil de doelverdediger de bal in het spel houden en probeert de bal te vangen. De bal glipt echter uit zijn handen en komt voor de voeten van de buitenspel staande aanvaller terecht, die direct scoort. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. Hij keurt het doelpunt af en hervat het spel met een indirecte vrije schop voor de verdedigende partij op de plaats waar de aanvaller stond toen hij de bal ontving.

B. Hij keurt het doelpunt af en laat het spel hervatten met een doelschop.

C. Hij keurt het doelpunt af en hervat het spel met een indirecte vrije schop voor de verdedigende partij op de plaats waar de aanvaller stond toen zijn medespeler op doel schoot.

D. Hij keurt het doelpunt goed en laat het spel hervatten met een aftrap na een geldig doelpunt.

Het juiste antwoord is D

Toelichting: Regel 11, blz.49 3e alinea van onderen. De buitenspel staande speler maakt geen overtreding. Hij ontvangt de bak van de tegenstander ( de doelman) die de bal bewust speelt en daardoor wordt hij niet beschouwd als een speler die voordeel trekt uit zijn buitenspelpositie. Dus hier wordt gewoon een geldig doelpunt gemaakt.

Vraag 3) De doelman heeft de bal zonder probleem gevangen. Een aanvaller staat rustig voor de doelman, zonder deze te hinderen. Als de doelman om deze aanvaller heen wil lopen, glijdt hem de bal uit zijn handen. Hij probeert nog tevergeefs te verhinderen dat de aanvaller in balbezit komt. Hij raakt de bal nog wel met zijn handen aan, maar de aanvaller weet de bal toch in het doel te schieten. Wat zal de scheidsrechter nu moeten beslissen?

A. Hij keurt het doelpunt af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de doelman op de plaats waar de aanvaller de doelman aanviel.

B. Hij kent een doelpunt toe en laat hervatten met een aftrap na een geldig doelpunt.

C. Hij keurt het doelpunt af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de aanvallende partij op de plaats waar de doelman de bal voor de tweede keer met de handen aanraakte.

D. Hij keurt het doelpunt af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de doelman op de plaats waar de aanvaller de doelman aanviel. De aanvaller ontvangt een waarschuwing door het tonen van de gele kaar

Het juiste antwoord is B.

Toelichting: Regel 12, blz. 53 onder 2. Hier wordt niet voorkomen dat de doelman de bal uit zijn handen in het spel kan brengen. De doelman maakt zelf een fout en de bal is nu niet meer in bezit van de doelman en het daarna gescoorde doelpunt is dus geldig.

Vraag 4) Een aanvaller is in de netruimte van het doel van de tegenpartij terecht gekomen. Bij een schot op doel roept de aanvaller vanaf die positie iets naar de doelverdediger, die daardoor wordt afgeleid en de bal verdwijnt in het doel. Welke spelhervatting is van toepassing?

A. Aftrap na geldig doelpunt.

B. Indirecte vrije schop voor de verdedigende partij binnen het doelgebied.

C. Indirecte vrije schop voor de verdedigende partij op de lijn van het doelgebied die evenwijdig loopt aan de doellijn, zo dicht mogelijk bij de plaats van de overtreding.

D. Scheidsrechtersbal op de lijn van het doelgebied die evenwijdig loopt aan de doellijn, zo dicht mogelijk bij de plaats van de overtreding.

Het juiste antwoord is B

Toelichting: Hier is sprake van onsportief gedrag, waarvoor de verdedigende partij een indirecte vrije schop krijgt. Een indirecte vrije schop voor de verdedigende partij mag worden genomen vanaf iedere plaats binnen het doelgebied.

Vraag 5) Een wisselspeler staat aan de zijlijn klaar om in te vallen. Vanuit die positie maakt hij op niet mis te verstane wijze aanmerkingen op de leiding van de scheidsrechter, omdat die niet voor een vermeende overtreding heeft gefloten. De scheidsrechter hoort dit en onderbreekt het spel. Hij toont de wisselspeler de gele kaart. Hoe wordt het spel nu hervat?

A. De scheidsrechter hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding.

B. De scheidsrechter hervat het spel met een SR-bal op plaats van de bal bij  affluiten.

C. De scheidsrechter hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding.

D. De scheidsrechter hervat het spel met een indirecte vrije schop op de zijlijn.

Het juiste antwoord is D.

Toelichting: Regel 12, blz. 57. De wisselspeler staat buiten het speelveld en maakt zich schuldig aan het door woord of gebaar tonen het niet eens te zijn met een beslissing van de scheidsrechter. De scheidsrechter toont hem voor dit onsportieve gedrag de gele kaart. De spelhervatting is een indirecte vrije schop op de zijlijn het dichtst bij de plaats waar de overtreding plaatsvond.

Ronde 3

Vraag 1) Een speler plaatst zichzelf tussen een tegenstander en de bal. De bal is niet binnen speelbereik en de speler tracht op deze wijze de tegenstander op correcte wijze van de bal te houden. Hij maakt bij deze actie wel contact met zijn tegenstander. Wat moet de scheidsrechter hier beslissen?

A. Hij laat doorspelen, want hij mag op deze wijze verhinderen dat de tegenstander de bal kan spelen.

B. Hij kent een indirecte vrije schop toe voor het op onreglementaire wijze de tegenstander te belemmeren de bal te spelen.

C. Hij kent een directe vrije schop toe, omdat hier sprake is van een overtreding die gepaard gaat met contact en dan wordt deze bestraft met een directe vrije schop of strafschop.

D. Hij laat doorspelen want lichamelijk contact is ook geoorloofd bij het belemmeren van de tegenstander om de bal te spelen ook al is deze niet binnen speelbereik.

Het juiste antwoord is C.

Toelichting: Regel 12, blz. 54 bovenaan. Omdat de bal niet binnen speelbereik is, wordt er een overtreding gemaakt en daarnaast wordt er ook nog contact gemaakt. Het spel moet worden onderbroken en er dient een directe vrije schop te worden toegekend.

Vraag 2) Een aanvaller en een verdediger gaan een luchtduel aan, waarbij beide spelers naar de bal springen. De aanvaller heeft daarbij zijn arm onreglementair hoog geheven en raakt de verdediger daarmee op onbesuisde wijze tegen het hoofd. Deze blijft geblesseerd liggen en heeft verzorging nodig. Welke handeling van de scheidsrechter is niet correct?

A. Hij vraagt de fysio en/of dokter het veld in voor behandeling.

B. Hij hervat het spel met een directe vrije schop.

C. Na behandeling moet de verdediger aan de zijlijn wachten op een teken van de scheidsrechter om het speelveld weer te betreden.

D. Hij toont de aanvaller een gele kaart.

Het juiste antwoord is C.

Toelichting: Omdat de verdediger verzorging nodig had door de overtreding van de aanvaller, die daarvoor de gele kaart getoond heeft gekregen, hoeft de verdediger het speelveld niet tijdig te verlaten.

Vraag 3) In het strafschopgebied van de tegenpartij staat een aanvaller op het moment van spelen in buitenspelpositie en beïnvloedt het spel als hij vervolgens een duel aangaat met de verdediger. De aanvaller wil de bal koppen, maar dit wordt vervolgens verhinderd doordat de verdediger daarna een overtreding begaat door zijn tegenstander vast te houden. Hoe moet de scheidsrechter nu handelen?

A. De scheidsrechter moet de ernstigste overtreding bestraffen en kent dan ook een strafschop toe.

B. De scheidsrechter hervat het spel met een scheidsrechtersbal, omdat zowel het buitenspel als het vasthouden bijna gelijktijdig plaats vinden.

C. Hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal, omdat beide overtredingen even ernstig zijn.

D. Hij hervat het spel met een indirecte vrije schop voor strafbaar buitenspel, omdat het moment van beïnvloeden er eerder was dan het vasthouden.

Het juiste antwoord is D.

Toelichting: Hier worden verschillende overtredingen gemaakt, maar niet gelijktijdig en daarom dient de eerste overtreding te worden bestraft en dat was buitenspel, waarvoor dus een indirecte vrij schop moet worden toegekend.

Vraag 4) Als de bal over de doellijn dreigt te gaan, komt een ballenjongen het veld inlopen en schopt de bal naar de doelverdediger, omdat hij dacht dat de bal al over de doellijn zou gaan. De SR onderbreekt het spel, hoe dient hij het spel te hervatten?

A. Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal over de doellijn zou zijn gegaan.

B. Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de ballenjongen de bal raakte.

C. Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter af floot.

D. Met een scheidsrechtersbal op de doellijn waar de ballenjongen het speelveld inkwam.

Het juiste antwoord is C

Toelichting: Regel 5, blz. 26, invloed van buitenaf. De bal was nog in het spel en door de aanraking van de bal door een ballenjongen, dient de Sr. het spel te onderbreken. De loop van het spel werd door de ingreep beïnvloed. Hij moet het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter het spel onderbrak.

Vraag 5) De aftrap moet aan een aantal voorwaarden voldoen, maar welke voorwaarde van de
onderstaande 4 is niet juist?

A. Alle spelers moeten zich op eigen speelhelft bevinden.

B. Bevinden alle tegenstanders van de nemer zich op tenminste 9.15 meter van de bal totdat deze in het spel is.

C. De bal moet stilliggen op de middenstip.

D. De bal is in het spel, wanneer deze is getrapt en duidelijk beweegt.

Het juiste antwoord is A.

Toelichting: Regel 8 blz 40, De Aftrap. Voor elke aftrap bevinden alle spelers zich op eigen speelhelft. Dit geldt echter sinds enige tijd niet voor de nemer van de aftrap. De overige 3 voorwaarden zijn correct.